waarnemen

Schrijfoefening: Eerlijk delen

Een deel wil het wel, een ander deel is nog aan het wennen. Delen, delen is maar een rekenkundige bewerking, net als aftrekken of vermenigvuldigen. De som der delen is soms meer dan het geheel. Soms is een deel een plaats waar gedorst wordt, soms is het iets waar dorst door ontstaat. Soms is het een gedeelte dat het gedeelde wil zijn. Een metameer van het geheel van het leven. Onschuldig zonder ervaring heb je part noch deel. Ten dele deelgenoot. Zal het jou ten deel vallen? Delen is ook eerlijk splitsen zodat iedereen zijn deel krijgt; iedereen blij. Delen zodat iedereen zijn deel krijgt. Wat wil jij in het leven mededelen? Wil jij meedelen? Zou de ander zijn of haar deel willen delen? Verwachtingen dat jij ook deelt? Delen van mensen kan niet, alhoewel vierendelen wel, delen van ervaringen wel. Zie je delen als de som of zie je delen als iedereen krijgt zijn deel? Wat is jouw aandeel? Wat wil jouw onderdeel? Een gedeelte wil ervaringen delen als gedeelde. Een part in het leven ter ontleding. Denken is een deel, net als voelen. Schuld, schaamte, spijt zijn gedachtengestuurde gevoelens. Schuld is een gevoel dat hoort bij een ik als deel, en niet als geheel. Schuld kan alleen zijn als je jezelf als deel ziet. Schuld is een gevoel dat ontstaat na een oordeel; een gevoel dat een waardeoordeel van een gedachte volgt van het ego. Vaak in een verbond een gedachte aan verraad waarbij je het samen als losse ikken ziet. Dat is geen verbond, niet het geheel, enkel alleen, een deel. Leven kan betekenen dat je anders doet dan anderen, eigen keuzes maakt, voor jezelf of samen. Nieuwe ervaringen jezelf ontzeggen om de schijnveiligheid van het verwachte te ontmoeten als grenzen stellen beperkt de vrijheid. Vrijheid. Verstoppen van delen, verstoppen van kracht, verstoppen van jezelf, doen alsof is werkelijk verraad aan jezelf en het verbond. Vertrouwen ontstaat door openheid, tonen van kracht, tonen van jezelf in alle weerloze naaktheid. Denken, elke en alle gedachten, beïnvloedt het voelen, voel de illusie van de illusie. Verstoppen van jezelf, verstoppen van delen van jezelf voor het verbond levert wantrouwen in het verbond. Wanneer jij je verstopt verwacht je hetzelfde van de ander. Wanneer jij je werkelijke zelf toont kan er enkel vertrouwen worden gevoeld. Nieuw maakt het oude niet minder waard. Kracht opgeven om het oude in balans te houden is vastklampen aan de illusie dat het is, jouw eigen ik als ding. Jouw eigen ik als ding zou je kunnen delen, opdelen, maar jij bent geen ding, je bent veel meer dan dat. Je bent. Je doet. Je bent niet wat je doet. Je bent vrij om te doen wat je wilt. Wat je doet verandert jou niet, hooguit wat illusies die je over jezelf hebt. Illusies zoals ‘ik kan het niet’. Illusies over wat je denkt te zijn. De ontdekking van vrijheid van deze illusies. Alle illusies beperken wat je kan zijn. Alles wat je denkt en gelooft over jezelf is een fantasie, net als de fantasieën die je wel als fantasie herkent. Welke fantasie kies je? Een droom is net zo echt als jouw perceptie van jezelf als je fantasieën. Het bestaat enkel in gedachten, en gedachten komen en gaan. Gedachten zijn illusies van kennis, de handeling en de interactie met de werkelijkheid is de realiteit, dat is waar het werkelijk om gaat. Dat is echt. Welke interactie kies jij? Denken of waarnemen. Praten in jezelf en oordelen, of zintuiglijke waarneming. Leven, of op een toneel je deel van het stuk opvoeren. Kracht is niet intentie. Kracht is geen reden nodig hebben anders dan willen voelen voor de ervaring, willen doen uit nieuwsgierigheid, je gedachten de ruimt te geven om te bevrijden. Kracht is ontdekken, aannemen is verstoppen. Kracht is het geheel, denken is een deel. Kracht is deelnemen, beperken is missen. Ontdekken is spiritualiteit, het onstoffelijke ervaren. Beperken is het fysieke, het aardse, het oordelen, het toneelstuk. Een verbond in het fysieke is een schijnvertoning, het geheim van echt verbinden is spiritueel, de onstoffelijke verbintenis. Benadrukking van het spirituele, het onstoffelijke door het taboe stoffelijk te doorbreken geeft spirituele groei. Het stoffelijke vernietigen geeft vertrouwen, geeft zekerheid, geeft vrijheid in het onstoffelijke door de schijnveiligheid van het stoffelijke te doorbreken. Wantrouwen, onzekerheid en beperkingen in vrijheid bestaan enkel in het stoffelijke. Schaamte wordt schuld door geloof in het stoffelijke. Schuld alsof de intentie van de kracht die jij in je hebt slecht is. Alsof het een zonde is om te leven met kracht, alsof je krachteloos en zwak zou moeten volgen wat anderen vinden. Wanneer jij je kracht niet toont, kan ook niemand je kracht waarnemen. Je krijgt dan een verbond van schijn-zelven in onmacht. In het onstoffelijke verbond, op spiritueel niveau een verbond aangaan betekent kiezen voor een open en schuldvrij verbond, op een hoger niveau relateren. Van geheel mens tot geheel mens in plaats van enkele rol tot enkele rol, van deel tot deel, van illusie tot illusie. Wil jij je beperken tot een deel van het leven of wil jij het leven geheel leven? Wil jij stoffelijk en beperkt, of wil jij spiritueel en vrij? Verwarring is natuurlijk wanneer je kiest voor je kracht. Het is nieuw, je doorbreekt het verwachte, het spirituele is de weg van ontdekking en dus onbekend. Onbekend is verwarrend want je houvast is niet meer vastklampen aan de oude illusies, en vertrouwen op de kracht die jij in jezelf hebt. In vertrouwen op de kracht doen leidt tot liberatie, bevrijding, van de oude illusies, en een nieuwe houvast in de zekerheid van je eigen kracht. Oude houvast aan je oude rol en aan de identificatie met je lichaam als jezelf, kracht uit het spirituele. Jezelf zien als lichaam in een verbond maakt delen in een verbond, jezelf zien als onstoffelijk geheel van het verbond maakt het verbond sterker. Een verbond met een lichaam, of een verbond met ideeën, gedachten, kracht, zienswijzen, ervaringen, ontdekkingen. Een stoffelijk verbond heeft orde nodig, en dus gehoorzaamheid en verantwoording, een onstoffelijk verbond is vrij, waardevol, vernieuwend, echt, vol van vertrouwen, respectvol en gelijkwaardig. Zonder de kracht geparalyseerd in het lichaam, in de illusie, in het stoffelijke. Met de kracht ontdekken door ervaren, wat wel bij je past. Misschien wat ongemakkelijk en nieuw, spannend, maar goed. Waar fouten na ervaring in plaats van schuld, schaamte of spijt leiden tot inzicht. Waar je je spirituele zelf erkent, het onstoffelijke zoekt, en je situaties in eigen hand neemt. Laat de ware aard toe in het verbond. Een echt verbond kan je niet verliezen. Een echt verbond verliezen doordat je de echtheid beperkt, het stoffelijke boven het onstoffelijke stelt, een schijnverbond leven, betekent dat je jezelf niet geeft wat er in zit. Onconditioneel in verbond, of de eigen agenda’s langs elkaar zonder connectie. Schuld, verlegenheid, schaamte en spijt zijn donkere gevoelens; gevoelens die niet van jou zijn. Spijt signaleert simpelweg dat we in een eerdere staat van ontkenning onwetend zijn geweest, wat goed is… toch? Spijt is interne schaamte, schaamte is gericht op anderen. Immaterieel of materieel. Sociale emoties die het ego ervaart veelal door culturele overtuigingen.

Posted by Rutger in Archief

Visie persoonlijke realisatie

Een (vind ik) leuke kreet die ik graag gebruik is “Persoonlijke realisatie”, maar wat bedoel ik daar mee?

Ik bedoel dat de stap van persoonlijke groei maar een stap is in een proces, het proces van leven. Een continu proces van waarnemen, ontdekken, toelaten, en nieuwe mogelijkheden ontdekken. En dat stopt niet wanneer je ergens over leest, een bepaald onderwerp kent; een (deel-)proces stopt pas wanneer je de kennis hebt vergaard (KENT), de kennis kan toepassen in de praktijk (KUNT), en weet wat de voordelen en nadelen van handelen op een bepaalde manier zijn, zodat je in een specifieke situatie een goede keuze kan maken (KIEST). Als vanzelf, omdat je kennis, kunnen en voordelen/nadelen hebt geïntegreerd.

Persoonlijke groei is ontdekken dat er nieuwe manieren van handelen en denken er zijn, om nieuwe wegen/mogelijkheden te krijgen naar meer flexibel gedrag, lezen/leren over deze manieren, ongestructureerd, ongericht. NLP kan daar structuur aan geven.

Persoonlijke realisatie is persoonlijke groei, maar dan gestructureerd, gericht. Gebaseerd op jouw specifieke wensen en eisen, doelen, voorkeuren, prioriteiten, op waar je wel of niet iets mee hebt. Uitbreiding van je kennen, kunnen en keuzes opdat je arsenaal aan mogelijkheden niet alleen groeit, maar ook daadwerkelijk gebruikt wordt. Realisatie is pas klaar als het staat; als je het ook daadwerkelijk doet (of niet doet).

De basis voor groei daarbij is jouw huidige startpunt. Jij. Wat bij jou past. Dus geen dogmatische aanpak, zo moet je het doen, maar alternatieven: je zou het ook zo kunnen doen. Meer wegen in plaats van omleidingen. Waarbij je ofwel met een backpack op ontdekkingsreis gaat en verwondert blijft staan genieten, ofwel gericht een reisdoel stelt en je reis plant en uitvoert.

Je bent bezig met persoonlijke groei als je de dingen juist doet.

Je hebt persoonlijke realisatie bereikt als je de juiste dingen doet, vanuit jezelf.

Posted by Rutger in Archief

Het NLP Communicatiemodel

Waarnemen en het NLP communicatiemodel

Waarnemen en het NLP communicatiemodel

Op een mooie dag schijnt de zon. Je weet dat doordat je de zon kan zien, en haar warmte kan voelen. Waarnemen doe je met je zintuigen. Kijken, horen, voelen, proeven, ruiken.

Zo ervaar je de werkelijkheid. Echter, besef je dat:

  • Je zintuigen niet alle signalen kunnen opvangen. Ze zijn er simpelweg niet voor gebouwd. Bijvoorbeeld: de ultraviolette en röntgenstraling van de zon neem je niet waar. Dat betekent dat de werkelijkheid GROTER en MEER is, dan wij kunnen waarnemen.
  • Je zintuigen werken met receptoren. En deze receptoren werken stapsgewijs. Ze onderscheiden signalen aan de hand van een minimale hoeveelheid prikkeling. Bovendien moet er een minimale hoeveelheid prikkeling zijn voordat de receptoren reageren, en de fysische energie omzetten in fysiologische energie, naar zintuigstromen naar de hersenen.

Er zijn dus allerlei signalen, een deel daarvan worden opgevangen door onze zintuigen, en onze zintuigen sturen deze signalen door naar ons brein. In NLP gaat het NLP communicatiemodel gaat over het verwerken van de beperkte signalen die we ontvangen in ons brein.

Verwerking van de signalen in de hersenen: het NLP communicatiemodel

Het NLP communicatiemodel geeft schematisch weer hoe het brein werkt; hoe het omgaat met signalen die onze zintuigen versturen.

  • Eerst worden de signalen gefilterd: er wordt informatie weggelaten, vervormd en gegeneraliseerd.
  • Op basis van deze gefilterde informatie wordt in onze hersenen een beeld geschetst van wat we denken waar te nemen: de interne voorstelling.
  • Deze interne voorstelling wordt gekleurd door zowel de fysiologie als de stemming (deze drie hebben een wisselwerking).  Samen bepalen deze drie vervolgens hoe de reactie op de ontvangen signalen zal zijn.
NLP communicatiemodel

NLP communicatiemodel

Posted by Rutger in NLP handleiding

Predicaten

Predicaten zijn in NLP woorden die iemand gebruikt, die kunnen duiden op het gebruik van een bepaald representatiesysteem, oftewel of de (huidige) interne representatie voornamelijk opgebouwd is uit plaatjes, geluiden, gevoelens, smaak, geur en reuk of gedachten. Predicaten zijn een mooi voorbeeld hoe NLP zich meer richt op het proces van communicatie dan op de inhoud van de boodschap.

Als gesprekspartner, begeleider, coach kun je matchen op wat iemand in woorden (predicaten) aan je verteld. Dit brengt je in rapport met elkaar. Bijvoorbeeld: Iemand verteld je: ”Ik zie het niet, ik heb er geen beeld bij.” Als antwoord kun je matchen door: “Ik zie wat je bedoeld.” Je stemt af op het representatiesysteem in plaatjes door dezelfde soort predicaten te gebruiken. Wanneer je wilt matchen in predicaten terwijl je nog niet helder hebt wat de ander als voorkeur heeft (nu), dan gebruik je a-specifieke (auditief digitale; praten in gedachten/denken) predicaten (je gesprekspartner zal zelf de vertaling maken naar het huidige voorkeurssysteem).

Je kunt ook mismatchen op wat iemand je in woorden (predicaten) verteld. Hiermee bereik je verandering. Je geeft de ander de mogelijkheid om voorbij de grenzen van zijn/haar wereldmodel te gaan, dit model te onderzoeken en uit te breiden. Zijn/haar gezichtsveld wordt groter, of er worden nieuwe mogelijkheden gezien, andere verbindingen worden gelegd. Door te reageren vanuit andere predicaten ‘dwing’ je een andere invalshoek. Bijvoorbeeld: “Ik voel mij hier niet goed onder, er ligt een zware last op mijn schouders.” Als antwoord kun je mismatchen door op deze kinesthetische predicaten te reageren met visuele predicaten als: “Hoe zie je het als je er van af hier naar kijkt?”

Visuele predicaten: praten in plaatjes

Aspect, beeld, blijken, blik, contrast, droom, duidelijk, focus, getuige, glimp, gloed, helder, hoek, horizon, illusie, illustreren, inspecteren, inzicht, kijken, kleurrijk, nauwkeurig, obscuur, observeren, onderscheiden, onderzoeken, ontruimen, opvallen, overzicht, perceptie, plaatje, scene, schetsen, scope, starende blik, stralend, toespitsen, uitstekend, uitzicht, vaag, verdacht, verduister, verschijnen, visie, voorgrond, vooruitzichten, voorzien, waakzaam, wazig, weerspiegelen, zicht, zichtbaar, zien.

De andere kant opkijken, beeld schetsen, duistere zaak, glimp opvangen, kijkje nemen, schitterend idee, steelse blik, er op toezien, het schijnt dat, geen schijn van kans, het is me niet duidelijk, in het licht van, door de vingers zien, doorzien, in het niets staren, inzien dat, je oog laten vallen op, kleur bekennen, lust voor het oog, met het blote oog, oog in oog, over het hoofd zien, perspectief krijgen op, verborgen boodschap, zich illusies maken, zicht hebben op, oogje in het zeil houden, ik zie het zitten, u heeft een ander gezichtspunt nodig, ik zie licht aan het eind van de tunnel, ik heb meer overzicht nodig, veel kleurrijke mensen hier, hij heeft er een goed oog voor, zij blinkt echt uit, dat ziet er rooskleurig uit, lijkt mij, in vogelvlucht, in de juiste verhoudingen, in groter verband zien, in een glimp opgevangen, een vaag idee, een heldere toekomst, in het licht van, een beeld schetsen, ziet er uit als een plaatje, er op toezien, kortzichtig, fraai om te zien, tunnelvisie, onder de loep nemen, lichtpuntje zien, uitzichtloos, hoog aanzien.

Wanneer ik je een aantrekkelijk voorstel zou tonen, wil je dan bekijken of het is wat je voor ogen hebt?

Auditieve predicaten: praten in geluid

Aankondigen, articuleren, bekendmaken, bellen, bespreken, bespreking, bulderen, communiceren, converseren, discussiëren, dissonantie, echo, formuleren, gehoorafstand, gejank, geluid, geratel, gesprek, gieren, gillen, harmonie, hoorbaar, horen, informeren, instemmen, knarsen, lawaai, luid, luidruchtig, luisteren, mondeling, monotoon, noemen, opmerken, opmerking, praten, rapporteren, ritme, roddelen, rumoer, schel, schreeuw, schreeuwen, sprakeloos, spreken, stem, stilte, sussen, toon, uitroepen, uitspreken, verklaren, verkondigen, vermelden, vertellen, vocaal, vraag, zeggen.

