taal

Donald Trump en NLP.

Hier een interessante video over Donald Trump en zijn taalgebruik. Twijfelde je nog aan het effect van taal? Ik denk dat het Milton-model nog sterker kan worden als we het taalgebruik van deze man verder analyseren, modelleren en toevoegen.

Have fun:

Posted by Rutger in NLP handleiding

Waarnemen en kalibreren

Hoe vaak komt de letter ‘F’ voor in de volgende tekst:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Wat staat hier:

Vlgones een sduite aan een elgnese unvirestiet mkaat het neit uit in wlke vlgrodoe de lttrees in een wrood satan, het eigne dat blagnrijek is, is dat de ersete en de ltaatse ltteer op de gdoee palats satan. De rset kann ttaaol oiznn zjin maar tcoh kun je het geod leezn. Dit kmot dradoot we neit ltteer voor ltteer arpat lzeen maar wodoren in zjin gheeel.

Kan je dit lezen:

D323 M3D3D3L1NG L44T J3 213N T0T W3LK3 GR0T3 PR35T4T135 0N23 H3R53N5N 1N 5T44T 21JN. 1N H3T 83G1N W45 H3T 23K3R N0G M031L1JK D323 T3K5T T3 L323N, M44R NU K4N J3 H3T W44R5CH1JNL1JK 4L W4T 5N3LL3R L323N 20ND3R J3 3CHT 1N T3 5P4NN3N. D4T K0MT D00R H3T 3N0RM3 L33RV3RM0G3N V4N 0N23 H3R53N5. KN4P H3? D323 M3D3D3L1NG M4G J3 K0P13R3N 3N V3RD3R V3R5PR31D3N.

Onze waarneming

Hoeveel vaak komt de ‘f’ voor volgens jouw telling? De meeste mensen tellen er 16 of 17. Maar het zijn er meer:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Het zijn er 23! Vooral het woordje ‘OF’ wordt vaak gemist. Er zit dus iets raars in ons waarnemen. Zelfs wanneer we ons concentreren, zien we niet alles…

En wanneer je het 2e stukje las als ‘Volgens een studie aan een Engelse universiteit…’, dan was je niet aan het waarnemen, maar dan was je de letters die er staan aan het vervormen tot woorden zoals je ze kent. Je leest dan iets wat er feitelijk niet staat. Wanneer dat stukje in een taal was geschreven die je niet kende, dan had je wel letterlijk de letters uitgesproken zoals ze er stonden. We verbinden onze waarneming aan wat we in het verleden hebben geleerd. We zien iets en proberen het onbewust te duiden. We zien niet wat er staat, we zien wat we kennen.

Het derde stukje laat je zien hoe snel dit proces gaat, hoe flexibel je hersenen zijn om snel te leren en uit het feitelijke waarnemen naar betekenis gaan.

Belangrijk NLP uitgangspunt: Ons sterkste instinct is niet de ‘will to survive’ maar onze drang om dingen vertrouwd te maken (‘will to make things familiar’).

Het zintuigensysteem

Wij nemen de wereld feitelijk waar door gebruik te maken van onze 5 zintuigen:

  • Ogen kijken (Visueel)

    Zintuigensysteem en waarnemen

    Zintuigensysteem en waarnemen

  • Oren luisteren (Auditief)
  • Lichaam voelt (Kinestetisch)
  • Neus ruikt (Olfactoir)
  • Mond proeft (Gustatoir)

Voor het gemak worden deze zintuiglijke systemen in NLP veelal afgekort tot: V A K O/G.

Omdat we naast waarnemen ook denken (tegen ons zelf praten) wordt er verschil gemaakt tussen Auditief tonaal (At: luisteren met je oren) en Auditief digitaal (Ad: tegen je zelf praten).

Ook wordt er onderscheid gemaakt tussen de verschillende manieren waarop je kan voelen (Kinestetisch):

  • Tactiel: voelen aan de buitenkant; waarnemen buiten jezelf
  • Proprioceptief: voelen aan de binnenkant; waarnemen binnen jezelf
  • META: waarde bepalende gevoelens en emoties

NLP stelt dat ieder mens een bepaalde voorkeur heeft bij de inzet van de zintuigen (V-A-K-O-G-Ad). Sommige zintuigen zijn beter ontwikkeld dan de andere. Dat is per mens verschillend, en aangezien zintuigen te trainen zijn, is het geen vastgesteld gegeven, en kan het per situatie verschillen.

Het primaire voorkeurssysteem van waarnemen (V A K O/G Ad) herkennen bij een ander is handig om beter contact te maken. Je kan het primaire voorkeursysteem bij een ander herkennen door:

  • Te luisteren naar de woorden die de ander gebruikt (predicaten)
  • Te kijken naar de lichaamshouding (fysiologie)
  • Te kijken naar de oogpatronen

Dit worden ook wel de accessing cues (toegangsignalen en –aanwijzingen) genoemd.

VAKOGAd overzicht

V – Visueel, zien

A – Auditief, horen

At – Auditief tonaal, luisteren

Ad – Auditief digitaal, praten tegen jezelf, ‘denken’

K – Kinestetisch, voelen

Kt – Kinestetisch tactiel, voelen aan de buitenkant

Kp – Kinestetisch proprioceptief, voelen aan de binnenkant

Km – Kinestetisch meta, waarde bepalend of emotie

O – Olfactior, ruiken

G – Gustatoir, proeven

Lead system (zoeksysteem)

NLP stelt dat iedereen een zintuiglijk weergavesysteem heeft waarmee iemand zich richt op een innerlijke ervaring, of een herinnerde ervaring opzoekt.

Als voorbeeld:

Zoek naar een ervaring waarin je zeker was van jezelf. Qua volgordelijke stappen kan je eerst een beeld ZIEN (visuele “lead”) van die ervaring, om je vervolgens te herinneren welke gevoelens horen bij dat moment van zekerheid (kinestetische weergave).

Dit lead system is met de oogpatronen goed te herkennen.

Synesthesie

Synesthesie is een proces waarbij de weergave in het ene zintuigensysteem direct een ervaring oproept in een ander zintuigensysteem. Beide systemen overlappen elkaar. Bijvoorbeeld wanneer je het geluid hoort van een krijtje over een schoolbord en direct de rillingen over je rug voelt lopen.

BMIR’s – Behavioral Manifestations of Internal Representation

BMIR’s zijn (minimale) non-verbale en verbale toegangssignalen die in verbinding staan met onze zintuigen, de VAKOGAd. Door te letten op BMIR’s kan je beter afleiden wat er bij de ander gebeurt. Het is daarbij belangrijk in de gaten te houden dat ieder mens uniek is; niemand heeft gelijke BMIR’s. Voordat je dus betekenis mag en kan geven aan de BMIR’s die je waarneemt moet je onderzoeken wat een BMIR specifiek bij iemand betekent (dat proces van afstemmen heet kalibreren).

In een gesprek letten op veranderingen in fysiologie en stem (kijken en luisteren) geeft je inzicht in het interne proces bij de ander. Je wellicht niet zien WAT er gebeurt, maar wel DAT er wat gebeurt.

Visuele BMIR’s – wat je kan zien veranderen

  • Spierspanning in het gezicht
  • Vochtigheid van de huid
  • Kleur(verandering) van het gelaat
  • Onderlip (grootte en kleur)
  • Oogbewegingen
  • Grootte van de pupil
  • Schuine stand van het hoofd
  • Ademhaling: plaats, snelheid, diepte
  • Houding
  • Hoek van de ruggengraat (hoofd, nek, schouders)
  • Arm -, hand- en vingergebaren
  • Verdeling van gewicht
  • Gezichtsuitdrukking, wenkbrauwen, kaken, mond

Auditieve BMIR’s – wat je kan horen veranderen

  • Toon
  • Tempo
  • Plaats
  • Hoogte
  • Volume
  • Ritme
  • Pauzes
  • Predicaten
  • Warmte
  • Intonatie en intonatiepatronen

Kalibreren

Wanneer je iets ziet of hoort bij iemand, en je wilt ontdekken wat dat betekent, dan noemt NLP dat proces van onderzoeken en afstemmen ‘kalibreren’. Wanneer je niet kalibreert, en BMIR’s een betekenis geeft ‘omdat dat meestal zo is’, dan ben je aan het gedachtelezen, of mindreaden. Omdat iedereen unieke BMIR’s heeft, is het proces van kalibreren erg belangrijk om feitelijk te blijven bij wat er gebeurt bij de ander in plaats van niet verder te komen dan wat jij denkt dat er gebeurt bij de ander.

Kalibreren is het ontdekken van toegangsignalen. In de basis is het een vermogen (vaardigheid) om verschillen te kunnen zien en/of horen. Om onderscheid te kunnen maken is het noodzakelijk tenminste 2 zijnstoestanden waar te nemen.

  • Een enkel signaal is een voorval zonder betekenis
  • 2 dezelfde signalen is toeval
  • 3 dezelfde signalen is een patroon (kalibratie)

Oefening waarnemen of gedachtelezen

Ga bij de volgende uitspraken voor jezelf na of het iets is wat je feitelijk ziet, of dat een een mening/waardeoordeel is:

  • Je ziet hem opgelucht adem halen.
  • Je kon zien dat ze niet tevreden was.
  • Ze stond ontspannen te presenteren.
  • Als hij praat beweegt hij met zijn handen.
  • Hij fronste terwijl hij naar beneden keek.
  • Hij fronste zijn wenkbrauwen om te laten zien dat hij twijfelde aan haar woorden.
  • Ze keek schichtig om zich heen.
  • Zijn stem trilde en klonk nerveus.
  • Terwijl hij praatte bewoog zijn hoofd.
  • Hij bloosde van schaamte.
  • Hij vind mij niet aardig want hij kijkt telkens weg als ik hem aankijk.
  • Hij schudde zijn hoofd dus was het er niet mee eens.
  • Zij knikte want ze is het er mee eens.
  • De Italiaan was erg tevreden; hij maakte een rondje met duim en wijsvinger: perfect!
  • De ene Griek vond het goed, hij zei “Ohkee.”. De andere niet, hij zei “Nee.”.
  • Zij gaat het doen, ze zei “Ja, ik doe het wel.”.
  • De Pakistaan schudde zijn hoofd, dus bedoelde nee.
  • De Arabier gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De Japanner gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De flipover heeft witte bladen van papier.