Afstemmen op, bij wijze van spreken, binnen gehoorsafstand, dat doet een belletje rinkelen, de waarheid vertellen, een kletskous zijn, een mening uiten, het ene oor in en het andere uit, het hoogste woord voeren, iemand aanhoren, iemand de mond snoeren, iemands hulp inroepen, iets doorpraten, iets verwoorden, in harmonie zijn, je mond houden, je oor te luisteren leggen, kletspraat verkopen, luidkeels roepen, nooit van gehoord, uitgesproken, klinkt goed, ik kan het niet meer horen, je zou ook eens naar een ander kunnen luisteren, mijn stem heb je, daar kan ik mee instemmen, ik was onverstaanbaar, Oost-Indisch doof, hij is een goed klankbord, klinkt als een klok, de waarheid zeggen, gehoor geven aan, bij wijze van spreken, laat eens wat horen, schreeuwende kleuren.

Wanneer ik je zou vertellen wat mijn voorstel is, zou je willen luisteren of je er oren naar hebt?

Kinesthetische predicaten: praten in gevoelens

Aandrang, aanraken, aanvoelen, absorberen, beroeren, beweging, druk, drukte, eelt (op ziel), energie, flexibel, fundering, gebonden aan, geslagen, gestructureerd, gevoelig, gloed, grijpen, in de war, intuïtie, lauwwarm, leeghoofdig, nadruk, ongemakkelijk, ontspannen, onverdraaglijk, paniekerig, richting, rilling, ruw, schok, spanning, steun, stevig, stortvloed, stress, stromen, temperatuur, trillen, vastklampen, verdoofd, voelen, warm, zacht, zeer.

Alle uitdrukkingen met lichaamsdelen.

De bovenhand krijgen, de fantasie prikkelen, de kaarten op tafel leggen, de touwtjes in handen hebben, een doortastend persoon, greep krijgen op, hand in hand, het in je vingertoppen voelen, iemand de rug toekeren, iemand voor de voeten lopen, iets doorgeven, iets laten bezinken, iets vasthouden, in aanraking komen met, in contact blijven met, in een handomdraai, op het rechte pad blijven, op je tanden bijten, op je tenen lopen, stap voor stap, vastklampen aan, vlijmscherp, in de hand houden, ik voel me op mijn gemak, grip op de zaak, zijn gevoelige snaar, binnen handbereik, kippenvel krijg ik daarvan, de sensatie hangt in de lucht, ik ben in de vorm van mijn leven, er op staan, hartverwarmend, links laten liggen.

Wanneer ik je een concreet voorstel zou doen, zou je willen ervaren of het goed voelt?

Olfactoire predicaten: praten in geur en reuk

Aroma, boeket, dampen, doordringende geur, essentie (basisgeur), mest, muf, rot, stank, stinken, stoffig, vochtig, zoetig (geur), zweet.

Gustatoire predicaten: praten in smaken

Bitter, delicieus, flauw, kruidig, pikant, pittig, scherp, smaakvol, verbrand, verschraald, zoet, zuur, kauwen, proeven.

Auditief digitale predicaten (ook wel aspecifiek): praten in gedachten, denken

Activeren, adviseren, analyseren, anticiperen, begrijpen, beseffen, beslissen, besluiten, bewust, bewustzijn, creëren, demonstreren, denken, ervaring, functioneren, herhalen, idee, indicatie, kennen, kiezen, kunnen, leren, logisch, maken, managen, mening, merken, motiveren, onderzoeken, ontwikkelen, opmerken, organiseren, overwegen, plannen, predicaten, realiseren, verstand, verwerken, vragen, voorbereiden, waarnemen, waarschuwen, weten, zijn.

Alert zijn, bewust zijn, een ervaring integreren, het eens zijn over, het juiste idee hebben, je best doen, zich vergissen.

Wanneer ik je een advies geef, zou je het kunnen overwegen?

Oefening herkennen van predicaten

Lees onderstaande uitspraken/woorden/predicaten en bepaal of deze duiden op V, A, K, O, G of Ad:

  • Er wordt gefluisterd
  • Licht op de zaak laten schijnen
  • Aansprekend
  • Ik begrijp, dat
  • Ergens tegenaan lopen
  • Tegen de achtergrond bezien van :
  • Schitterend voorgesteld
  • Een uitgesproken tegenstander
  • Een handvat geven
  • De bal terugkaatsen
  • Ik vraag me af
  • Oost-Indisch doof
  • Ik denk dat
  • Oogkleppen op hebben
  • Vastlopen
  • Weerklank vinden
  • Andere invalshoek kiezen
  • Op je tenen lopen
  • Dat is tekenend
  • Een voorstel bespreken
  • Ik evalueer graag
  • Nog afgezien van
  • Verstijfd van schrik
  • Ik ben me ervan bewust
  • Tegen dovemansoren zeggen
Posted by Rutger in NLP handleiding

Waarnemen en kalibreren

Hoe vaak komt de letter ‘F’ voor in de volgende tekst:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Wat staat hier:

Vlgones een sduite aan een elgnese unvirestiet mkaat het neit uit in wlke vlgrodoe de lttrees in een wrood satan, het eigne dat blagnrijek is, is dat de ersete en de ltaatse ltteer op de gdoee palats satan. De rset kann ttaaol oiznn zjin maar tcoh kun je het geod leezn. Dit kmot dradoot we neit ltteer voor ltteer arpat lzeen maar wodoren in zjin gheeel.

Kan je dit lezen:

D323 M3D3D3L1NG L44T J3 213N T0T W3LK3 GR0T3 PR35T4T135 0N23 H3R53N5N 1N 5T44T 21JN. 1N H3T 83G1N W45 H3T 23K3R N0G M031L1JK D323 T3K5T T3 L323N, M44R NU K4N J3 H3T W44R5CH1JNL1JK 4L W4T 5N3LL3R L323N 20ND3R J3 3CHT 1N T3 5P4NN3N. D4T K0MT D00R H3T 3N0RM3 L33RV3RM0G3N V4N 0N23 H3R53N5. KN4P H3? D323 M3D3D3L1NG M4G J3 K0P13R3N 3N V3RD3R V3R5PR31D3N.

Onze waarneming

Hoeveel vaak komt de ‘f’ voor volgens jouw telling? De meeste mensen tellen er 16 of 17. Maar het zijn er meer:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Het zijn er 23! Vooral het woordje ‘OF’ wordt vaak gemist. Er zit dus iets raars in ons waarnemen. Zelfs wanneer we ons concentreren, zien we niet alles…

En wanneer je het 2e stukje las als ‘Volgens een studie aan een Engelse universiteit…’, dan was je niet aan het waarnemen, maar dan was je de letters die er staan aan het vervormen tot woorden zoals je ze kent. Je leest dan iets wat er feitelijk niet staat. Wanneer dat stukje in een taal was geschreven die je niet kende, dan had je wel letterlijk de letters uitgesproken zoals ze er stonden. We verbinden onze waarneming aan wat we in het verleden hebben geleerd. We zien iets en proberen het onbewust te duiden. We zien niet wat er staat, we zien wat we kennen.

Het derde stukje laat je zien hoe snel dit proces gaat, hoe flexibel je hersenen zijn om snel te leren en uit het feitelijke waarnemen naar betekenis gaan.

Belangrijk NLP uitgangspunt: Ons sterkste instinct is niet de ‘will to survive’ maar onze drang om dingen vertrouwd te maken (‘will to make things familiar’).

Het zintuigensysteem

Wij nemen de wereld feitelijk waar door gebruik te maken van onze 5 zintuigen:

  • Ogen kijken (Visueel)

    Zintuigensysteem en waarnemen

    Zintuigensysteem en waarnemen

  • Oren luisteren (Auditief)
  • Lichaam voelt (Kinestetisch)
  • Neus ruikt (Olfactoir)
  • Mond proeft (Gustatoir)

Voor het gemak worden deze zintuiglijke systemen in NLP veelal afgekort tot: V A K O/G.

Omdat we naast waarnemen ook denken (tegen ons zelf praten) wordt er verschil gemaakt tussen Auditief tonaal (At: luisteren met je oren) en Auditief digitaal (Ad: tegen je zelf praten).

Ook wordt er onderscheid gemaakt tussen de verschillende manieren waarop je kan voelen (Kinestetisch):

  • Tactiel: voelen aan de buitenkant; waarnemen buiten jezelf
  • Proprioceptief: voelen aan de binnenkant; waarnemen binnen jezelf
  • META: waarde bepalende gevoelens en emoties

NLP stelt dat ieder mens een bepaalde voorkeur heeft bij de inzet van de zintuigen (V-A-K-O-G-Ad). Sommige zintuigen zijn beter ontwikkeld dan de andere. Dat is per mens verschillend, en aangezien zintuigen te trainen zijn, is het geen vastgesteld gegeven, en kan het per situatie verschillen.

Het primaire voorkeurssysteem van waarnemen (V A K O/G Ad) herkennen bij een ander is handig om beter contact te maken. Je kan het primaire voorkeursysteem bij een ander herkennen door:

  • Te luisteren naar de woorden die de ander gebruikt (predicaten)
  • Te kijken naar de lichaamshouding (fysiologie)
  • Te kijken naar de oogpatronen

Dit worden ook wel de accessing cues (toegangsignalen en –aanwijzingen) genoemd.

VAKOGAd overzicht

V – Visueel, zien

A – Auditief, horen

At – Auditief tonaal, luisteren

Ad – Auditief digitaal, praten tegen jezelf, ‘denken’

K – Kinestetisch, voelen

Kt – Kinestetisch tactiel, voelen aan de buitenkant

Kp – Kinestetisch proprioceptief, voelen aan de binnenkant

Km – Kinestetisch meta, waarde bepalend of emotie

O – Olfactior, ruiken

G – Gustatoir, proeven

Lead system (zoeksysteem)

NLP stelt dat iedereen een zintuiglijk weergavesysteem heeft waarmee iemand zich richt op een innerlijke ervaring, of een herinnerde ervaring opzoekt.

Als voorbeeld:

Zoek naar een ervaring waarin je zeker was van jezelf. Qua volgordelijke stappen kan je eerst een beeld ZIEN (visuele “lead”) van die ervaring, om je vervolgens te herinneren welke gevoelens horen bij dat moment van zekerheid (kinestetische weergave).

Dit lead system is met de oogpatronen goed te herkennen.

Synesthesie

Synesthesie is een proces waarbij de weergave in het ene zintuigensysteem direct een ervaring oproept in een ander zintuigensysteem. Beide systemen overlappen elkaar. Bijvoorbeeld wanneer je het geluid hoort van een krijtje over een schoolbord en direct de rillingen over je rug voelt lopen.

BMIR’s – Behavioral Manifestations of Internal Representation

BMIR’s zijn (minimale) non-verbale en verbale toegangssignalen die in verbinding staan met onze zintuigen, de VAKOGAd. Door te letten op BMIR’s kan je beter afleiden wat er bij de ander gebeurt. Het is daarbij belangrijk in de gaten te houden dat ieder mens uniek is; niemand heeft gelijke BMIR’s. Voordat je dus betekenis mag en kan geven aan de BMIR’s die je waarneemt moet je onderzoeken wat een BMIR specifiek bij iemand betekent (dat proces van afstemmen heet kalibreren).

In een gesprek letten op veranderingen in fysiologie en stem (kijken en luisteren) geeft je inzicht in het interne proces bij de ander. Je wellicht niet zien WAT er gebeurt, maar wel DAT er wat gebeurt.

Visuele BMIR’s – wat je kan zien veranderen

  • Spierspanning in het gezicht
  • Vochtigheid van de huid
  • Kleur(verandering) van het gelaat
  • Onderlip (grootte en kleur)
  • Oogbewegingen
  • Grootte van de pupil
  • Schuine stand van het hoofd
  • Ademhaling: plaats, snelheid, diepte
  • Houding
  • Hoek van de ruggengraat (hoofd, nek, schouders)
  • Arm -, hand- en vingergebaren
  • Verdeling van gewicht
  • Gezichtsuitdrukking, wenkbrauwen, kaken, mond

Auditieve BMIR’s – wat je kan horen veranderen

  • Toon
  • Tempo
  • Plaats
  • Hoogte
  • Volume
  • Ritme
  • Pauzes
  • Predicaten
  • Warmte
  • Intonatie en intonatiepatronen

Kalibreren

Wanneer je iets ziet of hoort bij iemand, en je wilt ontdekken wat dat betekent, dan noemt NLP dat proces van onderzoeken en afstemmen ‘kalibreren’. Wanneer je niet kalibreert, en BMIR’s een betekenis geeft ‘omdat dat meestal zo is’, dan ben je aan het gedachtelezen, of mindreaden. Omdat iedereen unieke BMIR’s heeft, is het proces van kalibreren erg belangrijk om feitelijk te blijven bij wat er gebeurt bij de ander in plaats van niet verder te komen dan wat jij denkt dat er gebeurt bij de ander.

Kalibreren is het ontdekken van toegangsignalen. In de basis is het een vermogen (vaardigheid) om verschillen te kunnen zien en/of horen. Om onderscheid te kunnen maken is het noodzakelijk tenminste 2 zijnstoestanden waar te nemen.

  • Een enkel signaal is een voorval zonder betekenis
  • 2 dezelfde signalen is toeval
  • 3 dezelfde signalen is een patroon (kalibratie)

Oefening waarnemen of gedachtelezen

Ga bij de volgende uitspraken voor jezelf na of het iets is wat je feitelijk ziet, of dat een een mening/waardeoordeel is:

  • Je ziet hem opgelucht adem halen.
  • Je kon zien dat ze niet tevreden was.
  • Ze stond ontspannen te presenteren.
  • Als hij praat beweegt hij met zijn handen.
  • Hij fronste terwijl hij naar beneden keek.
  • Hij fronste zijn wenkbrauwen om te laten zien dat hij twijfelde aan haar woorden.
  • Ze keek schichtig om zich heen.
  • Zijn stem trilde en klonk nerveus.
  • Terwijl hij praatte bewoog zijn hoofd.
  • Hij bloosde van schaamte.
  • Hij vind mij niet aardig want hij kijkt telkens weg als ik hem aankijk.
  • Hij schudde zijn hoofd dus was het er niet mee eens.
  • Zij knikte want ze is het er mee eens.
  • De Italiaan was erg tevreden; hij maakte een rondje met duim en wijsvinger: perfect!
  • De ene Griek vond het goed, hij zei “Ohkee.”. De andere niet, hij zei “Nee.”.
  • Zij gaat het doen, ze zei “Ja, ik doe het wel.”.
  • De Pakistaan schudde zijn hoofd, dus bedoelde nee.
  • De Arabier gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De Japanner gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De flipover heeft witte bladen van papier.

Klik hier voor een antwoordindicatie.

Dus:

WAARNEMING -> Betekenis geven -> MINDREAD

Feitelijk en objectief -> Betekenis geven -> Jouw werkelijkheid en subjectief

Werkelijkheid -> Betekenis geven -> Waardeoordeel en overtuiging

Accessing cues – toegangsignalen en -aanwijzingen

Overzicht BMIR’s (generaliserende mindreads)

Visueel Auditief (At en Ad) Kinestetisch (K en O/G)
Ademhaling Hoog, snel, onregelmatig Middenrif Diepe buikademhaling, langzamer
Gezichtsuitdrukking Ogen dichtknijpen Gefronste wenkbrauwen Ontspannen spieren
Stem Hoge neusklanken Stiltes, afgemeten, nadrukkelijk Laag, vanuit de adem
Tempo Snel, opgewonden Ritmisch Langzamer
Houding Rechte rug, kin omhoog Hoofd naar rechts beneden gebogen Hoofd naar links beneden, rug iets in elkaar gezakt
Gebaren Naar boven wijzen, in de ogen wrijven Kin in hand, rond oren wijzen Handen op de buik leggen, denkbeeldige handelingen uitvoeren

Eye accessing cues (oogpatronen)

In het diagram hieronder kan je de oogpatronen van iemand afleiden. Het is zo getekend alsof dit het gezicht is van iemand die jou aankijkt. De oogpatronen hieronder gelden voor de meeste rechtshandige mensen (standaard georganiseerd mens).

LET OP: KALIBREREN IS BELANGRIJK!

Eye accessing cues (oogpatronen)

Eye accessing cues (oogpatronen)

De ogen kunnen ook recht vooruit staan, uit focus (down-time; intern gericht), al dan niet met vergrote pupillen. Dat duidt op snelle toegang naar (directe) zintuiglijke informatie, voornamelijk visueel.

  • VC: visueel geconstrueerde beelden (ogen op recht); vaag, flitsend, duidelijk verbeelden, heldere toekomst
  • VR: visueel herinnerde beelden (omhoog verlaten ogen); fotografisch geheugen, totale herinnering, toekomstvisie, schitterend perspectief, opnieuw bekijken, kleurrijk geheugen.
  • ACt: Auditief geconstrueerde geluiden of woorden, tonaal (ogen horizontaal en aan het recht); repeteren, woorden zeggen.
  • ARt: Auditieve herinnerde geluiden of woorden (ogen horizontaal en aan de linkerzijde); woorden herhalen die gehoord zijn.
  • K: Kinestetische sensaties en gevoel (intern en extern, ook reuk en smaak, ogen onderaan recht); voelen, aanraken, warm, soepele tred, kietelen.
  • AD: Auditieve geluiden of woorden (ogen onderaan de linkerzijde); interne dialoog, praten tegen jezelf, “aha”

Vragen stellen om oogpatronen te kalibreren

VR

  • Welke kleur heeft je favoriete boek?
  • Welke kleur heeft het huis van de buren?
  • Is er een ronde tafel in je huis?

VC

  • Hoe ziet een zebra eruit met paars/oranje haar?
  • Hoe ziet een mier eruit met roze sokjes aan?
  • Wat ga je morgen doen?

AR

  • Hoe klinkt je favoriete instrument?
  • Hoe klinkt volledige rust en stilte?
  • Wat klinkt harder: jouw deurbel of een claxon?

AC

  • Hoe klinkt een piepende muis in een windtunnel?
  • Hoe zou een dweilorkest klinken op Mars?
  • Hoe klinkt mijn stem, als ik zou praten zoals Mickey Mouse?

AD

  • Hoe doe jij de dingen ‘s ochtends?
  • Wat zeg je tegen jezelf als je thuiskomt?
  • Hoe poets jij je tanden?

K

  • Hoe voelt het als je in de zon ligt?
  • Hoe voelt je rechtervoet aan als die slaapt?
  • Welke sok zit beter, die van je rechter- of van je linkervoet?

Bij onduidelijke oogpatronen kan je meer gedetailleerde vragen stellen. Vooral vragen met een vergelijking of contrast: Welke … is (vergelijking), … of …? Bijvoorbeeld Welke kleur is donkerder, bastogne- of ontbijtkoek?

Oefening Vragen om oogpatronen te kalibreren

Geef aan of de onderstaande vragen Vc, Vr, Ac, Ar, K (O,G) of Ad zijn

  • Hoe zou je huis er uit zien met roze verf?
  • Welke kleur had het haar van je moeder, toen je haar voor het laatst zag?
  • Ben jij je bewust van deze vraag?
  • Hoe gaat de melodie van je favoriete lied?
  • En hoe zou je favoriete lied klinken met kerstklokken op de achtergrond?
  • Hoe voelen smeltende sneeuwballen in je hand?
  • Wat zeg je nu tegen jezelf?
  • Hoeveel ramen heeft je huis?
  • Hoe klinkt een muntje dat op straat valt?
  • Hoe klinkt een grote sneeuwbui die in zee valt?
  • Hoe zou jij er uit zien met haar van goud?
  • Heb je voor meer ramen dan achter?
  • Wat zou beter zijn: je huis paars met witte stippen, of met rode strepen?
  • Welke kleur heeft je voordeur?
  • Wat zeg jij tegen jezelf net voordat je de fiets neemt?
  • Heb je een ronde spiegel in huis?
  • Hoe klinkt de zee?
  • Hoe zag vorig jaar de leukste kerstkaart er uit?
  • Hoe klinkt Donald Duck nadat hij een ballon met helium heeft ingeademd?
  • Hoe zal het voelen om op de maan te dansen?
  • Hoe smaakt je favoriete eten?
  • Hoe ziet de kaft van je favoritete boek er uit?
  • Hoe klinkt een krijtje op een schoolbord?
  • Hoe smaakt een grote hap watten?
  • Wat zeg jij tegen jezelf wanneer je een complimentje krijgt?
  • Wat zeg je tegen jezelf wanneer je voor de koelkast staat?
  • Wat vindt je van deze vragen?
  • Realiseer jij je wat hier nu gebeurd?
  • Hoe zie jij er uit als een teletubbie?
  • Hoe zou je kamer er uit zien wanneer deze blauw was?
  • Welke kleur had de kamer waar je bent opgegroeid?
  • Wat was het laatste wat ik gezegd heb?
  • Hoe voelt het wanneer je in een plas stampt?

Speciale oogwaarnemingen

  • Je kan aan de ogen zien of iemand ‘naar binnen gekeerd is’. Dat is het moment om ruimte voor nadenken te geven, of suggesties te geven (korte trance-staat).
  • Je kan aan de ogen zien waar iemand naartoe kijkt (richting) wanneer deze zich iets voorstelt: ver weg, dichtbij, hoog, laag etc.
  • TransDerivational Search (TDS): verwilderde oogpatronen, geeft aan dat iemand informatie zoekt, in verwarring is, en/of probeert betekenis te geven. Checken of na de TDS de informatie is gevonden, dan wel betekenis is gegeven kan handig zijn. Wederom een goed moment voor suggesties (korte trance-staat). Merk wat er gebeurt:
    • Je doet het weer, of niet soms…?
    • Misschien denk je aan de gedachten die je gisteren had…?
    • De vele kleuren die fruit kan hebben…
    • Er zijn leuke momenten geweest, nietwaar…?
    • Je bent nog iets vergeten, nietwaar…?
    • Wat is het dat je nu niet kan herinneren…?
    • Jij kan je beseffen dat je nu met een glimlach is altijd leuk…
    • Rijk zijn is een staat zijn zegt het woordenboek…
Posted by Rutger in NLP handleiding

Antwoorden waarnemen en mindread

Hierbij een richtinggevend overzicht van de mindread en waarneming oefening. Het is geen wet, dus eenduidige antwoorden kunnen niet worden gegeven, wel indicaties. Het gaat niet om goed of fout, maar het gaat er om dat je beseft of je een betekenis aangeeft, of een feitelijke waarneming. In de onderstaande antwoorden zijn de (mogelijke) mindreads/(waarde-)oordelen aangegeven:

  • Je ziet hem opgelucht -> mindread adem halen.
  • Je kon zien dat ze niet tevreden -> mindread was.
  • Ze stond ontspannen -> hoe weet je dat haar spieren ontspannen waren? te presenteren.
  • Als hij praat beweegt hij met zijn handen.
  • Hij fronste terwijl hij naar beneden keek.
  • Hij fronste zijn wenkbrauwen om te laten zien dat hij twijfelde -> mindread aan haar woorden.
  • Ze keek schichtig -> mindread om zich heen.
  • Zijn stem trilde en klonk nerveus -> mindread.
  • Terwijl hij praatte bewoog zijn hoofd.
  • Hij bloosde van schaamte -> mindread.
  • Hij vind mij niet aardig want -> mindread hij kijkt telkens weg als ik hem aankijk.
  • Hij schudde zijn hoofd dus was het er niet mee eens -> mindread.
  • Zij knikte want ze is het er mee eens -> mindread.
  • De Italiaan was erg tevreden -> mindread, gebaren hebben een culturele betekenis; hij maakte een rondje met duim en wijsvinger: perfect!
  • De ene Griek vond het goed, hij zei “Ohkee betekent NEE; mindread”. De andere niet, hij zei “Nee. Ne betekent JA; mindread”.
  • Zij gaat het doen -> mindread, ze zegt alleen dat ze het gaat doen, ze zei “Ja, ik doe het wel.”.
  • De Pakistaan schudde zijn hoofd, dus bedoelde nee -> mindread, in Bulgarije, Pakistan en India schudt men juist het hoofd om JA te zeggen.
  • De Arabier gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect -> mindread, de waarde RESPECT staat los van feitelijk gedrag en is cultureel gebonden.
  • De Japanner gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect -> mindread, de waarde RESPECT staat los van feitelijk gedrag en is cultureel gebonden.
  • De flipover heeft witte bladen van papier. Even plagen: besef je dat dit één grote mindread is van concepten (flipover, wit, bladen, papier); het zijn ideeën en niet de feitelijke waarneming zelf.
Posted by Rutger in Archief

NLP Metaprogramma’s

Metaprogramma’s geven informatie over hoe we onze aandacht richten, hoe we met onze wereld omgaan, hoe we waarnemen en hoe we met informatie filteren. Metaprogramma’s behoren tot de onbewuste filters (zie NLP communicatiemodel), en bevinden zich in de neurologische niveau’s van Dilts tussen IDENTITEIT en WAARDEN, en zijn dus rol- en context-gebonden. Metaprogramma’s liggen niet vast, en kunnen veranderen.

  • Vaste patronen in waarnemen, denken en voelen die we laten zien in ons (non-) verbaal gedrag.
  • Vaste patronen die ons in vergelijkbare situaties steeds hetzelfde laten reageren.
  • Onbewust, stress- en contextgebonden.
  • Metaprogramma’s zijn niet zwart-wit, maar grijstinten (verdeling en indeling op een schaal)
  • Aansluiten bij metaprogramma verfijnt rapport.
  • Diversiteit van metaprogramma’s binnen een team verhoogt teamprestatie.
  • Kennen van de metaprogramma’s (met name de originele Jung-typologie) levert een schat aan informatie op bij het begrijpen van jezelf en anderen, het in kaart brengen van problemen en doelen bij coaching.
  • Bij het modelleren zijn de metaprogramma’s een bron van informatie over de wijze van filteren.
  • Verschil in metaprogramma’s kan leiden tot verschil in resultaat bij dezelfde strategie.

Misschien dat je denkt dat iets nieuws is, maar de voorkeur van zintuigsysteem is een metaprogramma dat je (wellicht) al kent.

Basis metaprogramma’s (Jung typologieën)

Extern gedrag (energie voorkeur)

Houding in de richting van de buitenwereld. Hoe mensen energie krijgen en gebruiken.

Wanneer het tijd is om je mentale batterij op te laden, geef je er dan de voorkeur aan om alleen te zijn (Introvert), of met mensen (Extravert)?

 

Introvert          25% (ervaring spiegelend aan MOW, rustig, concentratie, schriftelijk)

  • Houdt van een rustige omgeving om zich te concentreren
  • Interesse in achtergronden, theorieën en concepten.
  • Handelt doordacht, soms afwachtend, houdt van onafgebroken werken
  • Houdt niet van interrupties
  • Nieuwe ideeën door rustig na te denken
  • Denkt na voor een antwoord of reactie, rustig en ingetogen
  • Houdt van tweegesprekken met doordachte standpunten en conclusies
  • Liever schriftelijk dan mondeling

Extravert         75% (ervaring spiegelend aan omgeving, initiatief, expressief, mondeling)

  • Houdt van afwisseling en actie
  • Interesse in praktische uitvoering en hoe anderen iets doen
  • Handelt snel en soms impulsief, houdt van opschieten
  • Houdt van onderbrekingen
  • Nieuwe ideeën door gesprekken
  • Reageert snel, zonder lang nadenken, enthousiast en luidruchtig
  • Houdt van groepsgesprekken en brainstormen
  • Liever mondeling dan schriftelijk

Intern proces (aandachtsvoorkeur)

Hoe nemen we informatie tot ons? Verzamelen en opnemen.

Als je een bepaald onderwerp gaat bestuderen, zou je dan meer geïnteresseerd zijn in de feiten en toepassingen daarvan (Sensor), of zou je meer geïnteresseerd zijn in de ideeën en de relatie tussen de feiten en de toepassingen daarvan in de toekomst (iNtuitor)?

 

Sensor            75% (zintuigen, realist, praktisch, details, feiten)

  • Werkt het liefst op basis van opgedane ervaring en een vast, bekend patroon
  • Plezier in toepassen van goed ontwikkelde kennis en vaardigheden
  • Mate van wantrouwen naar eigen ingevingen en inspiratie
  • Zeer accuraat
  • Houdt van praktisch bezig zijn
  • Goed oog voor detail, en onderbouwt met feiten
  • Houdt van stabiliteit en geleidelijk veranderen
  • Vraagt vooral om feitelijke onderbouwing
  • Vraagt om praktische en realistische toepassingen
  • Geeft voorbeelden uit eigen ervaring
  • Waardeert kritiek en suggesties mits eerlijk en bruikbaar
  • Ordelijke stap-voor-stap benadering
  • Werkt volgens agenda; wijkt liever niet af
  • Verwijst naar specifieke voorbeelden

iNtuitor            25% (intuïtie, dromer, creatief, betekenis, verbanden, ideeën)

  • Houdt van aanpakken/oplossen van nieuwe ingewikkelde zaken en problemen
  • Plezier in het aanleren van nieuwe kennis en vaardigheden
  • Laat zich makkelijk leiden door eigen ingevingen en inspiratie
  • Houdt niet van nauwkeurig en zorgvuldig controleren van feitelijke informatie
  • Houdt van vernieuwend bezig zijn
  • Goed oog voor de grote lijn, en benadert vanuit globaal overzicht
  • Houdt van regelmatige en radicale verandering
  • Vraagt vooral om een algemeen kader, de grote lijn
  • Stelt toekomstmogelijkheden aan de orde
  • Geeft graag eigen inzicht en visie
  • Waardeert kritiek en suggesties die origineel zijn, of een nieuw perspectief bieden
  • Laat ruimte voor veel invalshoeken
  • Geen probleem met afwijken van agenda
  • Verwijst naar algemene concepten

Interne staat (beslissingsvoorkeur)

Hoe krijgen we toegang tot states (stemmingen) en hoe nemen we beslissingen.

Denk aan een werksituatie waarin je problemen had. Denk aan een werksituatie waarin je gelukkig was. Wanneer je een beslissing neemt in een werksituatie, is deze dan meer gebaseerd op argumenten en logica (Thinker) of op persoonlijke waarden (Feeler)?

 

Thinker           45% V, 55% M (denken, vastberaden, analytisch, redelijk)

  • Komt via een logische, analytische weg tot besluiten / conclusies
  • Kan ook presteren in minder harmonieuze omgeving
  • Kan ongewild gevoelens kwetsen, zonder dit zich bewust te zijn
  • Neemt beslissingen op basis van zakelijke overwegingen
  • Standvastig in denken en kritische instelling
  • Normatief, en handelt vanuit algemene (erkende) principes
  • Kort en bondig
  • Ziet graag concrete voor- en nadelen op een rijtje
  • Reageert intellectueel, objectief en kritisch
  • Laat zich overtuigen door ratio in argumentatie
  • Presenteert doel en te bereiken resultaten eerst
  • Gevoelens en emoties van anderen zijn feiten om rekening mee te houden
  • Gericht op inhoud

Feeler             55% V, 45% M (voelen, sympathiek, normen en waarden, zachtmoedig)

  • Besluit op basis van waardeoordelen
  • Werkt best in harmonieuze omgeving
  • Doet graag een plezier, is graag ter wille, ook met kleine dingen
  • Laat zich makkelijk beïnvloeden door persoonlijke wensen en voorkeuren
  • Wil graag sympathiek overkomen, houdt niet van corrigerend of kritisch optreden
  • Evalueert en handelt vanuit normen en waarden
  • Houdt van dialoog in ontspannen sfeer
  • Hoort graag de waarde en menselijke impact van verschillende alternatieven
  • Reageert gevoelsmatig, subjectief, waarderend, vanuit een interpersoonlijke focus
  • Laat zich overtuigen door persoonlijke betrokkenheid en enthousiasme
  • Presenteert gemeenschappelijke punten en belangen eerst
  • Rationele objectiviteit is iets dat nog op waarde moet worden getoetst
  • Gericht op relaties

Adaptie operator (levensvoorkeur)

Hoe we ons aanpassen aan de omgeving en hoe we ons leven inrichten

Als wij samen een project zouden doen, zou je er dan de voorkeur aan geven dat het project gepland en keurig uitgewerkt was (Judger), of zou je er de voorkeur aan geven dat we in de gelegenheid waren om heel flexibel te zijn in het project (Perceiver)?