Klik hier voor een antwoordindicatie.

Dus:

WAARNEMING -> Betekenis geven -> MINDREAD

Feitelijk en objectief -> Betekenis geven -> Jouw werkelijkheid en subjectief

Werkelijkheid -> Betekenis geven -> Waardeoordeel en overtuiging

Accessing cues – toegangsignalen en -aanwijzingen

Overzicht BMIR’s (generaliserende mindreads)

Visueel Auditief (At en Ad) Kinestetisch (K en O/G)
Ademhaling Hoog, snel, onregelmatig Middenrif Diepe buikademhaling, langzamer
Gezichtsuitdrukking Ogen dichtknijpen Gefronste wenkbrauwen Ontspannen spieren
Stem Hoge neusklanken Stiltes, afgemeten, nadrukkelijk Laag, vanuit de adem
Tempo Snel, opgewonden Ritmisch Langzamer
Houding Rechte rug, kin omhoog Hoofd naar rechts beneden gebogen Hoofd naar links beneden, rug iets in elkaar gezakt
Gebaren Naar boven wijzen, in de ogen wrijven Kin in hand, rond oren wijzen Handen op de buik leggen, denkbeeldige handelingen uitvoeren

Eye accessing cues (oogpatronen)

In het diagram hieronder kan je de oogpatronen van iemand afleiden. Het is zo getekend alsof dit het gezicht is van iemand die jou aankijkt. De oogpatronen hieronder gelden voor de meeste rechtshandige mensen (standaard georganiseerd mens).

LET OP: KALIBREREN IS BELANGRIJK!

Eye accessing cues (oogpatronen)

Eye accessing cues (oogpatronen)

De ogen kunnen ook recht vooruit staan, uit focus (down-time; intern gericht), al dan niet met vergrote pupillen. Dat duidt op snelle toegang naar (directe) zintuiglijke informatie, voornamelijk visueel.

  • VC: visueel geconstrueerde beelden (ogen op recht); vaag, flitsend, duidelijk verbeelden, heldere toekomst
  • VR: visueel herinnerde beelden (omhoog verlaten ogen); fotografisch geheugen, totale herinnering, toekomstvisie, schitterend perspectief, opnieuw bekijken, kleurrijk geheugen.
  • ACt: Auditief geconstrueerde geluiden of woorden, tonaal (ogen horizontaal en aan het recht); repeteren, woorden zeggen.
  • ARt: Auditieve herinnerde geluiden of woorden (ogen horizontaal en aan de linkerzijde); woorden herhalen die gehoord zijn.
  • K: Kinestetische sensaties en gevoel (intern en extern, ook reuk en smaak, ogen onderaan recht); voelen, aanraken, warm, soepele tred, kietelen.
  • AD: Auditieve geluiden of woorden (ogen onderaan de linkerzijde); interne dialoog, praten tegen jezelf, “aha”

Vragen stellen om oogpatronen te kalibreren

VR

  • Welke kleur heeft je favoriete boek?
  • Welke kleur heeft het huis van de buren?
  • Is er een ronde tafel in je huis?

VC

  • Hoe ziet een zebra eruit met paars/oranje haar?
  • Hoe ziet een mier eruit met roze sokjes aan?
  • Wat ga je morgen doen?

AR

  • Hoe klinkt je favoriete instrument?
  • Hoe klinkt volledige rust en stilte?
  • Wat klinkt harder: jouw deurbel of een claxon?

AC

  • Hoe klinkt een piepende muis in een windtunnel?
  • Hoe zou een dweilorkest klinken op Mars?
  • Hoe klinkt mijn stem, als ik zou praten zoals Mickey Mouse?

AD

  • Hoe doe jij de dingen ‘s ochtends?
  • Wat zeg je tegen jezelf als je thuiskomt?
  • Hoe poets jij je tanden?

K

  • Hoe voelt het als je in de zon ligt?
  • Hoe voelt je rechtervoet aan als die slaapt?
  • Welke sok zit beter, die van je rechter- of van je linkervoet?

Bij onduidelijke oogpatronen kan je meer gedetailleerde vragen stellen. Vooral vragen met een vergelijking of contrast: Welke … is (vergelijking), … of …? Bijvoorbeeld Welke kleur is donkerder, bastogne- of ontbijtkoek?

Oefening Vragen om oogpatronen te kalibreren

Geef aan of de onderstaande vragen Vc, Vr, Ac, Ar, K (O,G) of Ad zijn

  • Hoe zou je huis er uit zien met roze verf?
  • Welke kleur had het haar van je moeder, toen je haar voor het laatst zag?
  • Ben jij je bewust van deze vraag?
  • Hoe gaat de melodie van je favoriete lied?
  • En hoe zou je favoriete lied klinken met kerstklokken op de achtergrond?
  • Hoe voelen smeltende sneeuwballen in je hand?
  • Wat zeg je nu tegen jezelf?
  • Hoeveel ramen heeft je huis?
  • Hoe klinkt een muntje dat op straat valt?
  • Hoe klinkt een grote sneeuwbui die in zee valt?
  • Hoe zou jij er uit zien met haar van goud?
  • Heb je voor meer ramen dan achter?
  • Wat zou beter zijn: je huis paars met witte stippen, of met rode strepen?
  • Welke kleur heeft je voordeur?
  • Wat zeg jij tegen jezelf net voordat je de fiets neemt?
  • Heb je een ronde spiegel in huis?
  • Hoe klinkt de zee?
  • Hoe zag vorig jaar de leukste kerstkaart er uit?
  • Hoe klinkt Donald Duck nadat hij een ballon met helium heeft ingeademd?
  • Hoe zal het voelen om op de maan te dansen?
  • Hoe smaakt je favoriete eten?
  • Hoe ziet de kaft van je favoritete boek er uit?
  • Hoe klinkt een krijtje op een schoolbord?
  • Hoe smaakt een grote hap watten?
  • Wat zeg jij tegen jezelf wanneer je een complimentje krijgt?
  • Wat zeg je tegen jezelf wanneer je voor de koelkast staat?
  • Wat vindt je van deze vragen?
  • Realiseer jij je wat hier nu gebeurd?
  • Hoe zie jij er uit als een teletubbie?
  • Hoe zou je kamer er uit zien wanneer deze blauw was?
  • Welke kleur had de kamer waar je bent opgegroeid?
  • Wat was het laatste wat ik gezegd heb?
  • Hoe voelt het wanneer je in een plas stampt?

Speciale oogwaarnemingen

  • Je kan aan de ogen zien of iemand ‘naar binnen gekeerd is’. Dat is het moment om ruimte voor nadenken te geven, of suggesties te geven (korte trance-staat).
  • Je kan aan de ogen zien waar iemand naartoe kijkt (richting) wanneer deze zich iets voorstelt: ver weg, dichtbij, hoog, laag etc.
  • TransDerivational Search (TDS): verwilderde oogpatronen, geeft aan dat iemand informatie zoekt, in verwarring is, en/of probeert betekenis te geven. Checken of na de TDS de informatie is gevonden, dan wel betekenis is gegeven kan handig zijn. Wederom een goed moment voor suggesties (korte trance-staat). Merk wat er gebeurt:
    • Je doet het weer, of niet soms…?
    • Misschien denk je aan de gedachten die je gisteren had…?
    • De vele kleuren die fruit kan hebben…
    • Er zijn leuke momenten geweest, nietwaar…?
    • Je bent nog iets vergeten, nietwaar…?
    • Wat is het dat je nu niet kan herinneren…?
    • Jij kan je beseffen dat je nu met een glimlach is altijd leuk…
    • Rijk zijn is een staat zijn zegt het woordenboek…
Posted by Rutger in NLP handleiding

Wat is NLP? Wat is Neuro-Linguïstisch Programmeren?

Wat is NLP? Neuro-Linguïstisch Programmeren definitie en beschrijvingen.

NLP is de afkorting van Neuro-Linguïstisch Programmeren.

Wat is NLP? Wat is Neuro-Linguïstisch Programmeren?

Wat is NLP? Wat is Neuro-Linguïstisch Programmeren?

  • Neuro: komt uit het Grieks, van het woord neuron, dat zenuwcel betekent. Symbool voor het brein.
  • Taalkundig: uit het Latijn komt het woord Lingua, dat taal betekent. Symbool voor onze communicatie.
  • Programmering: hoe de elementen van een systeem worden georganiseerd om tot patronen van activiteit en/of gedrag te komen. Symbool voor opeenvolging van doelgerichte acties.

Neuro-Linguïstisch Programmeren wordt gedefinieerd als “de studie van de subjectieve ervaring”.

Het stelt dat niet de realiteit zelf, maar ons beeld van de realiteit de wereld waarin wij leven bepaald. Vanuit dat perspectief onderzoekt Neuro-Linguïstisch Programmeren hoe het proces werkt waarmee iemand de realiteit vertaald naar beleving, om daar vervolgens (praktische) invloed op te kunnen hebben.

Het gaat over je beleving – hoe je de wereld ziet met iedereen daar in, hoe je doet wat je doet, hoe jij je eigen realiteit creëert,  met hoogte- en dieptepunten. Neuro-Linguïstisch Programmeren kan je leren hoe je meer van de wereld kan zien, horen en voelen, kan je jezelf beter leren kennen en anderen beter leren begrijpen.

Ook gebruikte beschrijvingen van wat is NLP Neuro-Linguïstisch Programmeren:

“Het is een houding en een methodologie met in haar kielzog een serie aan technieken” – Richard Bandler.

Neuro-Linguïstisch Programmeren is een methode voor persoonlijke ontwikkeling – gereedschap om prestaties te verbeteren, van jezelf en van anderen.

Het is een model voor effectieve communicatie – een praktische en pragmatische verzameling van inzichten en methodes die de communicatie met jezelf en anderen kan verbeteren.

Neuro-Linguïstisch Programmeren is alles wat je helpt om te doen wat je wilt, wanneer je wilt, waar je wilt, met wie je wilt, zo veel je wilt, op een manier die een bijdrage levert voor anderen, terwijl je plezier hebt om dat te realiseren.

Neuro-Linguïstisch Programmeren is een manier om te modelleren – ofwel om overdraagbare modellen te maken van menselijk gedrag.

Het is een methode om competenties en vaardigheden overdraagbaar te maken. De opleidingen lijken aan de oppervlakte gericht op het verbeteren van de soft skills, en zijn op dieper niveau gericht op het effectiever in je werk (en leven) staan.