 

Judger            50% (beoordelen, plannen, systematisch, past leven aan zichzelf aan)

  • Voorkeur voor plannen en volgens plan uitvoeren
  • Ziet nieuwe dingen en nodige wijzigingen makkelijk over het hoofd
  • Zorg voor goed regelen en afronding
  • Tevreden wanneer beslissing is genomen of conclusie is bereikt
  • Snelle beslisser
  • Zoekt structuur en systematiek
  • Ordelijke planning, tijdplanning, harde deadlines
  • Probeert verrassingen te vermijden
  • Verwacht doorzettingsvermogen
  • Geen onduidelijkheid over standpunten en beslissingen
  • Praat in termen van resultaat, vorderingen, zinvolheid, koers
  • Sterk gericht op taken

Perceiver       50% (waarnemer, op je af laten komen, flexibel, past zich aan het leven aan)

  • Flexibel in werk en past zich aan omstandigheden aan
  • Stelt onplezierige taken uit
  • Houdt ruimte voor aanpassingen
  • Nieuwsgierig van aard, blij met nieuwe invalshoeken
  • Stelt beslissingen makkelijk uit op zoek naar alternatieven en opties
  • Past zich makkelijk aan, heeft verandering nodig
  • Geen moeite met plannen en tijdsplanning; wel met harde deadlines
  • Houdt van verrassingen en improviseert veel
  • Verwacht aanpassingsvermogen
  • Ziet beslissingen en standpunten als voorlopig
  • Praat in termen van mogelijkheden, kansen, onafhankelijkheid en flexibiliteit
  • Sterk gericht op samenwerking, met name op afstemming

Temperament

Met de basismetaprogramma’s kunnen 4 zogenoemde temperamenten worden onderscheiden. Een kort overzicht van deze temperamenten hieronder:

Believer – SP Traditionalist – SJ Rationalist – NT Idealist – NF
Doen Erbij horen Begrijpen Van betekenis zijn
Direct Verantwoordelijk Visie Charisma
Pragmatisch Georganiseerd Intelligent Creatief
Impulsief Dienstbaar Onafhankelijk Gevoelig
Spontaan Nauwgezet Analytisch Inspiratie
Avontuurlijk Grondig Helder Bevlogen
Tactische kracht Logistieke kracht Strategische kracht Diplomatieke kracht
Kernbehoefte SP Kernbehoefte SJ Kernbehoefte NT Kernbehoefte NF
Vrijheid van handelen Lidmaatschap of er bij horen Meesterschap of zelfbeheersing Betekenis en gewicht
Vermogen om invloed te hebben Verantwoordelijkheid of plicht Kennis en bekwaamheid Unieke identiteit

 

Andere metaprogramma’s

Richting filter

Benaderen: bepaald makkelijk het doel, en ziet soms risico’s over het hoofd. Denkt vooruit, is doelgericht, positieve energie, wil bereiken. Soms te veel initiatieven tegelijk, soms dingen niet afmaken.

Vermijden: Bewust van risico’s, veiligheid is belangrijk. Kan risico’s goed herkennen en inschatten. Soms overdreven voorzichtig. Soms moeite met nieuwe ervaringen; is sneller verward.

Redenfilter

Mogelijkheid: Ziet mogelijkheden. Kan, mag en wil. Heeft ruimte. Heeft keuzes. Mist soms begrenzing. Soms gebrek aan motivatie. Goed in ontwikkelen procedures. Gelooft dat er betere manieren zijn.

Noodzakelijkheid: Moet, het hoort zo, noodzaak. Er zijn regels, er is houvast. Beperkend als je geen keuze hebt. Goed in volgen procedures. Doet dingen graag “op de juiste manier”.

Referentiekader filter

Intern: Baseert beslissingen op eigen oordeel, gevoelens en mening. Blijft gemotiveerd, ook met weinig feedback en schouderklopjes. Soms te weinig luisteren naar goede raad en adviezen. Beslist makkelijk.

Extern: Hecht veel waarde aan mening van anderen. Neemt beslissingen op concrete feiten, bewijzen en gevoel van anderen. Kan stress ervaren bij weinig feedback. Kan besluiteloos zijn. Vraagt voortdurend om advies en gebruikt dat naar eigen inzicht.

Overtuigingsfilter: zintuigen

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen.

Zien overtuigt binnen V

Horen overtuigt binnen A

Lezen overtuigt door taal Ad

Doen overtuigt door K

Overtuigingsfilter

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen, en hoe vaak herhaling nodig is.

Relatiefilter

Hetzelfde: leert door GOEDE voorbeelden na te doen. Wil dat de wereld gelijk blijft; conservatief. Houdt niet van verandering.

Verschillend: leert door FOUTEN te verbeteren. Houdt niet van stabiele en statische situaties. Progressief.

Extreem verschillend (mis-matchers) vertel je precies het tegenovergestelde van wat je wilt, om te bereiken wat je wilt.

Managementrichting filter

Iemand die de 1e vraag met nee beantwoord zal meer inhoudelijk advies en sturing nodig hebben bij coaching, dan iemand die daar ja antwoord. Door aan te sluiten bij deze overtuigingen bouw je beter rapport op. (“En ik weet dat jij weet wat zij nodig hebben om nog beter hun werk te doen, blablabla”)

Actiefilter

Proactief: Neemt vaak initiatief en handelt snel. Soms eerst doen, dan pas nadenken. Initieert. Kan impulsief zijn. Zorgt dat dingen gebeuren.

Reactief: Nadenkend en reflecterend. Neemt tijd om voor te bereiden, te analyseren en te begrijpen. Wacht soms te veel af, kan vervallen in denken zonder doen.

Affiliatiefilter (aansluiting)

Onafhankelijk speler (IK): Spreekt in termen van IK en wat het MIJ oplevert. Gaat er van uit dat mensen voor zichzelf zorgen. Werkt graag alleen. Zorgt goed voor zichzelf en raakt niet verstrikt in de problemen van anderen. Werkt niet gemakkelijk in teamverband. Kan soms onverschillig overkomen.

Teamspeler (WIJ): Zorgt dat iedereen zich goed voelt. Houdt veel rekening met anderen. Wil graag en goed samenwerken. Heeft de neiging anderen voor te laten gaan. Heeft soms moeite met zelfstandig beslissen.

Managementspeler (IK en ZIJ): Werkt graag met anderen, met een eigen duidelijke verantwoordelijkheid. Kan zowel samen als alleen werken. Heeft soms moeite met delen en delegeren van verantwoordelijkheid. Heeft soms moeite met erkenning van (het belang van) de rol van anderen.

Werkpreferentiefilter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Primair interesse filter

Patronen in de inhoud geven aan waar de aandacht ligt. Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Chunk size filter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde. Sterke overeenkomst met Sensing/iNtuition.

Dualisme filter

Zwart-wit: denkt in ja/nee. Duidelijk. Mist soms relativering en nuance.

Grijstinten: denkt in glijdende schalen. Kan ruimte laten voor interpretatie.

Tijdopslagfilter

In-time (in de tijdlijn): Perceiver. Leeft in het hier en nu, verdiept in het moment. Goede concentratie op taken, en emotioneel en mentaal betrokken. Kan de tijd uit het oog verliezen, en daardoor te laat zijn op afspraken.

Through-time (overzicht op verleden/heden/toekomst): Judger. Meestal op tijd voor afspraken. Goede planner. Geeft soms de indruk niet betrokken te zijn. Plannen maken en op tijd zijn kan belangrijker ervaren worden dan de ervaring zelf.

Informatieverwerkingsfilter

Belangrijk voor de aanpak tijdens een gesprek. Geef je mee en laat je bezinken, of is het dit gesprek waar het gebeurt.

Luisterstijl filter

Rapport: laat je spreken aansluiten bij de luisterstijl.

Spreekstijl filter

Rapport: laat je luisteren aansluiten bij de spreekstijl.

Modale operatoren van volgorde filter

De modale operatoren van volgorde geven de meest motiverende sequentie weer. Door deze structuur te gebruiken kan je motivatie installeren.

Planningsfilter

Opties: heeft graag keuzes en neemt alle opties mee. Overweegt alle opties, en geeft ook vaak keuzes aan anderen. Kan soms aarzelen, en beslissingen uitstellen tot het niet meer kan.

Procedures: Werkt vaak met schema’s en lijstjes om zaken ordelijk af te werken. Houdt niet van veel keuzes. Heel efficiënt en houdt zich aan de regels. Vindt soms de procedure belangrijker dan het werk, soms bureaucratisch en vertragend.

Tijdsoriëntatie filter

Ligt de focus op de voltooide tijd (verleden), de tegenwoordige tijd (heden) of op de toekomstige tijd (toekomst).

Verleden: wat was, kijkt naar het heden door de bril van het verleden, geen contact met de toekomst, geniet na.

Heden: wat is, kijkt naar wat zich hier en nu aandient, weinig contact met verleden en en toekomst, geniet van.

Toekomst: wat zal zijn, de toekomst bepaald het heden, moeite met zicht op heden en weinig/geen contact met het verleden, verheugd zich op.

Emotionele stress respons filter

Denken/gedissocieerd: weinig emotioneel betrokken, stress-bestendig, overzicht.

Voelen/geassocieerd: emotioneel betrokken, stress, hier en nu.

Aandachtsfilter

Sorted by self – IK: evalueert de communicatie op basis van eigen gevoelens, het eigen MOW staat centraal, aandacht is op zichzelf gericht, duidelijk in het stellen van eigen grenzen, weinig oogcontact, half luisteren, veel gebruik van “IK”, kan naar achteren leunen.

Sorted by others – DE ANDER: stemt af op anderen en hun criteria, het MOW van de ander staat centraal, betrekt reacties van anderen in de evaluatie van de communicatie, kan makkelijk over eigen grenzen heen gaan, veel oogcontact, aandachtig luisteren, veel gebruik “JIJ/U”, kan naar voren leunen.

Sorted by us – WIJ: Betrekt het handelen op het hele systeem, gaat uit van wat goed is voor het systeem. Ziet zichzelf als onderdeel van een groter geheel en werkt grensvervagend, veel gebruik “WIJ”.

 

 Tips voor metaprogramma’s

  • Het dualisme metaprogramma is een interessante. Zwart-wit denkers zullen submodaliteiten op verschillende plaatsen opslaan, terwijl grijsdenkers vaker een lijn of continuüm zullen ervaren.
  • Judgers gebruiken het T/F metaprogramma om te beoordelen. Perceivers gebruiken het S/N metaprogramma om waar te nemen.
  • Introverte personen die Voelen, voelen op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Denkers aan de buitenkant. Introverte personen die Denken, denken op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Voelers aan de buitenkant. Hierdoor krijgen Introverte personen veelal onjuiste feedback over hun denken/voelen uit hun omgeving.
  • Een letterlijke luisteraar zou complimenten van een afgeleide spreker kunnen missen.
  • Een afgeleide luisteraar zou kunnen ervaren dat welke vraag dan ook een verzoek tot actie is.
  • Scherpe vragen, metamodel vragen etc. kan je het beste zachter stellen (intonatie). Zachter verhoogt de aandacht enerzijds, vermindert weerstand anderzijds.

 

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Innerlijke heelmeester

1. “Denk aan de momenten waarin jij jezelf beter hebt gemaakt, of de momenten waarin je iemand hebt ondersteunt die hulp nodig had bij een lichamelijk probleem.“
2. “Zoek uit die verschillende momenten een moment uit waar jij echt geloofde dat wat jij wilde gaan doen ook echt zou werken… Dat wat jij wilde gaan doen het helingsproces zou bevorderen…“ [kalibreer] “Ga daar weer naar toe… nu…“
3. “Hoe weet je wat je moet doen…? Wat gebeurt er van binnen…? Is het iets wat je ziet…? Hoort…? Voelt…?“. Bij direct gevoel: ga na welke beelden of zelfspraak vooraf ging of samenviel met het gevoel.
4. “Waar neem jij … waar? Wijs eens aan waar het is?“. Achterhaal globaal submodaliteiten, primair locatie.
5. Bevestig de plaats (check submodaliteiten) van de innerlijke heelmeester met andere voorbeelden om consistentie zeker te stellen.
6. Maak contact met de innerlijke heelmeester en anker deze staat door de pols aan te raken.
7. Break state
8. Ga verder met het lichamelijke probleem. Kijk naar de interne representatie van het probleem, waar is de plaats (submodaliteiten).
9. Vertel wat er te gebeuren staat: “Je krijgt naar alle waarschijnlijkheid een antwoord wat te doen. Een snel antwoord. Een positief gevoel wat er mee verbonden is. Vanuit een overtuiging of een geloof dat je iets moet doen dat de heling sterk zal bevorderen. Een antwoord dat je test met je gezond verstand.”
10. Breng de interne representatie van het probleem naar de plek van de heelmeester.
11. Kalibreer de verandering. Laat waarnemen hoe de representaties veranderen.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Quantum linguïstiek

Realiteit strategie

In de basis gaat het allemaal om één vraag.

HOE WEET JE DAT? (of, ook leuk: HOE ZOU JE WETEN DAT HET NIET ZO WAS?)

Realiteit strategie

Realiteit strategie

Realiteitsconstructie

  • We creëren realiteit uit wat we observeren / waarnemen (extern zien/horen/ruiken/voelen/proeven).
  • We observeren (subjectief) met onze geest/hersenen (IR).
  • Waarnemingen zijn enkel metingen.
  • Metingen veranderen niets in iets.
  • We maken metingen onontkoombaar subjectief door onze taal (Ad).
Realiteitsconstructie

Realiteitsconstructie

Cartesische coördinaten

CONVERSE

~AB

 

Wat zal er niet gebeuren

als je het wel zou doen?

THEOREM

AB

 

Wat zou er wel gebeuren

als je het wel zou doen?

NON MIRROR IMAGE REVERSE

~A~B

 

Wat zal er niet gebeuren

als je het niet zou doen?

INVERSE

A~B

 

Wat zal er wel gebeuren

als je het niet zou doen?

 

Schuiven realiteitscoördinaten

Ruimte

WAAR

Waar doe je het wel?

Waar doe je het niet?

Tijd

WANNEER

Wanneer doe je het wel?

Wanneer doe je het niet?

Materie

WAT

Waarmee doe je het wel?

Waarmee doe je het niet?

Energie

HOE

Hoe doe je het wel?

Hoe doe je het niet?

 

Voorbeeld van toepassing: de tijd hussel

Ga naar binnen en probeer tevergeefs om hetzelfde probleem te hebben.

Het was een vervelend probleem, nietwaar?

Je wilt veranderingen maken, had je niet?

Hoe zou het zijn wanneer je die veranderingen hebt gemaakt, nu?

In de toekomst, terwijl je terugkijkt en je ziet hoe het was om dat probleem gehad te hebben…, terwijl je er over denkt nu, of je deze verandering kan maken voor jezelf, en dan STOP… die verandering gemaakt hebbende, kijk zelf maar, nu.

Als je terugkijkt naar jezelf, die verandering gemaakt hebbende, nu, vind je het leuk om de manier waarop je er uit ziet te zien toen je die verandering kon maken?

 

Voorbeeld van toepassing: Grenzen voorbij gaan

  • Wat is het?
  • Wat is het niet?
  • Hoe weet je dat het dat niet is?
  • Wat is het dat je niet moet weten om dat te weten?

Alternatief voor de 4e vraag:

Wat is het dat je net alsof doet niet te weten om dit te weten?

 

Ruimte-tijd schuiven

Ruimte schuiven

In of Uit, buiten
Hier en Daar
Deze Die
Omhoog Omlaag
Boven Onder
Over Onderdoor

 

Tijd schuiven

Voordat Nu Nadat
Was Is Zal zijn
Vroeger Nu Straks
Deed Doe Zal doen
Besloten Besluit Zal besluiten
Voelde Voel Zal voelen

 

Inductief en deductief taalgebruik

Inductief

“Als ik dit kan leren, kan ik alles leren”.

Een specifiek iets gebruiken als bewijs voor het geheel.

Deductief

“Omdat ik niet van chocoladesmaak hou, hou ik niet van chocoladevla”.

Een algemene stelling gebruiken voor een specifiek gevolg.

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Embedded commands

Embedded commands zijn indirecte suggesties die je overbrengt door een speciale (afwijkende) markering (bijvoorbeeld toon, volume of een discreet gebaar). Het is belangrijk dat je meerdere commands gebruikt, verspreidt over de conversatie, om het onbewuste deze op te laten pikken, te laten leren. Voor het beste resultaat is de luisteraar zich niet bewust van de markering en kan de luisteraar het wel waarnemen. Let goed op BMIR’s (kalibreer), want bij luisteraars voor wie het nieuw is werkt het beter met een duidelijkere markering, en bij luisteraars die bekend zijn hiermee, werkt het beter om genuanceerder te markeren. Het is niets meer dan een krachtige vorm van ankeren voor gevorderden. Soms wordt het ook wel multi-level communicatie genoemd (bijvoorbeeld in de boeken van en over Milton Erickson).

 

Het geeft je extra mogelijkheden om weerstand bij lezers te omzeilen of te verminderen, om bedekte instructies te geven, om op zowel bewust als onbewust niveau te overtuigen, om positieve verwachtingen te creëren, om beweging te versnellen, om gedrag te beïnvloeden, om sneller tot een besluit te laten komen, en om tot actie aan te zetten.

Markering

De vorm van afleveren is:

BLABLA

…{START MARKERING} EMBEDDED SUGGESTIE {STOP MARKERING}…

BLABLA

 

Voorbeelden van markering:

  • Luider volume
  • Lagere toon, aflopend qua toonhoogte
  • Hoofd kantelen of bevestigend knikken
  • Verander de richting van je spraak
  • Maak oogcontact
  • Maak fysiek contact
  • Als er al contact is, verhoog de druk van de aanraking
  • Wijs naar de luisteraar
  • Glimlach
  • In schrift: italics of onderstrepen
  • Presenteer als quote, met stemverandering
  • Extra pauzes toevoegen, in schrift door …

 

De sleutel is twee-vier gemarkeerde woorden in een enkele zin, in een gesprek. Vijf-zeven woorden gemarkeerd in schrift. Hoe korter hoe beter.

Ontwerp

Twee elementen:

  • Middels, hoe: 2 keer (of 2 woorden). Beschrijf waarmee of de wijze waarop; Hoe te doen.
  • Doel, wat: 1 keer (of 1 woord). Beschrijf het te bereiken resultaat; Wat te doen, gedrag.

Middels, Hoe

Beschrijft de manier waarop:

Nou, snel, automatisch, telkens weer, flexibel, nieuwsgierig, steeds sterker, opnieuw, verder, als nooit tevoren, gemakkelijk, eenvoudig, onbewust, onverwacht, verrassend, vrij, gauw, weldra, bijna, energiek, volledig, blij, goed, licht, comfortabel, lekker, zacht, impulsief, spontaan, etc.

Doel, wat

Werkwoord, gebiedende wijs:

Toon, voel, zie, verras, begin, reageer, handel, doe, leer, groei, ontdek, verander, volg, neem, geef, luister, check, merk, zoek, etc.

Voor gemakkelijker vervoegen en dubbele betekenis kan je het beste gebruik maken van werkwoorden met een –d of –t aan het einde van de stam: worden, starten, houden, hoeden, laten, vinden, ondervinden, ontmoeten, moeten, onderscheiden, bevatten, vatten, weten, bevroeden, raden, zetten, melden, ontspruiten, vergeten, onthouden etc.

Andere tip die het makkelijker kan maken is “Nou, ik bedoel dat ik mij kan voorstellen dat ik [embedded command] blablabla”. Door het gebruik van een ik-vorm past de gebiedende wijs in de context.

 

Bewust bekwaam processtappen:

  • Bepaal de gewenste uitkomst.
  • Bepaal het embedded command.
  • Creëer een zin om het embedded command.
  • Lever de zin congruent af.
  • Meet je resultaat.

 

Voorbeelden embedded commands

  • Een vriend vertelde me eens dat hij langs een bord liep waarop stond “KIES NU SNEL”, en dat het hem verbaasde.
  • Ik RAAK GEÏNSPIREERD terwijl ik jou zie zitten.
  • Het was gezellig… KOM SNEL TERUG… wanneer je zin hebt
  • Overal zijn mogelijkheden. Ik KIES VERRASSEND MAKKELIJK uit al deze mogelijkheden.
  • Het huis van de buren staat te KOOP  waar ze jaren PLEZIERIG hebben gewoond. Momenten dat je stil staat hoe AUTOMATISCH sommige dingen gaan.
  • Ik LAAT HET gewoon gebeuren.
  • Twintig sollicitanten die in een brief schrijven “NEEM MIJ AAN” is niet echt uniek.
  • En dat ene gesprek, waarbij een GOED GEVOEL ONTSTAAT, dat is toch waar je voor kiest.
  • Degene die daar normaal gesproken zit WIL MEER dan alleen kennismaken.
  • Toen hij in verwarring rondkeek zei ik VOLG MIJ en nam het initiatief.
  • Het gaat om het merken of POSITIEVE VERWACHTINGEN GROEIEN terwijl je er over nadenkt.
  • En dat is mijn vraag, JA, waar jij het antwoord op kan geven.
  • En dat is mijn vraag, NEE, waar jij het antwoord op kan geven.

 

Embedded command generator (om mee te spelen)

Start Werkwoord Command Einde
Ik … word de warme energie …gewoon omdat het bestaat
Iemand… start mijn standpunt …terwijl er niets speciaals voor gedaan hoeft te worden
Hij/zij… vind nieuwere standpunten …als vanzelf
Toen vertelde hij mij: “… ontmoet verandering …gewoon omdat het kan
Iemand zei: “… onderscheid overeenstemming …zoals sommige dingen kunnen gaan
Een persoon… vat positievere verwachtingen …terwijl je bijvoorbeeld iets kan horen
De zon… bevroed mooiere wensen …vanuit het vermogen te kunnen beseffen
Ik las eens: “… onthoud betere overtuigingen …zoals anderen dat ook kunnen
Een wijze… vergeet mijn gelijk …als spontane gedachte
Jouw geluk… laat het diepere gevoel …terwijl al het andere gelijk kan blijven

 

 

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Informatie verzamelen bij NLP modelleren

Er zijn meerdere manieren om informatie te verzamelen wanneer je modelleert. Je kan een live-interview doen, je kan in trance contact maken met het vermogen van het rolmodel, en je kan het as-if frame gebruiken. Deze technieken kunnen aanvullend op elkaar worden gebruikt.

Live sessie

In een live-sessie ga je met het rolmodel op zoek naar het antwoord op de vraag “Hoe doe je dat?”. Het is handig om van deze sessie een audio- of video-opname te maken, zodat jij jezelf helemaal kan concentreren op het vinden van informatie, om de opnames later te analyseren. Je kan deze aanpak ook gebruiken door beschikbare video, audio, biografieën en dergelijke als bron te nemen, mits je weet waar je naar op zoek bent (het helpt daarbij wanneer je eerst een aantal keer echt ‘live’ het proces hebt doorlopen; en dat geldt ook voor het deep-trance-identification proces en het as-if frame). Belangrijk aspect daarbij is dat je op zoek bent naar de echte gedachtegang/strategie van je rolmodel, en niet naar de gedachtegang zoals een stroman het ziet. Bij biografieën en documentaires en dergelijke neem je enkel de informatie mee zoals die door het rolmodel wordt verstrekt.

Proces live-sessie NLP modelleren
Specificeren

  • Bepaal een specifieke context of situatie waarbinnen het te modelleren onderwerp duidelijk aanwezig is.

Kalibreren

Informatie verzamelen

  • Kijken en waarnemen
  • Video en audio opnamen, foto’s, interviews, in het werk verdiepen.
  • Doorlopen perceptuele posities (1e, 2e, 3e positie in deze context)
    • Fysiologische kenmerken, ademhaling en fysiologie, houding (hoe zit je dan)
    • Linguïstische kenmerken (wat voor woorden gebruik je dan)
    • Strategie (wat doe je dan; [VAK]E,  …,K+)
  • Interview neurologische niveaus
    • Omgeving (waar ben je)
    • Gedrag (wat doe je daar)
    • Vaardigheden (wat kan je dan)
    • Overtuiging (waar geloof je dan in; wat geloof je dan niet)
    • Waarden/criteria (waarom geloof je dat; wat is dan (on-)belangrijk)
    • Identiteit (wie ben je dan)

Deep trance identification

Ga in trance (veilige en rustige plek), en stel jezelf voor hoe je opstijgt, en in de huid kruipt (letterlijk) van je rolmodel. Neem de persoonlijkheid aan van je rolmodel. Stel je (sociale) interacties voor. Handel en communiceer in gedachten zoals je rolmodel zou doen. Wat doe je, hoe doe je dat, wat geloof je dan, wat is dan belangrijk… Doe dit gedurende 20-30 minuten, en kom dan weer terug.

 

Imiteren (as-if frame)

  • Doen, en modelleer jezelf om te zien hoe het ging
  • Scheid dat wat anders is vergeleken met de eigenheid van de expert (vind het verschil dat het verschil maakt)
  • Gooi alles weg dat niet behoort tot het essentiële, de basis, het uitgangspunt.

 

“You can pretend anything and master it.” – Milton Erickson

Posted by Rutger in NLP handleiding

Veranderde waarneming

Focale visie Perifere visie
Tunnel Panoramisch
Gedetailleerd Contextueel
Sympatisch zenuwstelsel Parasympatisch zenuwstelsel
4 F’s (fight, flight, feed, fornicate) Ontspannen alertheid, flow

 

Oefening verandering in waarnemen

Ook goed te gebruiken bij kleine interne conflicten. Vraag bij een intern conflict: “Op een schaal van 0 tot 100, hoe sterk zou je dit conflict inschatten…”. Bij zwakke conflicten kan je deze techniek eerst proberen, voordat je een visual squash doet. Ook kan je eventuele restjes na een visual squash met deze techniek opruimen.

 

  • Achterhaal het probleem: de context, en/of persoon en/of situatie.
  • Installeer de perifere visie
    • Focus op oneindig
    • Breid het perifere bewustzijn uit
    • Ontspan de onderkaak
  • Anker de perifere visie
  • Associeer met de probleemsituatie
  • Vuur perifere visie anker af
  • Break state
  • Herhaal 3 tot 5 keer (afhankelijk van de kracht van het anker weer installeren of associeren).
  • Test: “Op een schaal van 0 tot 100…”
  • Future pace
Posted by Rutger in NLP handleiding

Houding: een goede NLP modelleer staat

Nieuwsgierigheid, flexibiliteit en niet-weten: de volledige bereidheid te leren en te onderzoeken, openstaan voor alles, MOW ander is alles wat bestaat, VAKOG-staat zonder weglatingen/generalisatie/vervorming (kijken als een kind).

Perceptie zonder interpretatie, linguïstiek zonder betekenisgeving en aannames, waarnemen zonder culturele overtuigingen en aannames. Leren alsof het je allereerste les is. Meer vragen en doorvragen omdat je niets weet, strevend naar volledigheid in elk detail.

Vraag jezelf telkens af welke vragen overbodig zijn omdat je het antwoord al weet.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Wat kan jij leren? NLP Concreet: De NLP Practitioner.

Wat leer je concreet met NLP? Wat leer je in de NLP Practitioner?

In deze NLP opleiding leer je alles wat je nodig hebt om NLP en NLP technieken praktisch toe te kunnen passen. Je leert te beoordelen wanneer je wel en wanneer je niet NLP gebruikt, je leert NLP bij jezelf toe te passen (NLP Practitioner), en je leert om NLP toe te passen bij de begeleiding van anderen (NLP Coach).

Waarnemen en kalibreren

Hoe staan wij in verbinding met de werkelijkheid? Hoe werken onze zintuigen? Welke voorkeuren in waarnemen heb je zelf, welke voorkeuren heeft een ander, hoe kan je dit inzicht gebruiken? Hoe denken wij te zien, te horen, te ruiken, te proeven, te voelen? Wat is werkelijk, en wat niet? Hoe werkt het bij jou? Wat betekent dit voor interpersoonlijke contacten, bijvoorbeeld in onze communicatie? En wat betekent dit voor de communicatie met jezelf? Kan jij een vaas zien, zonder dat het concept "vaas" jouw waarneming beïnvloed?

Interactie en gedrag

Welke aspecten spelen een rol wanneer we interactie hebben? Hoe spelen die aspecten een rol, en hoe kan je dat gebruiken in interactie? Hoe verbeter je de verbinding in je interacties, en ook hoe verbreek je de verbinding? Gedrag roept gedrag op: welk gedrag roept welk gedrag op, welk gedrag zie je in je omgeving, en wat zegt dat over je eigen gedrag? Hoe kan je interveniëren in het gedrag van een ander? Hoe verbeter je samenwerking, hoe kan je assertiever zijn? Hoe kan je de ander tot actie aanzetten, en hoe neem je zelf de leiding? Hoe doorbreek je een patroon van ineffectief gedrag?

Subjectieve beleving

Hoe slaan onze hersenen informatie op? Hoe weten we hoe we een herinnering ervaren? Hoe weten we wat we wel en wat we niet leuk vinden? Hoe kan je deze beleving veranderen? Hoe kan je dit gebruiken in onbewuste communicatie? Hoe kan je dit inzetten voor gedragsverandering? Hoe kan je hiermee je emoties beïnvloeden? Hoe kan je hiermee negatieve gedachtepatronen doorbreken? Hoe kan je betekenis meegeven in je communicatie? Hoe kan je betekenis veranderen door je communicatie?

Ankeren

Hoe werkt een anker? Hoe gebruik je een anker? Welke ankers zijn er? Hoe kunnen ankers gedrag beïnvloeden, hoe kan je dat weer doorbreken? Hoe kan je dit inzetten voor jezelf… In communicatie met anderen… Bij presentaties voor groepen… Hoe doorbreek je een anker? Hoe creëer je een anker? Hoe kan je nieuwe gevoelens ervaren met ankers?

Doorvragen… of niet…

Wat is het effect van vragen stellen? Welke vragen zijn beter dan andere vragen, of eigenlijk welke vragen stel je in welke situatie? Hoe weet je wanneer je wilt doorvragen? Hoe doe je dat dan? Hoe weet je dat je klaar bent met doorvragen? Wat is het Metamodel, en wat betekent het? Welk effect heeft doorvragen, en wat voor situaties is het handig, en wanneer niet? Wat is er bijzonder aan de woorden Waarom, Niet, Proberen, Moeten, Als? En wat kan je doen als tegengestelde van doorvragen? Suggestief vragen stellen wordt je afgeleerd in het reguliere onderwijs, is dat terecht? Wanneer wel, wanneer niet? Hoe doe je dat, welke mogelijkheden zijn er? Welk effect heeft het wel, welk effect heeft het niet? Wat zijn vooronderstellingen, welk effect hebben ze, hoe herken je ze, hoe doorbreek je ze, hoe pas je ze zelf toe? Kan je ook non-verbaal vooronderstellingen gebruiken? Hoe kan je hiermee effectiever samenwerken, leidinggeven, afspraken maken, conflicten bemiddelen, verbinding maken etc. Wat is chunking?

Automatische piloot

Soms doe je dingen bewust, soms doe je dingen onbewust. Hoe werkt dit in je hersenen? Hoe werken de bewuste en onbewuste programma’s, hoe ontdek je ze, hoe ontwerp je ze, hoe verander je ze? Welke aspecten hebben invloed op deze programma’s? Hoe kan je dit gebruiken bij beïnvloeding, bij contact maken? Hoe kan je zelf effectiever zijn? Wat zijn basiskenmerken van goede programma’s op het gebied van creativiteit, motivatie, besluitvaardigheid, leervaardigheid, spelling, planning, innovatie.

Coaching en mediation

Hoe bepaal je of de coachvraag geschikt is, en hoe verbeter je een coachvraag? Hoe zorg je voor maximaal effect van een verandering? Hoe controleer je eventuele bijwerkingen? Hoe controleer je het effect van een verandering? Hoe stel je doelen? Ben je een coach of een adviseur? Wat is een goede coachhouding? Wat is ‘Shoshin’, en hoe kan het een coach helpen? Wat als de coaching niet werkt? Wat is het NLP coachingmodel, en hoe pas je het toe? Wat is het NLP mediationmodel, en hoe pas je het toe? Hoe los je interne conflicten (conflicten in jezelf) op, bij jezelf of bij een ander? Hoe breng je gedragsverandering teweeg? Hoe ruim je blokkades op?

Tijdlijnen

Wat is onze beleving van tijd? Wat is verleden, wat is heden, wat is toekomst? Ligt jouw verleden achter je, en is de toekomst voor jou? Hoe heeft dit invloed op je beleving, en in je communicatie en gedrag? Hoe kan je jouw interne beleving van tijd veranderen? Hoe kan je dit gebruiken om oud zeer op te ruimen, of juist om nieuwe motivatie toe te voegen? Hoe kan je dit in jouw communicatie gebruiken?

En meer dan dat…

Wat is het verband tussen Identiteit, Waarden, Overtuigingen, Vaardigheden, Gedrag en Omgeving? Hoe kan je hiermee onbeantwoorde vragen beantwoorden, hoe kan je hiermee interventies plegen, wat is congruentie, charisma en authenticiteit? Wat betekent reactief leven, en hoe kan je creatief leven? Hoe bekrachtig je nieuwe inzichten? Wat is de invloed van verwachtingen, en hoe breng je daar veranderingen in aan? Wat is voelen, wat is het verschil tussen gevoel en emotie, hoe kan je jouw gevoel en/of emotie veranderen, hoe kan je enerverend vertellen en presenteren? Hoe kan je met een paar simpele vragen iemand, bijvoorbeeld je kinderen bij het slapengaan, een fijn gevoel geven? Hoe kan je iemand onbewust problemen laten oplossen? Wat zijn beperkende overtuigingen, en wat zijn betere ondersteunende overtuigingen? Wat is het NLP communicatiemodel, en wat betekent het in interactie? Wat is het verschil tussen feedback en kritiek, en hoe lever je feedback? Waarom zou je doelen stellen, en wat zijn jouw doelen? Wat wil je wel, wat wil je niet, waar liggen jouw grenzen, en wat betekent dat? Wat is communicatie, wat is effectieve communicatie?