Wat is NLP? Neuro-Linguïstisch Programmeren is de kunst van succesvol functioneren.

Nieuw Leren van Perfectie.

Niet Langer Prutsen.

Natuurlijk Leiderschap Proces of Natuurlijk Leiderschap Professional.

Gewoon anders kijken.

Posted by Rutger in NLP handleiding

NLP Metaprogramma’s

Metaprogramma’s geven informatie over hoe we onze aandacht richten, hoe we met onze wereld omgaan, hoe we waarnemen en hoe we met informatie filteren. Metaprogramma’s behoren tot de onbewuste filters (zie NLP communicatiemodel), en bevinden zich in de neurologische niveau’s van Dilts tussen IDENTITEIT en WAARDEN, en zijn dus rol- en context-gebonden. Metaprogramma’s liggen niet vast, en kunnen veranderen.

  • Vaste patronen in waarnemen, denken en voelen die we laten zien in ons (non-) verbaal gedrag.
  • Vaste patronen die ons in vergelijkbare situaties steeds hetzelfde laten reageren.
  • Onbewust, stress- en contextgebonden.
  • Metaprogramma’s zijn niet zwart-wit, maar grijstinten (verdeling en indeling op een schaal)
  • Aansluiten bij metaprogramma verfijnt rapport.
  • Diversiteit van metaprogramma’s binnen een team verhoogt teamprestatie.
  • Kennen van de metaprogramma’s (met name de originele Jung-typologie) levert een schat aan informatie op bij het begrijpen van jezelf en anderen, het in kaart brengen van problemen en doelen bij coaching.
  • Bij het modelleren zijn de metaprogramma’s een bron van informatie over de wijze van filteren.
  • Verschil in metaprogramma’s kan leiden tot verschil in resultaat bij dezelfde strategie.

Misschien dat je denkt dat iets nieuws is, maar de voorkeur van zintuigsysteem is een metaprogramma dat je (wellicht) al kent.

Basis metaprogramma’s (Jung typologieën)

Extern gedrag (energie voorkeur)

Houding in de richting van de buitenwereld. Hoe mensen energie krijgen en gebruiken.

Wanneer het tijd is om je mentale batterij op te laden, geef je er dan de voorkeur aan om alleen te zijn (Introvert), of met mensen (Extravert)?

 

Introvert          25% (ervaring spiegelend aan MOW, rustig, concentratie, schriftelijk)

  • Houdt van een rustige omgeving om zich te concentreren
  • Interesse in achtergronden, theorieën en concepten.
  • Handelt doordacht, soms afwachtend, houdt van onafgebroken werken
  • Houdt niet van interrupties
  • Nieuwe ideeën door rustig na te denken
  • Denkt na voor een antwoord of reactie, rustig en ingetogen
  • Houdt van tweegesprekken met doordachte standpunten en conclusies
  • Liever schriftelijk dan mondeling

Extravert         75% (ervaring spiegelend aan omgeving, initiatief, expressief, mondeling)

  • Houdt van afwisseling en actie
  • Interesse in praktische uitvoering en hoe anderen iets doen
  • Handelt snel en soms impulsief, houdt van opschieten
  • Houdt van onderbrekingen
  • Nieuwe ideeën door gesprekken
  • Reageert snel, zonder lang nadenken, enthousiast en luidruchtig
  • Houdt van groepsgesprekken en brainstormen
  • Liever mondeling dan schriftelijk

Intern proces (aandachtsvoorkeur)

Hoe nemen we informatie tot ons? Verzamelen en opnemen.

Als je een bepaald onderwerp gaat bestuderen, zou je dan meer geïnteresseerd zijn in de feiten en toepassingen daarvan (Sensor), of zou je meer geïnteresseerd zijn in de ideeën en de relatie tussen de feiten en de toepassingen daarvan in de toekomst (iNtuitor)?

 

Sensor            75% (zintuigen, realist, praktisch, details, feiten)

  • Werkt het liefst op basis van opgedane ervaring en een vast, bekend patroon
  • Plezier in toepassen van goed ontwikkelde kennis en vaardigheden
  • Mate van wantrouwen naar eigen ingevingen en inspiratie
  • Zeer accuraat
  • Houdt van praktisch bezig zijn
  • Goed oog voor detail, en onderbouwt met feiten
  • Houdt van stabiliteit en geleidelijk veranderen
  • Vraagt vooral om feitelijke onderbouwing
  • Vraagt om praktische en realistische toepassingen
  • Geeft voorbeelden uit eigen ervaring
  • Waardeert kritiek en suggesties mits eerlijk en bruikbaar
  • Ordelijke stap-voor-stap benadering
  • Werkt volgens agenda; wijkt liever niet af
  • Verwijst naar specifieke voorbeelden

iNtuitor            25% (intuïtie, dromer, creatief, betekenis, verbanden, ideeën)

  • Houdt van aanpakken/oplossen van nieuwe ingewikkelde zaken en problemen
  • Plezier in het aanleren van nieuwe kennis en vaardigheden
  • Laat zich makkelijk leiden door eigen ingevingen en inspiratie
  • Houdt niet van nauwkeurig en zorgvuldig controleren van feitelijke informatie
  • Houdt van vernieuwend bezig zijn
  • Goed oog voor de grote lijn, en benadert vanuit globaal overzicht
  • Houdt van regelmatige en radicale verandering
  • Vraagt vooral om een algemeen kader, de grote lijn
  • Stelt toekomstmogelijkheden aan de orde
  • Geeft graag eigen inzicht en visie
  • Waardeert kritiek en suggesties die origineel zijn, of een nieuw perspectief bieden
  • Laat ruimte voor veel invalshoeken
  • Geen probleem met afwijken van agenda
  • Verwijst naar algemene concepten

Interne staat (beslissingsvoorkeur)

Hoe krijgen we toegang tot states (stemmingen) en hoe nemen we beslissingen.

Denk aan een werksituatie waarin je problemen had. Denk aan een werksituatie waarin je gelukkig was. Wanneer je een beslissing neemt in een werksituatie, is deze dan meer gebaseerd op argumenten en logica (Thinker) of op persoonlijke waarden (Feeler)?

 

Thinker           45% V, 55% M (denken, vastberaden, analytisch, redelijk)

  • Komt via een logische, analytische weg tot besluiten / conclusies
  • Kan ook presteren in minder harmonieuze omgeving
  • Kan ongewild gevoelens kwetsen, zonder dit zich bewust te zijn
  • Neemt beslissingen op basis van zakelijke overwegingen
  • Standvastig in denken en kritische instelling
  • Normatief, en handelt vanuit algemene (erkende) principes
  • Kort en bondig
  • Ziet graag concrete voor- en nadelen op een rijtje
  • Reageert intellectueel, objectief en kritisch
  • Laat zich overtuigen door ratio in argumentatie
  • Presenteert doel en te bereiken resultaten eerst
  • Gevoelens en emoties van anderen zijn feiten om rekening mee te houden
  • Gericht op inhoud

Feeler             55% V, 45% M (voelen, sympathiek, normen en waarden, zachtmoedig)

  • Besluit op basis van waardeoordelen
  • Werkt best in harmonieuze omgeving
  • Doet graag een plezier, is graag ter wille, ook met kleine dingen
  • Laat zich makkelijk beïnvloeden door persoonlijke wensen en voorkeuren
  • Wil graag sympathiek overkomen, houdt niet van corrigerend of kritisch optreden
  • Evalueert en handelt vanuit normen en waarden
  • Houdt van dialoog in ontspannen sfeer
  • Hoort graag de waarde en menselijke impact van verschillende alternatieven
  • Reageert gevoelsmatig, subjectief, waarderend, vanuit een interpersoonlijke focus
  • Laat zich overtuigen door persoonlijke betrokkenheid en enthousiasme
  • Presenteert gemeenschappelijke punten en belangen eerst
  • Rationele objectiviteit is iets dat nog op waarde moet worden getoetst
  • Gericht op relaties

Adaptie operator (levensvoorkeur)

Hoe we ons aanpassen aan de omgeving en hoe we ons leven inrichten

Als wij samen een project zouden doen, zou je er dan de voorkeur aan geven dat het project gepland en keurig uitgewerkt was (Judger), of zou je er de voorkeur aan geven dat we in de gelegenheid waren om heel flexibel te zijn in het project (Perceiver)?

 

Judger            50% (beoordelen, plannen, systematisch, past leven aan zichzelf aan)

  • Voorkeur voor plannen en volgens plan uitvoeren
  • Ziet nieuwe dingen en nodige wijzigingen makkelijk over het hoofd
  • Zorg voor goed regelen en afronding
  • Tevreden wanneer beslissing is genomen of conclusie is bereikt
  • Snelle beslisser
  • Zoekt structuur en systematiek
  • Ordelijke planning, tijdplanning, harde deadlines
  • Probeert verrassingen te vermijden
  • Verwacht doorzettingsvermogen
  • Geen onduidelijkheid over standpunten en beslissingen
  • Praat in termen van resultaat, vorderingen, zinvolheid, koers
  • Sterk gericht op taken

Perceiver       50% (waarnemer, op je af laten komen, flexibel, past zich aan het leven aan)

  • Flexibel in werk en past zich aan omstandigheden aan
  • Stelt onplezierige taken uit
  • Houdt ruimte voor aanpassingen
  • Nieuwsgierig van aard, blij met nieuwe invalshoeken
  • Stelt beslissingen makkelijk uit op zoek naar alternatieven en opties
  • Past zich makkelijk aan, heeft verandering nodig
  • Geen moeite met plannen en tijdsplanning; wel met harde deadlines
  • Houdt van verrassingen en improviseert veel
  • Verwacht aanpassingsvermogen
  • Ziet beslissingen en standpunten als voorlopig
  • Praat in termen van mogelijkheden, kansen, onafhankelijkheid en flexibiliteit
  • Sterk gericht op samenwerking, met name op afstemming

Temperament

Met de basismetaprogramma’s kunnen 4 zogenoemde temperamenten worden onderscheiden. Een kort overzicht van deze temperamenten hieronder:

Believer – SP Traditionalist – SJ Rationalist – NT Idealist – NF
Doen Erbij horen Begrijpen Van betekenis zijn
Direct Verantwoordelijk Visie Charisma
Pragmatisch Georganiseerd Intelligent Creatief
Impulsief Dienstbaar Onafhankelijk Gevoelig
Spontaan Nauwgezet Analytisch Inspiratie
Avontuurlijk Grondig Helder Bevlogen
Tactische kracht Logistieke kracht Strategische kracht Diplomatieke kracht
Kernbehoefte SP Kernbehoefte SJ Kernbehoefte NT Kernbehoefte NF
Vrijheid van handelen Lidmaatschap of er bij horen Meesterschap of zelfbeheersing Betekenis en gewicht
Vermogen om invloed te hebben Verantwoordelijkheid of plicht Kennis en bekwaamheid Unieke identiteit

 

Andere metaprogramma’s

Richting filter

Benaderen: bepaald makkelijk het doel, en ziet soms risico’s over het hoofd. Denkt vooruit, is doelgericht, positieve energie, wil bereiken. Soms te veel initiatieven tegelijk, soms dingen niet afmaken.