Posted by Rutger in NLP handleiding

Oefening waarnemen

Bewust waarnemen kan je eenvoudig oefenen, door even de tijd te nemen om vervolgens alles wat je ziet te benoemen, alles wat je hoort te benoemen, alles wat je voelt te benoemen. Laat je ogen dwalen, zie wat je ziet, en benoem het. Benoem alles, sla niets over: juist de wat moeilijker te benoemen objecten, geluiden en gevoelens zijn de moeite waard, vormen de uitdaging. Wissel van globaal naar detail, en weer naar globaal.

Wees je bewust van je mind-reads en je waarnemingen. Wees je bewust, wanneer je tijdens een vergadering of ander gesprek oefent, welke mind-reads en waarnemingen je doet, en kalibreer.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Zelf NLP leren – NLP DIY

In de jaren nadat NLP als zodanig ontstaan is als methode, en Richard Bandler en John Grinder de overstap maakten van het publiceren van wetenschappelijke artikelen naar het geven van workshops, is de vraag ontstaan wat NLP’ers zouden moeten kennen en kunnen. Als antwoord daarop is de NLP Practitioner lijn ontstaan, die een onderscheid maakt in niveau’s van NLP beheersing: de NLP Practitioner, de NLP Master Practitioner en de NLP Trainer.

Wil je nou zelf NLP gaan leren, dan is het goed om deze indeling als richtlijn te gebruiken, bij je zelfstudie, bij je keuze van een opleider, of bij het zelfstandig verbeteren van je vaardigheden.

De NLP Practitioner

Wanneer ben je een NLP Practitioner? Je bent NLP Practitioner wanneer je zelfstandig in staat bent om NLP technieken uit te voeren. Zo simpel is het. Daarvoor is het noodzakelijk dat je de NLP terminologie kent (zodat je de NLP techniek kan lezen en begrijpen), het is noodzakelijk dat je de basisvaardigheden beheerst (je kan de NLP techniek toepassen), en als derde kan jij handelen vanuit de zogenoemde NLP-staat.

De makkelijkste manier om dit te leren, is door eerst de NLP staat/stemming te oefenen (stap 1), en wanneer je die dan kan aanzetten (in de NLP stemming kan komen), vanuit die NLP staat gerichte eenvoudige oefeningen te doen met de basisvaardigheden (stap 2), om vervolgens een integratie te laten ontstaan door het simpelweg uitvoeren van verschillende NLP-technieken (stap 3). Doen dus. Eerst eenvoudig en enkelvoudig, vervolgens complexer en meerdere vaardigheden combineren, eerst bij jezelf, vervolgens ook bij anderen (stap 4). Oefenen. Je komt dan vanzelf met de terminologie in aanraking, op precies het niveau dat je nodig hebt. Je hoeft de terminologie dus niet te leren; je krijgt vanzelf voldoende kennis binnen.

De NLP staat

Handelen vanuit de NLP staat, of te wel de NLP stemming, betekent dat je handelt vanuit nieuwsgierigheid, flexibiliteit en constructiviteit. Nieuwsgierig om te leren, te onderzoeken, vragen te stellen. Hoe werkt het nu, hoe zou je het willen, onderzoekend los van je eigen oordelen en invullingen. Geen antwoorden hebben maar antwoorden zoeken. Jezelf verwonderen in plaats van iets er van vinden. Flexibel in je gedachten, in jezelf verplaatsen in de ander, er van uit gaan dat alles wat gezegd wordt waarheid is, in trial-and-error (wanneer je iets probeert en het werkt niet dan iets anders gaan proberen), in nieuwe dingen doen en proberen, op een andere manier, flexibel (vrij) om te doen wat je denkt dat nodig is. Constructief in de zin van doelgericht. Niet positief denkend, maar wel doelgericht. Waar wil ik naar toe? Wat draagt daaraan bij? Wees gericht op het effect dat je wilt bereiken, en wees effectief.

Naast deze (nieuwsgierigheid, flexibiliteit en constructiviteit) algemene houdingsaspecten, zijn er de basisveronderstellingen. Basisveronderstellingen die, wanneer je handelt alsof ze waarheid zijn, een bepaalde blik op de wereld geven, die helpt bij een constructieve houding.

Noot: de zogenoemde God-modus, de God-staat/stemming, die Richard Bandler tegenwoordig gebruikt en instrueert, heeft een ander effect. Deze staat laat minder ruimte voor nieuwsgierigheid en flexibiliteit, en is meer sturend. Wanneer je deze God-staat tegenkomt, probeer hem uit en bemerk wat deze doet met je interne proces. Mijn ervaring is dat deze stemming je in een expert-rol zet, die qua gevoel veel zekerheid geeft, maar de mogelijkheden (en dus de flexibiliteit) beperkt tot hetgeen wat jou bekend is, en de nieuwsgierigheid beperkt (want je bent expert, dus jij weet alles al). Met deze staat wordt je een adviseur/stuurman vanuit je ervaring, in plaats van een onderzoeker/ontdekker/begeleider naar de kern. Besef je dat geen van beiden goed of fout is, enkel is de ene stemming beter in de ene situatie, de andere stemming geschikter in de andere situatie. Wederom denkend vanuit flexibiliteit: wanneer je beide staten/stemmingen beheerst, dan heb je meer mogelijkheden door meer flexibel gedrag, flexibel gedrag dat je al naar gelang de situatie kan inzetten.

Basisvaardigheden

Basisvaardigheden zijn vaardigheden die in veel NLP technieken als bekend worden voorondersteld. Je wordt geacht, zonder verdere uitleg, deze vaardigheden in te kunnen zetten op al dan niet voorgeschreven momenten. Hele communicatieve processen kunnen worden samengevat in een enkele stap, zoals “elicitatie” staat voor het hele proces van probleemuitvraag, probleemdefinitie, doelstelling. Als leidraad voor de NLP basisvaardigheden kan je de volgende onderwerpen gebruiken om jezelf (verder) in te bekwamen: doelen stellen, waarnemen en kalibreren, rapport (maken en verbreken, pacing en leading), toepassen van break-states, ecologie controleren, NLP technieken toepassen, effect testen, future pace en visualisatie, modaliteiten en submodaliteiten, ankeren, doorvragen met het metamodel, suggereren met het Miltonmodel, het gebruiken van vooronderstellingen, strategieën, chunking, kaderen en herkaderen.

Ook voor het (verder) leren van deze vaardigheden is een NLP techniek (strategie), waarvan je hieronder de stappen vindt:
1) Ga actief op zoek naar informatie over het onderwerp, totdat je op iets nieuws stuit.
2) Lees de nieuwe informatie drie tot vijf keer, met de vraag in je achterhoofd “Hoe is dit anders?”.
3) Visualiseer hoe het zou zijn wanneer je dit op jezelf toepast.
4) Doe het drie tot vijf keer in de praktijk, ervaar het nieuwe voor jezelf.
5) Evalueer wat er anders is wanneer je het nieuwe doet ten opzichte van het oude.
6) Onderzoek en vindt de achterliggende ideeën en principes. Ga na wanneer je dit nieuwe zou kunnen gebruiken, en wanneer je het oude beter kan blijven gebruiken.
7) Pas het toe wanneer de situatie daar om vraagt.

Na deze stappen heb je het voor jezelf helder, je kan het bij jezelf toepassen. Een volgende stap zou zijn om het ook bij anderen toe te kunnen passen:
8) Analyseer hoe je dit bij anderen kan gebruiken, dan wel kan overdragen aan anderen.
9) Visualiseer hoe het zou zijn wanneer je dat bij een ander gebruikt, dan wel overdraagt.
10) Draag het drie tot vijf keer over, of gebruik het drie tot vijf keer bij een ander. Ervaar het effect.
11) Evalueer wat er anders is ten opzichte van het (al dan niet aanwezige) oude.
12) Onderzoek en vindt de achterliggende ideeën en principes. Ga na wanneer je dit nieuwe zou kunnen gebruiken, en wanneer je het oude beter kan blijven gebruiken.
13) Pas het toe wanneer de situatie daar om vraagt.

Nu kan je het bij jezelf toepassen, en ook bij een ander. Wellicht is de informatie nog geschikt om bij groepen toe te passen, of in andere situaties. Misschien kan je deze nieuwe informatie blenden met andere informatie, zodat je breder de voordelen (en nadelen) van het nieuwe ten opzichte van het oude ontdekt.
14) Blijf ontwikkelen en onderhouden!

De crux die je hieruit kan destilleren is dat NLP leren gaat over DOEN –> ERVAREN –> EVALUEREN –> SITUATIONEEL TOEPASSEN.

Wanneer ben je klaar met oefenen?

Even los van het feit dat vaardigheden altijd verder kunnen worden verbeterd, zijn er een aantal punten die je in de gaten zou kunnen houden om te zien of je op het niveau van een NLP Practitioner (zoals bedoeld) functioneert.

– Je merkt af en toe bewust op dat je focus ligt op het eindresultaat, en mogelijkheden naar het eindresultaat.
– Je merkt dat je vaker geïnteresseerd bent in HOE jij of een ander iets doet, dan dat je een mening hebt over WAT jij of een ander iets doet.
– Je merkt dat de basisveronderstellingen echt waar zijn.
– Wanneer je op internet een NLP techniek vindt, dan kan je die eenvoudig lezen, je snapt hoe je de techniek doet, je zou de techniek eenvoudig en snel (na lezen) kunnen uitvoeren.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Ontdek NLP.

“Wat is NLP?” is de centrale vraag in deze introductie in NLP. Een vraag die je nieuwsgierig kan maken naar meer NLP, en die hier wordt beantwoord vanuit NLP. Veel plezier met het volgen van deze mini-cursus, en vooral met de nieuwe mogelijkheden die het je gaat bieden!

Ik nodig je uit om mee op reis te gaan, open en nieuwsgierig naar wat komen gaat. Ons doel bij deze introductie is jou te informeren en voornamelijk te laten ervaren wat NLP is. Wellicht heb je al artikelen of boeken gelezen over NLP of ben je er op een of andere manier mee in contact gekomen, en misschien dat sommige stof je bekend voorkomt, wellicht ook niet. Het is allemaal goed, het doet er niet toe. Het enige wat telt, is dat jij ontdekt en ervaart hoe simpel sommige veranderingen van perspectief kunnen zijn. Aan het einde van deze korte introductie in vijf stappen (hieronder) kun je terugkijken op een nieuwe ervaring. Jouw ervaring met NLP en wat het voor jou kan betekenen. En… weet dat er nog veel meer is…

Start introductie: overzicht

De waarde van NLP is in the eye of the beholder. Concreet, wat het is: een methode waarmee je gedrag kan vastleggen en overdragen. Een methode die leidt tot gedragsmodellen (NLP technieken).

De methode van NLP (het modelleren) is gericht op EFFECTIEF gedrag. Bijvoorbeeld: Iemand kan goed communiceren, die gebruik je als rolmodel bij het modelleren, waar dan een NLP techniek op het gebied van communiceren uit voortkomt. Bekende contexten waarin dit is gedaan: communicatie, professioneel handelen, spiritualiteit, lesgeven, sales, motivatie, soft skills, onderhandelen etc.

NLP is een andere (aanvullende) manier van kijken, die een andere manier van handelen mogelijk maakt. Niet beter of slechter, enkel situationeel toepasbaar. Soms wil je een situatie benaderen vanuit waarheid en feiten, zoals je dat leert in het reguliere onderwijs. Soms vanuit effectiviteit, en dat leer je bij een NLP opleiding.

Het grote uitgangspunt bij NLP is dat het niet de werkelijkheid is die leidt, maar de individuele BELEVING van de werkelijkheid.

 

1. Wat is NLP?

NLP staat voor Neuro-Linguïstisch Programmeren.

Met de naamgeving wilden de ontwikkelaars van NLP (Richard Bandler en John Grinder) aangeven dat er een interactie bestaat tussen onze neurologie ofwel onze hersenen, de linguïstiek ofwel de taal die wij gebruiken en ons gedrag en dan met name de patronen (programma‘s) in ons denken en doen.

Het aardige van NLP is daarbij dat het niet zozeer een verklaring wil geven hoe deze precies interactie werkt, het legt de focus op nagaan welke effecten in deze interactie te behalen zijn. Een procesbenadering, en niet zozeer vanuit feiten en zaken. Dat geeft dan ook gelijk het bijzondere aan van NLP, ten opzichte van ons klassieke wereldbeeld aan: het is niet de werkelijke werkelijkheid die wij beleven waar wij op reageren, het is wel de beleving van onze eigen werkelijkheid die ons stuurt en waar wij zelf invloed op hebben. Onze enige echte werkelijkheid is de beleving in onze hersenen van de werkelijkheid.

NLP wordt gedefinieerd als “de studie van de subjectieve ervaring.”. En bij die studie hoort een methode, een methode die door toepassing weer leidt tot technieken. Een methode, die modelleren heet, waarmee je de interactie bij een rolmodel, een expert, in kaart brengt en overdraagbaar maakt.

Maar…

Is dat het antwoord wat je zocht? Weet je nu genoeg? Het is een antwoord…

Ik vergelijk NLP graag met wijn. Je kan er boeken vol over lezen, vele websites bekijken… Uiteindelijk gaat het er om dat je de fles hoort ontpoppen, het inschenken en bijbehorende klokken hoort, het glas gevuld ziet worden, het glas voelt, de wijn ruikt en proeft…

En als je dan een lekkere wijn hebt gevonden, en je bent enthousiast geworden, probeer dat maar eens over te brengen aan iemand zonder die ervaring. Het woord wijn, dat betekent niets voor je zonder een bijbehorende ervaring.

En dan nog… Sommige mensen hebben prettige ervaring met wijn, en zullen je enthousiasme kunnen delen. Andere mensen hebben een mindere ervaring met wijn, en zullen je meewarig aankijken…

Iedereen ziet de wereld op zijn of haar eigen manier. En die manier wordt gevormd door wat ons verteld wordt, door wat we meemaken, door wat we van anderen leren, door de boeken die we lezen, door de media die we volgen, en zo voort.

Alles wat we sinds onze geboorte zien, horen, ruiken, voelen en proeven zijn leermomenten. Leermomenten die we betekenis geven met ons denken. Waardoor bijvoorbeeld een objectief iets als wijn, opeens context en betekenis krijgt: lekker, gezellig, vervelend, vies, en wat je maar kan verzinnen. Waarmee je de keuze krijgt, vanuit de ervaring en verwachting, om wel of geen wijn te bestellen. Afhankelijk van de situatie.

En dat speelt ook voor NLP. De betekenis van NLP is in de ervaring met NLP. Je kan boeken lezen wat je wilt, kennis opdoen, maar dat is slechts stof. En stof kan je wegblazen… Dan blijft er niets over dan wat dwarrelende pluisjes.

Het gaat om mogelijkheden krijgen, keuzes maken, afhankelijk van de situatie.

NLP gaat over hoe wij alles in perspectief ervaren, en hoe wij in ons waarnemen en denken betekenis geven, en hoe we daar mee om kunnen gaan op een effectieve manier. Vandaar dat je wellicht al eens gelezen hebt dat NLP de studie van de subjectieve ervaring is.

Maar het is meer dan dat. NLP is een houding: een houding waarmee wij ons perspectief kunnen veranderen. NLP is een methode: een methode waarmee we effectief van anderen kunnen leren; van mensen die iets heel goed kunnen. En NLP bevat een grote hoeveelheid technieken, ideeën en inzichten (ontstaan uit de methode). Technieken, ideeën en inzichten over communicatie, bijvoorbeeld. Over coaching. Over lesgeven. Over conflicthantering. Over relaties. Over zelfvertrouwen en zelfverzekerdheid. Over contact maken. Over vrijheid en ruimte, over rust. Technieken die meer keuzevrijheid en mogelijkheden geven in verschillende situaties, wanneer je ze leert toe te passen.

Ander omschrijvingen van NLP kunnen je misschien nog meer aantonen dat de omschrijving van NLP voor iedereen anders is:

  • NLP is een houding en een methode met in haar kielzog een serie aan technieken.
  • NLP is een methode voor persoonlijke ontwikkeling – gereedschap om prestaties te verbeteren, van jezelf en van anderen.
  • NLP is een geweldige ervaring!
  • NLP is een model voor effectieve communicatie – een praktische en pragmatische verzameling van inzichten en methodes die de communicatie met jezelf en anderen kan verbeteren.
  • NLP is een tas vol met enorm krachtige communicatiegereedschappen.
  • NLP is een manier om te modelleren – ofwel om overdraagbare modellen te maken van menselijk gedrag.
  • NLP is de manier om mensen te begrijpen.
  • NLP is de kunst van succesvol functioneren.
  • Het doel van NLP is meer persoonlijke vrijheid.
  • NLP is nu, boven alles, een houding & een methode die leiden tot modellen & technieken waarmee jij bijvoorbeeld merkt hoe je nieuwgierigheid groeit, hoe meer je openstaat, eigenlijk alles wat jij nodig hebt, om je eigen leven te leiden (met e-i) door veel positiever overtuigd te zijn waarmee je handelen & je denken & uiteindelijk je gevoel verandert.

Zo veel verschillende mensen, zo veel verschillende omschrijvingen. En welke definitie voor jou de beste is? Daar kom je achter door NLP te ervaren. Voor jezelf. Omdat woorden tekort schieten.

2. NLP gaat om Doen en Ervaren

NLP ervaren doe je door NLP te doen. Dus als je een boek leest, lees het met de vraag in je achterhoofd: hoe kan ik dit NU uitproberen en toepassen? Zet jezelf in de actieve modus, neem het heft in handen, zorg dat je de woorden die je leest omzet in actie! Doe de oefeningen! Een NLP boek is niet om te lezen, een NLP boek is om te doen. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, wanneer je doet. Dat gevoel, die ervaring die jij hebt, dat is wat NLP voor jou is. De ene techniek sterker dan de andere. De andere techniek beter bij jou passend dan de ene. Voel, en ervaar. En neem mee wat je kan gebruiken.

Voorbeeld van het effect van taal

Stel je voor, je hebt een afspraak om morgen iets te gaan doen, na eerst gezamenlijk een kopje koffie gedronken te hebben. Hieronder staan 10 verschillende formuleringen van de manier waarop je dat tegen jezelf kan zeggen. Lees ze eens door, en stel vast wat ze qua inhoud ongeveer betekenen:

 

  • Ik moet morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik mag morgen niet te laat zijn voor de koffie
  • Ik kan morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik zal morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik ben morgen op tijd voor de koffie
  • Als ik morgen niet op tijd ben, dan is er geen tijd voor koffie
  • Morgen ben ik op tijd voor de koffie
  • Misschien ben ik wel op tijd voor de koffie
  • Als ik morgen maar op tjd ben voor de koffie
  • Lekker, koffie voor we starten morgen

 

 

 

 

De volgende vragen mag je voor jezelf beantwoorden, neem even rustig de tijd, en sta eens stil bij het antwoord.

  • Welke van de bovenstaande tien formuleringen, zou jou het meeste motiveren?
  • Ken je misschien een nog meer motiverende formulering, die er nog niet staat?
  • Welke van de bovenstaande formuleringen, zou jou het minste motiveren?
  • Nu je dit verschil herkent, hoe zou je dat kunnen gebruiken, in jouw communicatie, met jezelf, en met anderen?
[color-box customcolorpicker='#d0d0d0']
Welke formulering voor jou het meeste effect heeft, welke voor jou het minste effect heeft... Dat is heel persoonlijk. Dus wanneer je wilt concluderen hoe je dit gebruikt in de communicatie met jezelf, dan zou je kunnen stellen dat je het beste deze formulering kan gebruiken om je eigen doelen vast te stellen. Echter, in communicatie met anderen... is bewustwording dat de formulering verschil maakt het ultieme, zonder dat je kan concluderen welk verschil er precies is. Je kan het effect bij of voor een ander niet vooraf voorspellen. 
[/color-box]

NLP zit vol met dit soort inzichten, als een grote verzameling. Soms minder gericht op inhoud en feiten, de manier zoals je die waarschijnlijk wel kent van school, vaak meer gericht op gewenst effect bereiken: effectief communiceren. Afhankelijk van de situatie, met in je achterhoofd wat je wel wilt, en wat je niet wilt, kiezen wat te doen. Flexibel.

Ervaar: Uitgesteld ongeloof

Een opdracht..! Huiswerk.., of zoals ik het met een NLP-bril op zou noemen: thuisvermaak…

En wel echt even doen, niet stiekem overslaan en verder gaan, het gaat om de ervaring…

Neem even de tijd om lekker op te gaan in een film. Kijk eens welke films er draaien in de bioscoop, en ga gewoon! Of misschien heb je nog een film liggen die je wilt zien, of kijk eens in de aanbiedingsbakken bij de goedkope films. Misschien dat die ene film er wel tussen ligt. Heb je zelf geen idee welke film je zou kunnen kijken, dan kan je één van onderstaande suggesties kiezen ( titel, slogan en trailer). Moeilijk kiezen? Doe maar de bovenste die je nog niet kent…

En als je de film gekeken hebt dan gaan we verder. Geef jezelf nu eerst maar eens een leuke tijd, je hebt het verdiend!

Suggesties

Mr. Nobody, Nothing is real, everything is possible.

The Matrix, Remember there is no spoon.

The Truman show, On The Air. Unaware.

Eternal sunshine of the spotless mind, Would you erase me?

Big Fish, An adventure as big as life itself.

Brammetje Baas, een film om bij stil te staan.

[color-box customcolorpicker='#d0d0d0']
Deze suggesties komen niet uit de lucht vallen. Het is ook mijn persoonlijke filmtipparade niet. Elke film is min of meer NLP gerelateerd. Mr Nobody en het concept van keuzes maken. The Matrix en waarnemen & werkelijkheid. The Truman show en het verschil tussen werkelijkheid en de beleving van werkelijkheid. Eternal sunshine of the spotless mind en ecologie, of veranderingen en de omgeving. Big Fish over submodaliteiten, ofwel kleur brengen in je leven, over relaties en werkelijkheden, over respect voor wereldmodellen. Brammetje Baas over normen en waarden, over het effect van je communicatie. En nog veel meer, maar daar is deze box te klein voor...
[/color-box]

STOP, kijk de film, daarna hier verder…

En, leuke film? Ging je er in op? Kon jij je inleven in de hoofdpersoon, meeleven met het verhaal? Wat vond je het meest aansprekende deel? En wat het minste?

Ik vind dat geweldig, die stunt die je denkvermogen uithaalt, waardoor jij in staat bent om helemaal te vergeten dat je naar acteurs zit te kijken, op een set, met kunstmatig licht… Tja, je weet het wel terwijl je zit te kijken, maar je kiest er voor om met andere ogen te kijken, je kiest om je ongeloof uit te stellen, en dat wat je ziet tijdelijk voor waar aan te nemen…

En die schakeling kan je vaker maken. En waarom je dat zou doen? Omdat je dan bijvoorbeeld beter kan luisteren naar een ander. Je begrijpt de ander beter, doordat je je eigen oordelen, meningen en adviezen tijdelijk loslaat, en daardoor oor hebt voor wat de ander probeert over te brengen.

Wat kan je hier mee

Zoals veel van de vaardigheden in NLP, kan je op de oude vertrouwde manier handelen in situaties, of op deze nieuwe manier. Deze nieuwe manier is niet beter of slechter, alleen anders. En mijn uitnodiging aan jou is om gewoon, in drie passende situaties, deze nieuwe manier uit te proberen. Zodat je ervaring opdoet, en de voordelen, nadelen en interessante kanten ontdekt van deze nieuwe manier, zodat je deze naast de oude manier kan leggen, om voortaan te kunnen kiezen hoe je handelt. En daarmee ben je flexibeler geworden, heb je een extra mogelijkheid gekregen om te handelen.

En extra mogelijkheden, meer manieren om te handelen, geeft meer persoonlijke vrijheid. Meer keuzemogelijkheden.

Uitnodiging thuisvermaak

Ervaar in drie passende situaties hoe het is om in een staat van uitgesteld ongeloof te luisteren. Ervaar wat er anders is, wat voordelen zijn, wat nadelen zijn, wat je verder opvalt. Ga vervolgens na in wat voor situaties je dit zou kunnen gebruiken, en wat voor situaties juist niet.

Zie de wereld als een zandbak, of een speeltuin. Spelen om te leren, proberen om te ervaren. Nieuwe manieren ontdekken door nieuwe ervaringen op te doen. Veel plezier!

3. Ervaar de NLP Basisvooronderstellingen

Binnen NLP worden een aantal basisovertuigingen gehanteerd, die voor waar worden aangenomen. Het is dus niet gezegd dat het waar is, maar door onze hersenen in de stand van ‘uitgesteld ongeloof’ te zetten, doen we net alsof ze waar zijn. De discussie waar/niet waar, waarheid en werkelijkheid is binnen NLP onbelangrijk: het gaat bij NLP om de vraag: “Hoe kan je het gebruiken?”. En hoe krachtig de NLP Basisvooronderstellingen zijn, dat gaan we hier ervaren.

Om te beginnen, wil ik je vragen om eens in gedachten terug te gaan, naar een moment waar je een interactie had, een gesprek of een vergadering of een andere ontmoeting, waarbij het niet lekker liep in de communicatie. Het hoeft niet direct een conflict te zijn, maar het mag wel. Gewoon een voorbeeld, het maakt niet uit, om even mee te spelen. Heb je er een gekozen?

Waar was je toen? Wie waren er bij je? Wat zag je allemaal? Welke kleuren? Welke vormen? Wat hoorde je erbij? Wat voelde je toen, daar? Wat zei je tegen jezelf? Om even contact te maken met de situatie zoals die toen daar was.

Wat we nu gaan doen is de 10 basisvooronderstellingen 1 voor 1 af, en we gaan aannemen dat deze basisvooronderstelling waar is (ons ongeloof uitstellen) door een bril op te zetten van de basisvooronderstelling en daar doorheen kijken naar die situatie. En dan mag je ervaren wat dat betekent voor die situatie…, wat je anders ervaart…, welke nieuwe mogelijkheden er ineens blijken te zijn. Veel plezier!

De kaart is niet het gebied

Van jongs af aan nemen wij de werkelijkheid om ons heen tot ons, via onze zintuigen. Enkel een deel van de werkelijkheid, want onze zintuigen nemen slechts een piepklein deel waar van alles wat er is. Met dat alles wat we zien, horen, ruiken, voelen & proeven, denken we een soort plattegrond in ons hoofd van de werkelijkheid. Het is dus niet de werkelijkheid, enkel een subjectieve afspiegeling van de werkelijkheid, ons eigen wereldmodel. Wij handelen niet op basis van de werkelijkheid, wij handelen op basis van ons wereldmodel, op wat we in het verleden hebben geleerd. Bijvoorbeeld, wellicht heb je geleerd dat het wereldbolletje op de foto rechts verkeerd om staat…

Ook daar in die situatie. Kijk nu nog eens, in alle rust, naar die situatie, en zet daarbij de bril “De kaart is niet het gebied.” op. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Respecteer ieders model van de wereld

Iedereen heeft zijn eigen ervaringen, zijn eigen leerproces. Iedereen heeft een eigen wereldmodel, dat ontstaat door de unieke ervaringen die enkel die persoon meemaakt. Iedereen heeft dus een andere plattegrond in zijn hoofd gebaseerd op vroegere lessen. Niet beter, niet slechter, enkel anders. Heb respect voor de lessen van een ander, die voortkomen uit de ervaringen die die persoon heeft meegemaakt. Je hoeft het er niet mee eens te zijn, enkel met alle respect voor de ervaringen en lessen die de ander heeft.

Kijk nu nog eens naar die situatie, in alle rust, en zet daarbij de bril “Respecteer ieders model van de wereld.” op. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

De betekenis van je communicatie wordt bepaald door de respons die je krijgt

Communiceren is een actief proces van informatie overdragen. Even kort door de bocht, maar dat is wat het is. Waarom communiceer je eigenlijk? Doe je maar wat, of wil je er iets mee bereiken? Effectief communiceren houd in dat je iets wil bereiken; effectief betekent tenslotte doelgericht.

Stel je voor een hond ligt in de weg, en je wil dat deze hond zijn mand ingaat. Je zegt met strenge stem: “Ga je mand in!”. Ligt het vast wat er nu gebeurt? Zoals wanneer je tegen een steen aanschopt, dat je precies kan uitrekenen wat er gebeurd (energie overdragen in plaats van informatie)? Nee. De hond kiest zijn eigen reactie. De hond kan blijven liggen, de hond kan enthousiast van de aandacht naar je toe komen, de hond kan eigenlijk elk gedrag vertonen wat in de mogelijkheden ligt. Misschien verwacht je wel dat de hond naar zijn mand zal gaan, maar dat ligt niet vast. Of “Ga in je mand!” de juiste communicatie was, hangt af van de reactie van die hond op dat moment. En wanneer de hond doet wat je wilt, dan is de betekenis van je communicatie dus de juiste geweest. Wanneer de hond iets anders doet, dan is je communicatie niet de juiste geweest, want je hebt het resultaat niet bereikt. Je hebt dan niet de juiste informatie overgedragen, op de juiste wijze, om je doel te bereiken. Wees dus flexibel in je communicatie: wanneer iets niet werkt, doe iets anders!

Tijd om vanuit deze gedachte naar die situatie te gaan kijken, in alle rust, met daarbij de bril “De betekenis van je communicatie wordt bepaald door de respons die je krijgt.” op je neus. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Weerstand is een excuus

Weerstand is een excuus, ja. Weerstand geeft aan dat de ander niet wil. En dat geeft jou (althans degene die het woord weerstand gebruikt) het excuus om zich niet meer in te spannen. Lekker makkelijk. Het ligt aan hullie, zij hebben weerstand.

Terwijl, eigenlijk, jij er voor kiest om er geen energie meer in te steken, om de ander mee te krijgen. En dat is goed, dat mag natuurlijk altijd en keuze zijn. Maar het is jouw keuze, niet hun weerstand… Besef je dat.

Er zijn geen onwillige mensen. Er zijn wel inflexibele communicatoren.

In de situatie die jij hebt gekozen, was daar iets met ‘weerstand’..? Kijk nog eens, maar nu door deze bril “Weerstand is een excuus.”? En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Ieder mens heeft alles in zich om alles te kunnen bereiken

Iedereen kan leren. Dus alles wat je NU nog niet kan, zou je straks wel kunnen. Persoonlijke situaties kunnen veranderen, dus alles wat nu niet kan door omgevingsfactoren, zouden straks met andere omgevingsfactoren wel kunnen. Het enige wat je bereikt met het tegenovergestelde denken, is dat je niets doet en dus dat het waarheid wordt.

Er zit nog een diepere werkelijkheid achter deze stelling, en die heeft te maken met het waarom je iets wilt bereiken. Het gaat namelijk niet om de dingen of de zaken maar om de gevoelens die de dingen en zaken naar verwachting zullen opleveren. En dat gevoel dat je wilt bereiken, dat bezit je al van binnen. Wij maken ons enkel wijs dat we de dingen of zaken nodig hebben om het gevoel te bereiken…

Wat doet deze bril met jouw situatie..?

Elk gedrag heeft in de basis een positieve intentie

Om (wat dan ook) te doen, om in actie te komen, heb je motivatie nodig. Motivatie gaat voor de actie uit. Zelfs als je niets doet, kan je daar heel gemotiveerd in zijn…

Laten we eens een experimentje doen: ga eens na bij jezelf, wanneer was de laatste keer dat jij jezelf hebt gesaboteerd? Dat jij iets gedaan hebt vanuit een negatieve intentie voor jezelf? Wellicht dat je, wanneer je erg je best doet, wel met een voorbeeld kan komen. En als ik dan vervolgens de vraag stel: “En wat leverde jou dat toen op, zodat je het toch deed?”, dan zal je zien dat zelfs toen een positieve intentie (voor jezelf) aanwezig was.

Het wil niet zeggen dat de positieve intentie een bijdrage moet zijn aan het grotere goed en het grotere geheel, of zo. Nee, er zat iets positiefs in, gezien vanuit jouw unieke wereldmodel. Je verwacht een positief resultaat met alles wat je doet. Dat is motivatie, en dat maakt dat je in actie komt.

En als we naar die situatie kijken… Wat waren daar de positieve intenties…? Heb je daar een bril voor nodig om ze te kunnen zien?

Er is geen mislukking, enkel feedback

Of iets lukt of niet, meet je door te kijken of het voldoet aan je doel achteraf. Bij een ander doel zou dezelfde prestatie succes betekenen. Terwijl je vooraf, gegeven de informatie die je toen had, het beste koos uit de mogelijkheden die er toen waren in de positieve intentie. En eigenlijk nihileer je jouw inspanning. Je hebt dingen gedaan, en je bent tot nieuwe inzichten gekomen. Je hebt geleerd.

Elk gedrag, elke inspanning, elk resultaat: het is een prestatie. Of het nu wel of niet je doel was. Geef die inspanning ook de credits die het verdient. Natuurlijk is het fijn als je dichter bij je doel komt, en dat was ook de initiële intentie. Daar mag je gewoon trots op zijn.

De persoon met de meeste flexibiliteit is de katalysator van het systeem

Even toegepast op het systeem van communicatie, betekent deze vooronderstelling dat degene die zich het meest flexibel opstelt het systeem in stand houdt; oftewel zorgt dat er communicatie blijft. Flexibel betekent enerzijds energie blijven stoppen in het proces (blijven communiceren), anderzijds wanneer het proces stokt op een andere manier communiceren.