Vermijden: Bewust van risico’s, veiligheid is belangrijk. Kan risico’s goed herkennen en inschatten. Soms overdreven voorzichtig. Soms moeite met nieuwe ervaringen; is sneller verward.

Redenfilter

Mogelijkheid: Ziet mogelijkheden. Kan, mag en wil. Heeft ruimte. Heeft keuzes. Mist soms begrenzing. Soms gebrek aan motivatie. Goed in ontwikkelen procedures. Gelooft dat er betere manieren zijn.

Noodzakelijkheid: Moet, het hoort zo, noodzaak. Er zijn regels, er is houvast. Beperkend als je geen keuze hebt. Goed in volgen procedures. Doet dingen graag “op de juiste manier”.

Referentiekader filter

Intern: Baseert beslissingen op eigen oordeel, gevoelens en mening. Blijft gemotiveerd, ook met weinig feedback en schouderklopjes. Soms te weinig luisteren naar goede raad en adviezen. Beslist makkelijk.

Extern: Hecht veel waarde aan mening van anderen. Neemt beslissingen op concrete feiten, bewijzen en gevoel van anderen. Kan stress ervaren bij weinig feedback. Kan besluiteloos zijn. Vraagt voortdurend om advies en gebruikt dat naar eigen inzicht.

Overtuigingsfilter: zintuigen

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen.

Zien overtuigt binnen V

Horen overtuigt binnen A

Lezen overtuigt door taal Ad

Doen overtuigt door K

Overtuigingsfilter

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen, en hoe vaak herhaling nodig is.

Relatiefilter

Hetzelfde: leert door GOEDE voorbeelden na te doen. Wil dat de wereld gelijk blijft; conservatief. Houdt niet van verandering.

Verschillend: leert door FOUTEN te verbeteren. Houdt niet van stabiele en statische situaties. Progressief.

Extreem verschillend (mis-matchers) vertel je precies het tegenovergestelde van wat je wilt, om te bereiken wat je wilt.

Managementrichting filter

Iemand die de 1e vraag met nee beantwoord zal meer inhoudelijk advies en sturing nodig hebben bij coaching, dan iemand die daar ja antwoord. Door aan te sluiten bij deze overtuigingen bouw je beter rapport op. (“En ik weet dat jij weet wat zij nodig hebben om nog beter hun werk te doen, blablabla”)

Actiefilter

Proactief: Neemt vaak initiatief en handelt snel. Soms eerst doen, dan pas nadenken. Initieert. Kan impulsief zijn. Zorgt dat dingen gebeuren.

Reactief: Nadenkend en reflecterend. Neemt tijd om voor te bereiden, te analyseren en te begrijpen. Wacht soms te veel af, kan vervallen in denken zonder doen.

Affiliatiefilter (aansluiting)

Onafhankelijk speler (IK): Spreekt in termen van IK en wat het MIJ oplevert. Gaat er van uit dat mensen voor zichzelf zorgen. Werkt graag alleen. Zorgt goed voor zichzelf en raakt niet verstrikt in de problemen van anderen. Werkt niet gemakkelijk in teamverband. Kan soms onverschillig overkomen.

Teamspeler (WIJ): Zorgt dat iedereen zich goed voelt. Houdt veel rekening met anderen. Wil graag en goed samenwerken. Heeft de neiging anderen voor te laten gaan. Heeft soms moeite met zelfstandig beslissen.

Managementspeler (IK en ZIJ): Werkt graag met anderen, met een eigen duidelijke verantwoordelijkheid. Kan zowel samen als alleen werken. Heeft soms moeite met delen en delegeren van verantwoordelijkheid. Heeft soms moeite met erkenning van (het belang van) de rol van anderen.

Werkpreferentiefilter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Primair interesse filter

Patronen in de inhoud geven aan waar de aandacht ligt. Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Chunk size filter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde. Sterke overeenkomst met Sensing/iNtuition.

Dualisme filter

Zwart-wit: denkt in ja/nee. Duidelijk. Mist soms relativering en nuance.

Grijstinten: denkt in glijdende schalen. Kan ruimte laten voor interpretatie.

Tijdopslagfilter

In-time (in de tijdlijn): Perceiver. Leeft in het hier en nu, verdiept in het moment. Goede concentratie op taken, en emotioneel en mentaal betrokken. Kan de tijd uit het oog verliezen, en daardoor te laat zijn op afspraken.

Through-time (overzicht op verleden/heden/toekomst): Judger. Meestal op tijd voor afspraken. Goede planner. Geeft soms de indruk niet betrokken te zijn. Plannen maken en op tijd zijn kan belangrijker ervaren worden dan de ervaring zelf.

Informatieverwerkingsfilter

Belangrijk voor de aanpak tijdens een gesprek. Geef je mee en laat je bezinken, of is het dit gesprek waar het gebeurt.

Luisterstijl filter

Rapport: laat je spreken aansluiten bij de luisterstijl.

Spreekstijl filter

Rapport: laat je luisteren aansluiten bij de spreekstijl.

Modale operatoren van volgorde filter

De modale operatoren van volgorde geven de meest motiverende sequentie weer. Door deze structuur te gebruiken kan je motivatie installeren.

Planningsfilter

Opties: heeft graag keuzes en neemt alle opties mee. Overweegt alle opties, en geeft ook vaak keuzes aan anderen. Kan soms aarzelen, en beslissingen uitstellen tot het niet meer kan.

Procedures: Werkt vaak met schema’s en lijstjes om zaken ordelijk af te werken. Houdt niet van veel keuzes. Heel efficiënt en houdt zich aan de regels. Vindt soms de procedure belangrijker dan het werk, soms bureaucratisch en vertragend.

Tijdsoriëntatie filter

Ligt de focus op de voltooide tijd (verleden), de tegenwoordige tijd (heden) of op de toekomstige tijd (toekomst).

Verleden: wat was, kijkt naar het heden door de bril van het verleden, geen contact met de toekomst, geniet na.

Heden: wat is, kijkt naar wat zich hier en nu aandient, weinig contact met verleden en en toekomst, geniet van.

Toekomst: wat zal zijn, de toekomst bepaald het heden, moeite met zicht op heden en weinig/geen contact met het verleden, verheugd zich op.

Emotionele stress respons filter

Denken/gedissocieerd: weinig emotioneel betrokken, stress-bestendig, overzicht.

Voelen/geassocieerd: emotioneel betrokken, stress, hier en nu.

Aandachtsfilter

Sorted by self – IK: evalueert de communicatie op basis van eigen gevoelens, het eigen MOW staat centraal, aandacht is op zichzelf gericht, duidelijk in het stellen van eigen grenzen, weinig oogcontact, half luisteren, veel gebruik van “IK”, kan naar achteren leunen.

Sorted by others – DE ANDER: stemt af op anderen en hun criteria, het MOW van de ander staat centraal, betrekt reacties van anderen in de evaluatie van de communicatie, kan makkelijk over eigen grenzen heen gaan, veel oogcontact, aandachtig luisteren, veel gebruik “JIJ/U”, kan naar voren leunen.

Sorted by us – WIJ: Betrekt het handelen op het hele systeem, gaat uit van wat goed is voor het systeem. Ziet zichzelf als onderdeel van een groter geheel en werkt grensvervagend, veel gebruik “WIJ”.

 

 Tips voor metaprogramma’s

  • Het dualisme metaprogramma is een interessante. Zwart-wit denkers zullen submodaliteiten op verschillende plaatsen opslaan, terwijl grijsdenkers vaker een lijn of continuüm zullen ervaren.
  • Judgers gebruiken het T/F metaprogramma om te beoordelen. Perceivers gebruiken het S/N metaprogramma om waar te nemen.
  • Introverte personen die Voelen, voelen op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Denkers aan de buitenkant. Introverte personen die Denken, denken op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Voelers aan de buitenkant. Hierdoor krijgen Introverte personen veelal onjuiste feedback over hun denken/voelen uit hun omgeving.
  • Een letterlijke luisteraar zou complimenten van een afgeleide spreker kunnen missen.
  • Een afgeleide luisteraar zou kunnen ervaren dat welke vraag dan ook een verzoek tot actie is.
  • Scherpe vragen, metamodel vragen etc. kan je het beste zachter stellen (intonatie). Zachter verhoogt de aandacht enerzijds, vermindert weerstand anderzijds.

 

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Quantum linguïstiek

Realiteit strategie

In de basis gaat het allemaal om één vraag.

HOE WEET JE DAT? (of, ook leuk: HOE ZOU JE WETEN DAT HET NIET ZO WAS?)

Realiteit strategie

Realiteit strategie

Realiteitsconstructie

  • We creëren realiteit uit wat we observeren / waarnemen (extern zien/horen/ruiken/voelen/proeven).
  • We observeren (subjectief) met onze geest/hersenen (IR).
  • Waarnemingen zijn enkel metingen.
  • Metingen veranderen niets in iets.
  • We maken metingen onontkoombaar subjectief door onze taal (Ad).
Realiteitsconstructie

Realiteitsconstructie

Cartesische coördinaten

CONVERSE

~AB

 

Wat zal er niet gebeuren

als je het wel zou doen?

THEOREM

AB

 

Wat zou er wel gebeuren

als je het wel zou doen?

NON MIRROR IMAGE REVERSE

~A~B

 

Wat zal er niet gebeuren

als je het niet zou doen?

INVERSE

A~B

 

Wat zal er wel gebeuren

als je het niet zou doen?