Zodra je in het proces van communicatie stopt met energie steken in het communiceren, dan valt het proces (het systeem) stil. Er is dan geen communicatie meer. Lijkt me duidelijk. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je altijd en overal maar energie in moet stoppen, nee, het betekent alleen dat je er voor kan kiezen om dat wel of niet te doen, en dat de keuze jouw keuze is.

Waarom, als je dan voor kiest om energie in het proces te steken, zou je als de communicatie stokt op een andere manier gaan communiceren? Einstein vatte het ooit mooi samen: “Waanzin is altijd hetzelfde blijven doen en toch een ander resultaat verwachten.”. Leuk hierbij te noemen is het pigeon-effect (het duiveneffect). De mens heeft (net zoals een duif) van nature de neiging om bij alles wat er gebeurd een reden of een oorzaak te zoeken. en een mogelijke verklaring, die niet de juiste hoeft te zijn, wordt als waarheid aangenomen. Dat iets eens werkte, bijvoorbeeld een bepaalde manier van communiceren, wil niet zeggen dat het elke keer werkt. En wanneer het niet werkt, doe iets anders!

Wat betekent dit in de situatie die je gekozen hebt, hierboven? Zet de bril “De persoon met de meeste flexibiliteit is de katalysator van het systeem.” op, en kijk eens wat er gebeurd.

Be at cause

Je kan natuurlijk reageren op wat in je omgeving gebeurd, en je handelen laten afhangen van wat je overkomt. Natuurlijk, iedereen overkomt dingen. Maar besef je dat je altijd zelf de keuze hebt om te reageren op de wijze die jij kiest. Wanneer jij je laat leiden wordt door wat er gebeurd, zal je merken dat het heel makkelijk is om je machteloos en slachtoffer te voelen, en je zal stress ervaren. Het leven wordt het leven lijden. In de file kan je balen omdat je in de file staat, in de regen kan je balen omdat het regent, zonder dat je er iets mee kan.

Wanneer jij je focus legt op jouw invloed, op hoe jij met situaties om kan gaan, zal je merken dat je meer invloed hebt dan je dacht, en dat die mate van invloed steeds groter wordt. Het leven wordt het leven leiden. In de file kan jij je beseffen dat jijzelf ervoor gezorgd hebt dat je hier nu vaststaat en iets leuks of nuttigs zoeken om te doen, in de regen kan jij je beseffen dat je beter een paraplu mee had kunnen nemen, om vervolgens van het spatten van de druppels in je gezicht te genieten.

Richt je op jouw mogelijkheden, ontdek de verschillende manieren waarop je met situaties om kan gaan, en merk dat je door een simpele keuze kan dansen in de regen!

Oorzaak, gevolg, een situatie, jouw keuze van je reactie. Wees de oorzaak. Wat doet de “Be at cause”-bril met jouw beleving van de situatie?

Mensen zijn niet hun gedrag

Alles wat je ziet, waarneemt, is enkel het gedrag van de ander, in deze specifieke situatie. Daarmee ken je de mens nog niet. Neem bijvoorbeeld de opdracht in de vorige module, het bekijken van een film. Sommige mensen doen dat (gedrag), sommige mensen slaan dat over (gedrag). kiezen voor het ene of het andere zegt niets over de mensen, het zegt iets over hoe deze mensen handelen wanneer ze zich op een bepaalde manier in een bepaalde situatie bevinden. En de persoon is veel meer dan enkel het handelen in een specifieke situatie.

Puntje aan de zijlijn: wanneer jij het gedrag van een persoon op de mens betrekt, waar gebeurt dat dan? Het antwoord is in jouw wereldmodel, en enkel in jouw wereldmodel. Een oordeel van een ander over jou, of jouw oordeel over een ander zegt meer over de oordelende persoon, dan over de beoordeelde. De basis van projectie.

Accepteer de persoon, en richt je op het concrete gedrag. Wat doet dat met de situatie die je als voorbeeld hebt genomen?

Be at cause

Zo, nu je dit hebt gelezen, en door de brillen hebt gekeken… Welke van de vooronderstellingen had de meeste invloed op je perspectief? En welke de minste? Welke spreekt je in het algemeen het meeste aan?

Hoe kan jij er voor zorgen dat jij deze vooronderstellingen straks, wanneer je ze zou kunnen gebruiken, op je netvlies hebt staan? Misschien wil je ze zelfs integreren, hoe ga je dat dan aanpakken?

Wees de oorzaak. Bepaal wat jij hier mee zou kunnen doen, bepaal wat jij er mee zou willen doen, bepaal hoe je dat gaat doen, en doe het! Jouw keuze, jouw weg, jouw resultaat. Wees de oorzaak, ook in jouw leerproces. Jij, en alleen jij, weet wat je er mee kan en wilt. Neem het heft in handen en zorg voor jezelf.

En jij weet wanneer jij klaar bent, wanneer jij je resultaat hebt bepaalt, en de stappen hebt genomen die je wilt nemen om het resultaat te bereiken.

4. Meer NLP

In deze introductie heb ik je een klein beetje laten proeven van wat algemene NLP. Heb je gemerkt dat door je perspectief te veranderen andere mogelijkheden ontstaan? Andere mogelijkheden en andere keuzes? Heb je gemerkt dat de waarheid zoals wij die ervaren, bijvoorbeeld hoe je eerst naar jouw gekozen situatie keek en hoe je er nu naar kan kijken, flexibel is? Merk je dat, bijvoorbeeld in die gekozen situatie, meer vrijheid en ruimte ontstaat? Zou je meer mogelijkheden willen, zou je andere keuzes willen, zou je meer vrijheid en ruimte willen ervaren?

Dan kan meer NLP iets voor jou zijn. Waarbij je er voor kan kiezen om in de lijn die hier is ingezet door te gaan met bijvoorbeeld de NLP Practitioner (leer om elke NLP techniek uit te kunnen voeren), en bij de NLP Master Practitioner (leer de technieken te combineren en ook zelf te maken).

Posted by Rutger in NLP handleiding

Leuke feitjes voor de rationele mens.

Het Halo- en het Devil-effect

Het halo-effect

Wanneer iemand een goede kwaliteit meent te zien in een persoon of zaak, dan zal die persoon geneigd zijn om andere (losstaande) kwaliteiten van de waargenomen persoon of zaak ook hoog in te schatten. Iemand die aantrekkelijk is, zal bijvoorbeeld ook intelligenter worden ingeschat.

Het devil-effect

Wanneer iemand een slechte kwaliteit meent te zien in een persoon of zaak, dan zal die persoon geneigd zijn om andere (losstaande) kwaliteiten van de waargenomen persoon of zaak ook laag in te schatten. Iemand die een verkeerde indruk wekt qua kleding in een sollicitatiegesprek, zal ook minder geschikt zijn voor de vacature.

Nu je dit weet…

Wanneer iemand van het halo-effect en het devil-effect op de hoogte is, zal deze gaan overcompenseren in zijn/haar oordeelsvorming: bij het zien van een goede kwaliteit zal de neiging ontstaan om andere (losstaande) kwaliteiten van de waargenomen persoon of zaak laag in te schatten, bij het zien van een slechte kwaliteit zal de neiging ontstaan om andere (losstaande) kwaliteiten van de waargenomen persoon of zaak hoog in te schatten.

Het Forer-effect

Je wilt graag dat anderen je aardig vinden en bewonderen, maar bent ook geneigd tot zelfkritiek. Hoewel je karakter enkele zwakheden vertoont, kan je die meestal goed compenseren. Je hebt een aanzienlijk ongebruikt talent dat je nog niet inzet. Je straalt discipline en zelfbeheersing uit, maar van binnen ben je nogal eens een onzeker. Soms twijfel je er ernstig aan of je wel de juiste beslissing hebt genomen of juist hebt gehandeld. Je houdt van enige afwisseling en het zint je niet als regels en beperkingen je bewegingsvrijheid indammen. Je bent een onafhankelijk denker en neemt niet zomaar iets van anderen aan. Uit ervaring weet je dat het niet verstandig is jezelf al te zeer bloot te geven. Je hebt een aantal verlangens die tamelijk onrealistisch zijn.

Deze tekst is gepresenteerd aan mensen als persoonlijkheidsanalyse, met de vraag deze analyse een cijfer te geven. De gemiddelde score? Een 8,4 (0 – slecht, 10 – perfect). Terwijl het helemaal geen analyse is, maar een opsomming van algemene, globale uitspraken. Mensen hebben de neiging om vage en algemeen geldende uitspraken over de eigen persoon te accepteren als rake, typerende omschrijving, zonder zich te realiseren dat diezelfde omschrijving voor bijna iedereen opgaat.

Cognitieve dissonantie

Wanneer we iets waarnemen of doen dat niet past in ons wereldbeeld, iets wat niet klopt met onze overtuigingen en mening, dan ontstaat er een onaangename spanning. Deze spanning wordt cognitieve dissonantie genoemd. Omdat deze spanning niet fijn is, start een ingebouwd mechanisme dat motiveert om enerzijds het verschil tussen waarneming of gedrag en mening of overtuiging te verkleinen, anderzijds om situaties en informatie te vermijden die zou kunnen bijdragen nieuw (beter?) inzicht.

Een bijzonder sterk proces, dat dissonantie reductie heet, zorgt er voor dat we ons gedrag of onze mening gaan aanpassen, ons gedrag of mening gaan vergoelijken en rechtvaardigen, waarnemingen of gedrag gaan bagitalliseren, ontkennen en rationaliseren.

Het Dunning-Kruger effect

Wanneer je een groep professionals vraagt om aan te geven of ze matig, gemiddeld of bovengemiddeld presteren (zelfreflectie), dan blijkt dat incompetente professionals het vermogen missen om zichzelf kritisch te bekijken. Zij zullen hun vaardigheid onredelijk hoog inschatten, en hun eigen kunnen te hoog inschatten. Wanneer je een vaardigheid niet of matig beheerst, kan je geen objectieve beoordeling maken en beoordeel je enkel binnen het kader van wat je wel weet en kan, wat tot een te hoge inschatting van het eigen kunnen leidt.

Naast het verkeerd inschatten van de eigen competentie, zijn er nog 3 bijbehorende effecten: een hogere vaardigheid bij anderen wordt niet herkend, er is geen besef van de mate waarin zij zelf tekortschieten, na training ontstaat het inzicht alsnog (met terugwerkende kracht).

Naamlettereffect

Mensen hebben een onbewuste voorkeur voor merknamen, lettercombinaties, woorden (enzovoort) waarin de eigen initialen voorkomen. Voor cijfers is een onbewuste voorkeur voor geboortedatum, verjaardag en dergelijke combinaties. Dit effect is sterker bij mensen met een hoge eigenwaarde.

Confirmation bias

Wanneer je informatie zoekt, dan heb je vaak al een bepaald beeld voor ogen. Het interessante is dat je daarop niet op onderzoek gaat naar objectieve informatie om je beeld te onderzoeken, je gaat op zoek naar informatie om je beeld te bevestigen.

Er gaan verschillende zaken fout in het rationele proces. Zo wordt de eerst beschikbare informatie beoordeelt als meest belangrijke informatie, ongeacht in welke volgorde de informatie wordt gepresenteerd. Informatie die het beeld tegenspreekt wordt genegeerd of gebagatelliseerd. Informatie die eigenlijk geen betekenis heeft zal worden gezien als ondersteunend aan het beeld. Wanneer er een verschil van inzicht ontstaat tussen twee individuen, zal er polarisatie optreden, waarbij de verschillende beelden extremer tegenover elkaar komen te staan.

Een mooi voorbeeld is een sollicitatiegesprek. Een sollicitatiegesprek is niet zozeer een objectief vraaggesprek, het is meer een gerichte zoektocht naar de bevestiging van de eerste indruk.

Pareidolie

Ons brein probeert verbanden te leggen, onze waarnemingen te duiden. Zodat we in staat zijn om op de momenten dat het nodig is kunnen vechten en/of vluchten. Om aan de veilige kant te zitten zien we meer (mogelijke) verbanden dan er werkelijk zijn. Vooral in onduidelijke en willekeurige waarnemingen worden herkenbare patronen ervaren.

We zien beelden in wolken, we horen stemmen in ruis, we zien een mannetje (of een haas) in de maankraters, we zien Elvis in een tosti, we zien een slang in een stuk touw.

Referentie-effect

Een pyramide is een bijzonder bouwwerk, opgebouwd uit stenen. De pyramide van Cheops is de grootste pyramide, en is één van de zeven wereldwonderen. Zelfs tegenwoordig zou het nog een gigantische klus zijn om de tienduizenden stenen (grote stenen van 2500 kilo per stuk) op de juiste plaats te krijgen. Hoeveel stenen denk je dat deze pyramide heeft?

De kans is groot dat je in het antwoord rekening houdt met het getal dat ik noem in de inleiding: tienduizenden. In werkelijkheid zijn het er 2,3 miljoen. Dat is het referentie-effect. In onze beeldvorming worden wij beïnvloed door irrelevante informatie. Irrelevante informatie zoals een adviesprijs.

Zwijgspiraal

Om een objectieve mening te kunnen vormen, zou je verschillende invalshoeken willen gebruiken en verschillende bronnen van informatie. Volgens de zwijgspiraal-theorie is dat niet mogelijk omdat mensen vooral op hun gevoel afgaan, en niet op ratio. Omdat mensen het belangrijk vinden om ergens bij te horen (dan wel niet sociaal geïsoleerd willen zijn), en gevoel leidend is, zijn mensen bereid om hun mening aan te passen aan de heersende norm. Informatie over deze heersende norm verkrijgen ze uit enerzijds de eigen omgeving, anderzijds uit de media. Doordat de eigen omgeving beïnvloed wordt door de media, is het effect van de media overal terug te vinden.

Door herhaling in de media wordt een specifieke invalshoek sterker. Mensen zullen hun opinie aanpassen aan de heersende opvattingen, zoals zij die waarnemen. Mensen met een afwijkende invalshoek zullen minder geneigd zijn om deze te openbaren. Hierdoor zal een enkele invalshoek beduidend meer draagvlak krijgen, en zullen afwijkende invalshoeken “verzwegen” worden.

Thomas Kuhn

Thomas Kuhn heeft in 1962 het boek “The Structure of Scientific Revolutions” gepubliceerd. Daarin toont hij aan dat zelfs in de wetenschap de ratio niet prevaleert, maar de heersende ideeën en paradigma’s. Wetenschappers blijken ook gewoon mensen te zijn, en last te hebben van bovenstaande psychologische en sociale effecten. Dat doet niets af aan wetenschap an sich, het blijft de beste methode om de werkelijkheid in kaart te brengen, het is slechts een aanmoediging om open te staan voor andere, nieuwe invalshoeken. Een uitnodiging voor nieuwsgierigheid.

De homo economicus

De homo economicus is de rationele mens die besluiten neemt op basis van logica.

In de jaren vijftig doet een wasmachinefabrikant onderzoek naar de ideale wasmachine. Onderzocht wordt welke functies en aspecten belangrijk zijn om de ideale wasmachine te maken. De uitkomst is een lijst van technische specificaties die een redelijk geprijsde, ideale wasmachine mogelijk maken. De fabrikant neemt de machine in productie in de veronderstelling dat ze het ideale product hebben, en dat niemand functionele perfectie kan weerstaan.

Wat blijkt: de ideale wasmachine is een flop. Logisch gezien is deze machine het beste product, en toch kiezen (zelfs de oorspronkelijk bij het onderzoek betrokken) consumenten voor andere apparaten.

Leidende behoeften

Dit heeft geleid tot een ontwikkeling in de marketing, waarbij psychologie een grote rol speelt. Volgens onderzoek worden keuzes gemaakt op basis van motivatie vanuit acht verborgen behoeften, verlangens en begeerten. Kijk eens met andere ogen naar reclame, en zie of je kan ontdekken aan welke van deze acht behoeften wordt geappelleerd:

  • Zekerheid krijgen
  • Zelfrespect verhogen
  • Tevreden zijn met jezelf
  • Scheppen en creëren; bewijs van bestaan
  • Identificatie met idolen en rolmodellen
  • Macht en kracht
  • Verbondenheid
  • Onsterfelijkheid en jeugdigheid

NLP en de irrationele mens

Waar het traditionele onderwijs zich richt op werkelijkheid, logica en kennis, richt NLP zich op effect, gevoel en proces. Hoe te handelen als rationeel mens, dat leer je op school, hoe te handelen als irrationeel mens leer je in een NLP Practitioner opleiding. Nu is het niet zo dat de ene aanpak in het algemeen beter is dan de andere, elke situatie is anders, en vraagt om een eigen aanpak.

Wanneer je de liefde van je leven wetenschappelijk en logisch bekijkt, is het snel gedaan met de liefde. Als dat het gewenste effect is, prima. Wil je een ander effect, dan is het NLP dat meer geschikt is.

Posted by Rutger in NLP handleiding