 

Schuiven realiteitscoördinaten

Ruimte

WAAR

Waar doe je het wel?

Waar doe je het niet?

Tijd

WANNEER

Wanneer doe je het wel?

Wanneer doe je het niet?

Materie

WAT

Waarmee doe je het wel?

Waarmee doe je het niet?

Energie

HOE

Hoe doe je het wel?

Hoe doe je het niet?

 

Voorbeeld van toepassing: de tijd hussel

Ga naar binnen en probeer tevergeefs om hetzelfde probleem te hebben.

Het was een vervelend probleem, nietwaar?

Je wilt veranderingen maken, had je niet?

Hoe zou het zijn wanneer je die veranderingen hebt gemaakt, nu?

In de toekomst, terwijl je terugkijkt en je ziet hoe het was om dat probleem gehad te hebben…, terwijl je er over denkt nu, of je deze verandering kan maken voor jezelf, en dan STOP… die verandering gemaakt hebbende, kijk zelf maar, nu.

Als je terugkijkt naar jezelf, die verandering gemaakt hebbende, nu, vind je het leuk om de manier waarop je er uit ziet te zien toen je die verandering kon maken?

 

Voorbeeld van toepassing: Grenzen voorbij gaan

  • Wat is het?
  • Wat is het niet?
  • Hoe weet je dat het dat niet is?
  • Wat is het dat je niet moet weten om dat te weten?

Alternatief voor de 4e vraag:

Wat is het dat je net alsof doet niet te weten om dit te weten?

 

Ruimte-tijd schuiven

Ruimte schuiven

In of Uit, buiten
Hier en Daar
Deze Die
Omhoog Omlaag
Boven Onder
Over Onderdoor

 

Tijd schuiven

Voordat Nu Nadat
Was Is Zal zijn
Vroeger Nu Straks
Deed Doe Zal doen
Besloten Besluit Zal besluiten
Voelde Voel Zal voelen

 

Inductief en deductief taalgebruik

Inductief

“Als ik dit kan leren, kan ik alles leren”.

Een specifiek iets gebruiken als bewijs voor het geheel.

Deductief

“Omdat ik niet van chocoladesmaak hou, hou ik niet van chocoladevla”.

Een algemene stelling gebruiken voor een specifiek gevolg.

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Suggestie

Aan de basis van Milton taalgebruik ligt het geven van suggesties. Geheel tegen al hetgeen je in het reguliere onderwijs wordt geleerd (adagia als “Goede communiceren is oordeelloze communicatie” en “Gij zult open vragen stellen”) is het goed om te weten wat het effect is van suggestie en het dan (afhankelijk van welk doel je hebt) in te zetten wanneer het jou uitkomt.

Suggestie is een woord waar een dieptestructuur bijhoort. Wat is suggestie? Heb je daar een beeld bij? Heb je daar woorden bij? Suggestie is niets anders dan jouw idee, mening, oordeel of advies opperen aan de ander. Zo simpel is het: suggereren is het benoemen van jouw idee. Vervolgens, een tweede stap, is het geven van effectieve suggesties, oftewel suggesties die hun doel bereiken. Dat betekent dat je jouw doel kent, en dat je jouw idee op zo’n manier oppert dat het bijdraagt aan je doel. Als ik een generalisatie maak op basis van het effect van suggestie, dan volgt daaruit dat een effectieve suggestie betekent dat je idee/mening/oordeel/advies door de ander wordt overgenomen en gedragen, met minimale weerstand.

Dit suggestieve gebruik van taal krijgt vaak een negatieve connotatie. Woorden als manipuleren en negatieve gevoelens komen op. Wij wensen namelijk niet gemanipuleerd te worden. Daarbij gaan we echter voorbij aan het feit dat we altijd worden gemanipuleerd, en dat we altijd manipuleren. We dragen continue informatie over, waarmee we anderen beïnvloeden. Enkel je aanwezigheid maakt al dat je invloed hebt. Wanneer je deze invloed niet richt, dan krijg je nog steeds resultaten, zij het dat ze niet perse bijdragen aan je doel.

Ga eens een keer naar de bakker, en ga daar eens zonder invloed een ongesneden witbrood halen [het grappige vind ik dat de specificatie “ongesneden” misschien wel het lastigste is; het is zo ongebruikelijk dat een brood ongesneden wordt gevraagd dat zelf de spellingschecker het woord niet meer kent]. Laat OMA (oordelen, meningen en adviezen) thuis en neem LSD (luisteren, samenvatten en doorvragen) mee. Stel alleen open vragen. Je zal ontdekken dat je op hilarische wijze je doel niet haalt…

Datzelfde gebeurt in persoonlijke sfeer: wanneer je niet je invloed uitoefent, wanneer je niet manipuleert, dan kan je enkel volgend zijn in welke relatie dan ook. En in professionele sfeer heb je niets aan jouw expertise, je kan het niet inzetten want dat is manipulatie. Jouw expertise als professional zijn juist jouw situationele oordelen, meningen en adviezen. Een professional die niet manipuleert is slechts een uitvoerder; je kan dan geen rol als partner of expert uitvoeren.

Nu is het ene of het andere niet beter. Soms is het goed om wel invloed uit te oefenen, soms is het beter om dat niet te doen. Hoe weet je of je het ene of het andere inzet, of wellicht een tussenvorm? Simpel in een paar stappen:

  • Ken de situatie
  • Ken of stel je doel
  • Kies je strategie, op basis van je ervaring (dus zorg voor ervaring!!!)
  • Bepaal achteraf het effect van je gekozen strategie
  • Stuur bij indien nodig

Een eerste stap om suggestie te oefenen

Om ervaring op te doen met suggereren (hoe doe je dat, welk effect heeft het) kan een eerste stap zijn dat je gewoon hier en daar, zo nu en dan, een paar suggesties plant. Misschien dat je eerst een aantal voorbeeldzinnen wilt gebruiken, om later zelf je eigen formats te gebruiken (wanneer je hebt ontdekt dat alles wat je hoeft te doen om je invloed te hebben is het schetsen en meenemen van het gewenste beeld bij de ander). Kies er een paar hieronder uit, en probeer ze gewoon eens, waarbij je let op welk effect deze zinsconstructies hebben. Kies de juiste, sommigen zijn gericht op doelgerichte communicatie waarbij het doel een emotie is, sommigen zijn gericht op meer inhoudelijke doelen.

Voorbeeldzinnen, enkele formats van suggestie, om te oefenen

  • Wellicht wel, misschien ook niet, zal jij {SUGGESTIE}
  • Ik vraag me af, zal jij {SUGGESTIE}, of niet (“of niet” vermorzeld weerstand)
  • Mensen mogen, weet je, {SUGGESTIE}
  • Mensen zouden, weet je, {SUGGESTIE} kunnen
  • Jij zou {SUGGESTIE} kunnen
  • Ik zal je niet vertellen {SUGGESTIE}, omdat je dat zelf kan ontdekken

Misschien merk je al dat elke gedachte je kan doen beseffen dat je meer bewust wordt wat je nieuwsgierig kan leren te willen ontdekken en te willen ervaren. Wellicht heb je al gemerkt dat suggereren heel makkelijk is, wanneer je alleen je ideeën wil opperen.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Wat kan jij leren? NLP Concreet: de NLP Master Practitioner opleiding.

Wat leer je concreet met NLP? De NLP Master Practitioner opleiding

In de NLP Master Practitioner opleiding leer je NLP technieken te combineren, je leert complexere en "diepere" technieken, en je leert de methode achter NLP: het modelleren, waarmee je zelf NLP technieken kan maken.

Modelleren of model-leren

Je leert het verschil tussen de coach-staat, de modelleer-staat en de trainer-staat. Je bent NLP Practitioner, dus je kan zelf zorg dragen om op het gewenste moment in de gewenste staat te komen/te zijn. Omdat het modelleerproces ook de overdracht van het model betekent, staan we stil bij de 8 voorbereidende stappen van een training en/of presentatie. We staan stil bij de methode van het modelleren, bij de definiëring van het doelvermogen, bij de selectie van een rolmodel, bij de verschillende manieren van het informatie verzamelen, de analyse van de informatie, bij het vormen van het model, bij de uitgangspunten van de overdracht, en bij het 4-mat model, chunking en sequencing. Een eerste praktijkmodellering doen we gezamenlijk, een tweede doe je zelfstandig als eindopdracht.

Taal

We gaan verder met geavanceerde technieken en taalpatronen in NLP. We gaan dieper in op vooronderstellingen, reframing en Double Binds. We behandelen Quantum linguïstiek met de realiteitsstrategie, realiteitsconstructie, Cartesische coördinaten, inductief/deductief taalgebruik en het schuiven met ruimte/tijd. Tenslotte leer je het Sleight-of-Mouth-model (rapheid van tong) van Robert Dilts.

Uitgebreid coachmodel

Je leert om verschillende technieken te combineren, en (nog) flexibeler te zijn in je handelen. Een andere manier van doelen stellen, met de BHAG. Je leert 8 nieuwe (master-)basisvooronderstellingen. Verschillende onderwerpen uit de Practitioner komen samen in het Verenigd veld. Met de kernspeurder leer je snel tot de kern te komen. Je leert coachingresultaten meetbaar te maken. Je leert om de Future pace op verschillende manieren als extra bevestiging te gebruiken. Je leert verschillende complexe technieken uit te voeren.

Overtuigingen, Waarden, Metaprogramma’s, Identiteit en Missie

Je leert hoe je op de verschillende aspecten uitvraagt, en veranderingen teweeg brengt. Je leert de waardenhiërarchie uit te vragen, en op te schonen. Je leert interne waardenconflicten op te lossen, en je leert verschillende technieken om contact te maken diepere gronden, waar woorden niet toereikend zijn. Je leert over de evolutie van waarden, en de rol van waarden in persoonlijke ontwikkeling. Je leert over onbewuste persoonlijkheidprogramma’s (metaprogramma’s), hoe je deze uitvraagt, wat het betekent en hoe je dit gebruikt, en hoe je eventueel interventies kan uitvoeren. Je leert hoe het identificatieproces werkt, en wat je hiermee kan. Je maakt werkelijk contact met jezelf met de de-identificatie techniek, en je ontdekt hoe eenvoudige opmerkingen op identiteitsniveau impact kunnen hebben.

De NLP Master Practitioner is een heel actieve, praktische en intensieve opleiding. Nog meer dan de NLP Practitioner. Is het bij de Practitioner nog redelijk aan de oppervlakte, bij de Master leer je echt de fundamenten van het ‘zijn’ te raken.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Ontdek NLP.

“Wat is NLP?” is de centrale vraag in deze introductie in NLP. Een vraag die je nieuwsgierig kan maken naar meer NLP, en die hier wordt beantwoord vanuit NLP. Veel plezier met het volgen van deze mini-cursus, en vooral met de nieuwe mogelijkheden die het je gaat bieden!

Ik nodig je uit om mee op reis te gaan, open en nieuwsgierig naar wat komen gaat. Ons doel bij deze introductie is jou te informeren en voornamelijk te laten ervaren wat NLP is. Wellicht heb je al artikelen of boeken gelezen over NLP of ben je er op een of andere manier mee in contact gekomen, en misschien dat sommige stof je bekend voorkomt, wellicht ook niet. Het is allemaal goed, het doet er niet toe. Het enige wat telt, is dat jij ontdekt en ervaart hoe simpel sommige veranderingen van perspectief kunnen zijn. Aan het einde van deze korte introductie in vijf stappen (hieronder) kun je terugkijken op een nieuwe ervaring. Jouw ervaring met NLP en wat het voor jou kan betekenen. En… weet dat er nog veel meer is…

Start introductie: overzicht

De waarde van NLP is in the eye of the beholder. Concreet, wat het is: een methode waarmee je gedrag kan vastleggen en overdragen. Een methode die leidt tot gedragsmodellen (NLP technieken).

De methode van NLP (het modelleren) is gericht op EFFECTIEF gedrag. Bijvoorbeeld: Iemand kan goed communiceren, die gebruik je als rolmodel bij het modelleren, waar dan een NLP techniek op het gebied van communiceren uit voortkomt. Bekende contexten waarin dit is gedaan: communicatie, professioneel handelen, spiritualiteit, lesgeven, sales, motivatie, soft skills, onderhandelen etc.

NLP is een andere (aanvullende) manier van kijken, die een andere manier van handelen mogelijk maakt. Niet beter of slechter, enkel situationeel toepasbaar. Soms wil je een situatie benaderen vanuit waarheid en feiten, zoals je dat leert in het reguliere onderwijs. Soms vanuit effectiviteit, en dat leer je bij een NLP opleiding.

Het grote uitgangspunt bij NLP is dat het niet de werkelijkheid is die leidt, maar de individuele BELEVING van de werkelijkheid.

 

1. Wat is NLP?

NLP staat voor Neuro-Linguïstisch Programmeren.

Met de naamgeving wilden de ontwikkelaars van NLP (Richard Bandler en John Grinder) aangeven dat er een interactie bestaat tussen onze neurologie ofwel onze hersenen, de linguïstiek ofwel de taal die wij gebruiken en ons gedrag en dan met name de patronen (programma‘s) in ons denken en doen.

Het aardige van NLP is daarbij dat het niet zozeer een verklaring wil geven hoe deze precies interactie werkt, het legt de focus op nagaan welke effecten in deze interactie te behalen zijn. Een procesbenadering, en niet zozeer vanuit feiten en zaken. Dat geeft dan ook gelijk het bijzondere aan van NLP, ten opzichte van ons klassieke wereldbeeld aan: het is niet de werkelijke werkelijkheid die wij beleven waar wij op reageren, het is wel de beleving van onze eigen werkelijkheid die ons stuurt en waar wij zelf invloed op hebben. Onze enige echte werkelijkheid is de beleving in onze hersenen van de werkelijkheid.

NLP wordt gedefinieerd als “de studie van de subjectieve ervaring.”. En bij die studie hoort een methode, een methode die door toepassing weer leidt tot technieken. Een methode, die modelleren heet, waarmee je de interactie bij een rolmodel, een expert, in kaart brengt en overdraagbaar maakt.

Maar…

Is dat het antwoord wat je zocht? Weet je nu genoeg? Het is een antwoord…

Ik vergelijk NLP graag met wijn. Je kan er boeken vol over lezen, vele websites bekijken… Uiteindelijk gaat het er om dat je de fles hoort ontpoppen, het inschenken en bijbehorende klokken hoort, het glas gevuld ziet worden, het glas voelt, de wijn ruikt en proeft…

En als je dan een lekkere wijn hebt gevonden, en je bent enthousiast geworden, probeer dat maar eens over te brengen aan iemand zonder die ervaring. Het woord wijn, dat betekent niets voor je zonder een bijbehorende ervaring.

En dan nog… Sommige mensen hebben prettige ervaring met wijn, en zullen je enthousiasme kunnen delen. Andere mensen hebben een mindere ervaring met wijn, en zullen je meewarig aankijken…

Iedereen ziet de wereld op zijn of haar eigen manier. En die manier wordt gevormd door wat ons verteld wordt, door wat we meemaken, door wat we van anderen leren, door de boeken die we lezen, door de media die we volgen, en zo voort.

Alles wat we sinds onze geboorte zien, horen, ruiken, voelen en proeven zijn leermomenten. Leermomenten die we betekenis geven met ons denken. Waardoor bijvoorbeeld een objectief iets als wijn, opeens context en betekenis krijgt: lekker, gezellig, vervelend, vies, en wat je maar kan verzinnen. Waarmee je de keuze krijgt, vanuit de ervaring en verwachting, om wel of geen wijn te bestellen. Afhankelijk van de situatie.

En dat speelt ook voor NLP. De betekenis van NLP is in de ervaring met NLP. Je kan boeken lezen wat je wilt, kennis opdoen, maar dat is slechts stof. En stof kan je wegblazen… Dan blijft er niets over dan wat dwarrelende pluisjes.

Het gaat om mogelijkheden krijgen, keuzes maken, afhankelijk van de situatie.

NLP gaat over hoe wij alles in perspectief ervaren, en hoe wij in ons waarnemen en denken betekenis geven, en hoe we daar mee om kunnen gaan op een effectieve manier. Vandaar dat je wellicht al eens gelezen hebt dat NLP de studie van de subjectieve ervaring is.

Maar het is meer dan dat. NLP is een houding: een houding waarmee wij ons perspectief kunnen veranderen. NLP is een methode: een methode waarmee we effectief van anderen kunnen leren; van mensen die iets heel goed kunnen. En NLP bevat een grote hoeveelheid technieken, ideeën en inzichten (ontstaan uit de methode). Technieken, ideeën en inzichten over communicatie, bijvoorbeeld. Over coaching. Over lesgeven. Over conflicthantering. Over relaties. Over zelfvertrouwen en zelfverzekerdheid. Over contact maken. Over vrijheid en ruimte, over rust. Technieken die meer keuzevrijheid en mogelijkheden geven in verschillende situaties, wanneer je ze leert toe te passen.

Ander omschrijvingen van NLP kunnen je misschien nog meer aantonen dat de omschrijving van NLP voor iedereen anders is:

  • NLP is een houding en een methode met in haar kielzog een serie aan technieken.
  • NLP is een methode voor persoonlijke ontwikkeling – gereedschap om prestaties te verbeteren, van jezelf en van anderen.
  • NLP is een geweldige ervaring!
  • NLP is een model voor effectieve communicatie – een praktische en pragmatische verzameling van inzichten en methodes die de communicatie met jezelf en anderen kan verbeteren.
  • NLP is een tas vol met enorm krachtige communicatiegereedschappen.
  • NLP is een manier om te modelleren – ofwel om overdraagbare modellen te maken van menselijk gedrag.
  • NLP is de manier om mensen te begrijpen.
  • NLP is de kunst van succesvol functioneren.
  • Het doel van NLP is meer persoonlijke vrijheid.
  • NLP is nu, boven alles, een houding & een methode die leiden tot modellen & technieken waarmee jij bijvoorbeeld merkt hoe je nieuwgierigheid groeit, hoe meer je openstaat, eigenlijk alles wat jij nodig hebt, om je eigen leven te leiden (met e-i) door veel positiever overtuigd te zijn waarmee je handelen & je denken & uiteindelijk je gevoel verandert.

Zo veel verschillende mensen, zo veel verschillende omschrijvingen. En welke definitie voor jou de beste is? Daar kom je achter door NLP te ervaren. Voor jezelf. Omdat woorden tekort schieten.

2. NLP gaat om Doen en Ervaren

NLP ervaren doe je door NLP te doen. Dus als je een boek leest, lees het met de vraag in je achterhoofd: hoe kan ik dit NU uitproberen en toepassen? Zet jezelf in de actieve modus, neem het heft in handen, zorg dat je de woorden die je leest omzet in actie! Doe de oefeningen! Een NLP boek is niet om te lezen, een NLP boek is om te doen. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, wanneer je doet. Dat gevoel, die ervaring die jij hebt, dat is wat NLP voor jou is. De ene techniek sterker dan de andere. De andere techniek beter bij jou passend dan de ene. Voel, en ervaar. En neem mee wat je kan gebruiken.

Voorbeeld van het effect van taal

Stel je voor, je hebt een afspraak om morgen iets te gaan doen, na eerst gezamenlijk een kopje koffie gedronken te hebben. Hieronder staan 10 verschillende formuleringen van de manier waarop je dat tegen jezelf kan zeggen. Lees ze eens door, en stel vast wat ze qua inhoud ongeveer betekenen:

 

  • Ik moet morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik mag morgen niet te laat zijn voor de koffie
  • Ik kan morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik zal morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik ben morgen op tijd voor de koffie
  • Als ik morgen niet op tijd ben, dan is er geen tijd voor koffie
  • Morgen ben ik op tijd voor de koffie
  • Misschien ben ik wel op tijd voor de koffie
  • Als ik morgen maar op tjd ben voor de koffie
  • Lekker, koffie voor we starten morgen

 

 

 

 

De volgende vragen mag je voor jezelf beantwoorden, neem even rustig de tijd, en sta eens stil bij het antwoord.

  • Welke van de bovenstaande tien formuleringen, zou jou het meeste motiveren?
  • Ken je misschien een nog meer motiverende formulering, die er nog niet staat?
  • Welke van de bovenstaande formuleringen, zou jou het minste motiveren?
  • Nu je dit verschil herkent, hoe zou je dat kunnen gebruiken, in jouw communicatie, met jezelf, en met anderen?
[color-box customcolorpicker='#d0d0d0']
Welke formulering voor jou het meeste effect heeft, welke voor jou het minste effect heeft... Dat is heel persoonlijk. Dus wanneer je wilt concluderen hoe je dit gebruikt in de communicatie met jezelf, dan zou je kunnen stellen dat je het beste deze formulering kan gebruiken om je eigen doelen vast te stellen. Echter, in communicatie met anderen... is bewustwording dat de formulering verschil maakt het ultieme, zonder dat je kan concluderen welk verschil er precies is. Je kan het effect bij of voor een ander niet vooraf voorspellen. 
[/color-box]

NLP zit vol met dit soort inzichten, als een grote verzameling. Soms minder gericht op inhoud en feiten, de manier zoals je die waarschijnlijk wel kent van school, vaak meer gericht op gewenst effect bereiken: effectief communiceren. Afhankelijk van de situatie, met in je achterhoofd wat je wel wilt, en wat je niet wilt, kiezen wat te doen. Flexibel.

Ervaar: Uitgesteld ongeloof

Een opdracht..! Huiswerk.., of zoals ik het met een NLP-bril op zou noemen: thuisvermaak…

En wel echt even doen, niet stiekem overslaan en verder gaan, het gaat om de ervaring…

Neem even de tijd om lekker op te gaan in een film. Kijk eens welke films er draaien in de bioscoop, en ga gewoon! Of misschien heb je nog een film liggen die je wilt zien, of kijk eens in de aanbiedingsbakken bij de goedkope films. Misschien dat die ene film er wel tussen ligt. Heb je zelf geen idee welke film je zou kunnen kijken, dan kan je één van onderstaande suggesties kiezen ( titel, slogan en trailer). Moeilijk kiezen? Doe maar de bovenste die je nog niet kent…

En als je de film gekeken hebt dan gaan we verder. Geef jezelf nu eerst maar eens een leuke tijd, je hebt het verdiend!

Suggesties

Mr. Nobody, Nothing is real, everything is possible.

The Matrix, Remember there is no spoon.

The Truman show, On The Air. Unaware.

Eternal sunshine of the spotless mind, Would you erase me?

Big Fish, An adventure as big as life itself.

Brammetje Baas, een film om bij stil te staan.

[color-box customcolorpicker='#d0d0d0']
Deze suggesties komen niet uit de lucht vallen. Het is ook mijn persoonlijke filmtipparade niet. Elke film is min of meer NLP gerelateerd. Mr Nobody en het concept van keuzes maken. The Matrix en waarnemen & werkelijkheid. The Truman show en het verschil tussen werkelijkheid en de beleving van werkelijkheid. Eternal sunshine of the spotless mind en ecologie, of veranderingen en de omgeving. Big Fish over submodaliteiten, ofwel kleur brengen in je leven, over relaties en werkelijkheden, over respect voor wereldmodellen. Brammetje Baas over normen en waarden, over het effect van je communicatie. En nog veel meer, maar daar is deze box te klein voor...
[/color-box]

STOP, kijk de film, daarna hier verder…

En, leuke film? Ging je er in op? Kon jij je inleven in de hoofdpersoon, meeleven met het verhaal? Wat vond je het meest aansprekende deel? En wat het minste?

Ik vind dat geweldig, die stunt die je denkvermogen uithaalt, waardoor jij in staat bent om helemaal te vergeten dat je naar acteurs zit te kijken, op een set, met kunstmatig licht… Tja, je weet het wel terwijl je zit te kijken, maar je kiest er voor om met andere ogen te kijken, je kiest om je ongeloof uit te stellen, en dat wat je ziet tijdelijk voor waar aan te nemen…

En die schakeling kan je vaker maken. En waarom je dat zou doen? Omdat je dan bijvoorbeeld beter kan luisteren naar een ander. Je begrijpt de ander beter, doordat je je eigen oordelen, meningen en adviezen tijdelijk loslaat, en daardoor oor hebt voor wat de ander probeert over te brengen.

Wat kan je hier mee

Zoals veel van de vaardigheden in NLP, kan je op de oude vertrouwde manier handelen in situaties, of op deze nieuwe manier. Deze nieuwe manier is niet beter of slechter, alleen anders. En mijn uitnodiging aan jou is om gewoon, in drie passende situaties, deze nieuwe manier uit te proberen. Zodat je ervaring opdoet, en de voordelen, nadelen en interessante kanten ontdekt van deze nieuwe manier, zodat je deze naast de oude manier kan leggen, om voortaan te kunnen kiezen hoe je handelt. En daarmee ben je flexibeler geworden, heb je een extra mogelijkheid gekregen om te handelen.

En extra mogelijkheden, meer manieren om te handelen, geeft meer persoonlijke vrijheid. Meer keuzemogelijkheden.

Uitnodiging thuisvermaak

Ervaar in drie passende situaties hoe het is om in een staat van uitgesteld ongeloof te luisteren. Ervaar wat er anders is, wat voordelen zijn, wat nadelen zijn, wat je verder opvalt. Ga vervolgens na in wat voor situaties je dit zou kunnen gebruiken, en wat voor situaties juist niet.

Zie de wereld als een zandbak, of een speeltuin. Spelen om te leren, proberen om te ervaren. Nieuwe manieren ontdekken door nieuwe ervaringen op te doen. Veel plezier!

3. Ervaar de NLP Basisvooronderstellingen

Binnen NLP worden een aantal basisovertuigingen gehanteerd, die voor waar worden aangenomen. Het is dus niet gezegd dat het waar is, maar door onze hersenen in de stand van ‘uitgesteld ongeloof’ te zetten, doen we net alsof ze waar zijn. De discussie waar/niet waar, waarheid en werkelijkheid is binnen NLP onbelangrijk: het gaat bij NLP om de vraag: “Hoe kan je het gebruiken?”. En hoe krachtig de NLP Basisvooronderstellingen zijn, dat gaan we hier ervaren.

Om te beginnen, wil ik je vragen om eens in gedachten terug te gaan, naar een moment waar je een interactie had, een gesprek of een vergadering of een andere ontmoeting, waarbij het niet lekker liep in de communicatie. Het hoeft niet direct een conflict te zijn, maar het mag wel. Gewoon een voorbeeld, het maakt niet uit, om even mee te spelen. Heb je er een gekozen?

Waar was je toen? Wie waren er bij je? Wat zag je allemaal? Welke kleuren? Welke vormen? Wat hoorde je erbij? Wat voelde je toen, daar? Wat zei je tegen jezelf? Om even contact te maken met de situatie zoals die toen daar was.

Wat we nu gaan doen is de 10 basisvooronderstellingen 1 voor 1 af, en we gaan aannemen dat deze basisvooronderstelling waar is (ons ongeloof uitstellen) door een bril op te zetten van de basisvooronderstelling en daar doorheen kijken naar die situatie. En dan mag je ervaren wat dat betekent voor die situatie…, wat je anders ervaart…, welke nieuwe mogelijkheden er ineens blijken te zijn. Veel plezier!

De kaart is niet het gebied

Van jongs af aan nemen wij de werkelijkheid om ons heen tot ons, via onze zintuigen. Enkel een deel van de werkelijkheid, want onze zintuigen nemen slechts een piepklein deel waar van alles wat er is. Met dat alles wat we zien, horen, ruiken, voelen & proeven, denken we een soort plattegrond in ons hoofd van de werkelijkheid. Het is dus niet de werkelijkheid, enkel een subjectieve afspiegeling van de werkelijkheid, ons eigen wereldmodel. Wij handelen niet op basis van de werkelijkheid, wij handelen op basis van ons wereldmodel, op wat we in het verleden hebben geleerd. Bijvoorbeeld, wellicht heb je geleerd dat het wereldbolletje op de foto rechts verkeerd om staat…

Ook daar in die situatie. Kijk nu nog eens, in alle rust, naar die situatie, en zet daarbij de bril “De kaart is niet het gebied.” op. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Respecteer ieders model van de wereld

Iedereen heeft zijn eigen ervaringen, zijn eigen leerproces. Iedereen heeft een eigen wereldmodel, dat ontstaat door de unieke ervaringen die enkel die persoon meemaakt. Iedereen heeft dus een andere plattegrond in zijn hoofd gebaseerd op vroegere lessen. Niet beter, niet slechter, enkel anders. Heb respect voor de lessen van een ander, die voortkomen uit de ervaringen die die persoon heeft meegemaakt. Je hoeft het er niet mee eens te zijn, enkel met alle respect voor de ervaringen en lessen die de ander heeft.

Kijk nu nog eens naar die situatie, in alle rust, en zet daarbij de bril “Respecteer ieders model van de wereld.” op. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

De betekenis van je communicatie wordt bepaald door de respons die je krijgt

Communiceren is een actief proces van informatie overdragen. Even kort door de bocht, maar dat is wat het is. Waarom communiceer je eigenlijk? Doe je maar wat, of wil je er iets mee bereiken? Effectief communiceren houd in dat je iets wil bereiken; effectief betekent tenslotte doelgericht.

Stel je voor een hond ligt in de weg, en je wil dat deze hond zijn mand ingaat. Je zegt met strenge stem: “Ga je mand in!”. Ligt het vast wat er nu gebeurt? Zoals wanneer je tegen een steen aanschopt, dat je precies kan uitrekenen wat er gebeurd (energie overdragen in plaats van informatie)? Nee. De hond kiest zijn eigen reactie. De hond kan blijven liggen, de hond kan enthousiast van de aandacht naar je toe komen, de hond kan eigenlijk elk gedrag vertonen wat in de mogelijkheden ligt. Misschien verwacht je wel dat de hond naar zijn mand zal gaan, maar dat ligt niet vast. Of “Ga in je mand!” de juiste communicatie was, hangt af van de reactie van die hond op dat moment. En wanneer de hond doet wat je wilt, dan is de betekenis van je communicatie dus de juiste geweest. Wanneer de hond iets anders doet, dan is je communicatie niet de juiste geweest, want je hebt het resultaat niet bereikt. Je hebt dan niet de juiste informatie overgedragen, op de juiste wijze, om je doel te bereiken. Wees dus flexibel in je communicatie: wanneer iets niet werkt, doe iets anders!

Tijd om vanuit deze gedachte naar die situatie te gaan kijken, in alle rust, met daarbij de bril “De betekenis van je communicatie wordt bepaald door de respons die je krijgt.” op je neus. En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Weerstand is een excuus

Weerstand is een excuus, ja. Weerstand geeft aan dat de ander niet wil. En dat geeft jou (althans degene die het woord weerstand gebruikt) het excuus om zich niet meer in te spannen. Lekker makkelijk. Het ligt aan hullie, zij hebben weerstand.

Terwijl, eigenlijk, jij er voor kiest om er geen energie meer in te steken, om de ander mee te krijgen. En dat is goed, dat mag natuurlijk altijd en keuze zijn. Maar het is jouw keuze, niet hun weerstand… Besef je dat.

Er zijn geen onwillige mensen. Er zijn wel inflexibele communicatoren.

In de situatie die jij hebt gekozen, was daar iets met ‘weerstand’..? Kijk nog eens, maar nu door deze bril “Weerstand is een excuus.”? En voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, merk wat er verandert.

Ieder mens heeft alles in zich om alles te kunnen bereiken

Iedereen kan leren. Dus alles wat je NU nog niet kan, zou je straks wel kunnen. Persoonlijke situaties kunnen veranderen, dus alles wat nu niet kan door omgevingsfactoren, zouden straks met andere omgevingsfactoren wel kunnen. Het enige wat je bereikt met het tegenovergestelde denken, is dat je niets doet en dus dat het waarheid wordt.

Er zit nog een diepere werkelijkheid achter deze stelling, en die heeft te maken met het waarom je iets wilt bereiken. Het gaat namelijk niet om de dingen of de zaken maar om de gevoelens die de dingen en zaken naar verwachting zullen opleveren. En dat gevoel dat je wilt bereiken, dat bezit je al van binnen. Wij maken ons enkel wijs dat we de dingen of zaken nodig hebben om het gevoel te bereiken…

Wat doet deze bril met jouw situatie..?

Elk gedrag heeft in de basis een positieve intentie

Om (wat dan ook) te doen, om in actie te komen, heb je motivatie nodig. Motivatie gaat voor de actie uit. Zelfs als je niets doet, kan je daar heel gemotiveerd in zijn…

Laten we eens een experimentje doen: ga eens na bij jezelf, wanneer was de laatste keer dat jij jezelf hebt gesaboteerd? Dat jij iets gedaan hebt vanuit een negatieve intentie voor jezelf? Wellicht dat je, wanneer je erg je best doet, wel met een voorbeeld kan komen. En als ik dan vervolgens de vraag stel: “En wat leverde jou dat toen op, zodat je het toch deed?”, dan zal je zien dat zelfs toen een positieve intentie (voor jezelf) aanwezig was.

Het wil niet zeggen dat de positieve intentie een bijdrage moet zijn aan het grotere goed en het grotere geheel, of zo. Nee, er zat iets positiefs in, gezien vanuit jouw unieke wereldmodel. Je verwacht een positief resultaat met alles wat je doet. Dat is motivatie, en dat maakt dat je in actie komt.

En als we naar die situatie kijken… Wat waren daar de positieve intenties…? Heb je daar een bril voor nodig om ze te kunnen zien?

Er is geen mislukking, enkel feedback

Of iets lukt of niet, meet je door te kijken of het voldoet aan je doel achteraf. Bij een ander doel zou dezelfde prestatie succes betekenen. Terwijl je vooraf, gegeven de informatie die je toen had, het beste koos uit de mogelijkheden die er toen waren in de positieve intentie. En eigenlijk nihileer je jouw inspanning. Je hebt dingen gedaan, en je bent tot nieuwe inzichten gekomen. Je hebt geleerd.

Elk gedrag, elke inspanning, elk resultaat: het is een prestatie. Of het nu wel of niet je doel was. Geef die inspanning ook de credits die het verdient. Natuurlijk is het fijn als je dichter bij je doel komt, en dat was ook de initiële intentie. Daar mag je gewoon trots op zijn.

De persoon met de meeste flexibiliteit is de katalysator van het systeem

Even toegepast op het systeem van communicatie, betekent deze vooronderstelling dat degene die zich het meest flexibel opstelt het systeem in stand houdt; oftewel zorgt dat er communicatie blijft. Flexibel betekent enerzijds energie blijven stoppen in het proces (blijven communiceren), anderzijds wanneer het proces stokt op een andere manier communiceren.

Zodra je in het proces van communicatie stopt met energie steken in het communiceren, dan valt het proces (het systeem) stil. Er is dan geen communicatie meer. Lijkt me duidelijk. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat je altijd en overal maar energie in moet stoppen, nee, het betekent alleen dat je er voor kan kiezen om dat wel of niet te doen, en dat de keuze jouw keuze is.

Waarom, als je dan voor kiest om energie in het proces te steken, zou je als de communicatie stokt op een andere manier gaan communiceren? Einstein vatte het ooit mooi samen: “Waanzin is altijd hetzelfde blijven doen en toch een ander resultaat verwachten.”. Leuk hierbij te noemen is het pigeon-effect (het duiveneffect). De mens heeft (net zoals een duif) van nature de neiging om bij alles wat er gebeurd een reden of een oorzaak te zoeken. en een mogelijke verklaring, die niet de juiste hoeft te zijn, wordt als waarheid aangenomen. Dat iets eens werkte, bijvoorbeeld een bepaalde manier van communiceren, wil niet zeggen dat het elke keer werkt. En wanneer het niet werkt, doe iets anders!

Wat betekent dit in de situatie die je gekozen hebt, hierboven? Zet de bril “De persoon met de meeste flexibiliteit is de katalysator van het systeem.” op, en kijk eens wat er gebeurd.

Be at cause

Je kan natuurlijk reageren op wat in je omgeving gebeurd, en je handelen laten afhangen van wat je overkomt. Natuurlijk, iedereen overkomt dingen. Maar besef je dat je altijd zelf de keuze hebt om te reageren op de wijze die jij kiest. Wanneer jij je laat leiden wordt door wat er gebeurd, zal je merken dat het heel makkelijk is om je machteloos en slachtoffer te voelen, en je zal stress ervaren. Het leven wordt het leven lijden. In de file kan je balen omdat je in de file staat, in de regen kan je balen omdat het regent, zonder dat je er iets mee kan.

Wanneer jij je focus legt op jouw invloed, op hoe jij met situaties om kan gaan, zal je merken dat je meer invloed hebt dan je dacht, en dat die mate van invloed steeds groter wordt. Het leven wordt het leven leiden. In de file kan jij je beseffen dat jijzelf ervoor gezorgd hebt dat je hier nu vaststaat en iets leuks of nuttigs zoeken om te doen, in de regen kan jij je beseffen dat je beter een paraplu mee had kunnen nemen, om vervolgens van het spatten van de druppels in je gezicht te genieten.

Richt je op jouw mogelijkheden, ontdek de verschillende manieren waarop je met situaties om kan gaan, en merk dat je door een simpele keuze kan dansen in de regen!

Oorzaak, gevolg, een situatie, jouw keuze van je reactie. Wees de oorzaak. Wat doet de “Be at cause”-bril met jouw beleving van de situatie?

Mensen zijn niet hun gedrag

Alles wat je ziet, waarneemt, is enkel het gedrag van de ander, in deze specifieke situatie. Daarmee ken je de mens nog niet. Neem bijvoorbeeld de opdracht in de vorige module, het bekijken van een film. Sommige mensen doen dat (gedrag), sommige mensen slaan dat over (gedrag). kiezen voor het ene of het andere zegt niets over de mensen, het zegt iets over hoe deze mensen handelen wanneer ze zich op een bepaalde manier in een bepaalde situatie bevinden. En de persoon is veel meer dan enkel het handelen in een specifieke situatie.

Puntje aan de zijlijn: wanneer jij het gedrag van een persoon op de mens betrekt, waar gebeurt dat dan? Het antwoord is in jouw wereldmodel, en enkel in jouw wereldmodel. Een oordeel van een ander over jou, of jouw oordeel over een ander zegt meer over de oordelende persoon, dan over de beoordeelde. De basis van projectie.

Accepteer de persoon, en richt je op het concrete gedrag. Wat doet dat met de situatie die je als voorbeeld hebt genomen?

Be at cause

Zo, nu je dit hebt gelezen, en door de brillen hebt gekeken… Welke van de vooronderstellingen had de meeste invloed op je perspectief? En welke de minste? Welke spreekt je in het algemeen het meeste aan?

Hoe kan jij er voor zorgen dat jij deze vooronderstellingen straks, wanneer je ze zou kunnen gebruiken, op je netvlies hebt staan? Misschien wil je ze zelfs integreren, hoe ga je dat dan aanpakken?

Wees de oorzaak. Bepaal wat jij hier mee zou kunnen doen, bepaal wat jij er mee zou willen doen, bepaal hoe je dat gaat doen, en doe het! Jouw keuze, jouw weg, jouw resultaat. Wees de oorzaak, ook in jouw leerproces. Jij, en alleen jij, weet wat je er mee kan en wilt. Neem het heft in handen en zorg voor jezelf.

En jij weet wanneer jij klaar bent, wanneer jij je resultaat hebt bepaalt, en de stappen hebt genomen die je wilt nemen om het resultaat te bereiken.

4. Meer NLP

In deze introductie heb ik je een klein beetje laten proeven van wat algemene NLP. Heb je gemerkt dat door je perspectief te veranderen andere mogelijkheden ontstaan? Andere mogelijkheden en andere keuzes? Heb je gemerkt dat de waarheid zoals wij die ervaren, bijvoorbeeld hoe je eerst naar jouw gekozen situatie keek en hoe je er nu naar kan kijken, flexibel is? Merk je dat, bijvoorbeeld in die gekozen situatie, meer vrijheid en ruimte ontstaat? Zou je meer mogelijkheden willen, zou je andere keuzes willen, zou je meer vrijheid en ruimte willen ervaren?

Dan kan meer NLP iets voor jou zijn. Waarbij je er voor kan kiezen om in de lijn die hier is ingezet door te gaan met bijvoorbeeld de NLP Practitioner (leer om elke NLP techniek uit te kunnen voeren), en bij de NLP Master Practitioner (leer de technieken te combineren en ook zelf te maken).

Posted by Rutger in NLP handleiding

Betekenis geven met NLP – Hersenhelften

Functioneren hersenhelften

Onze hersenen bestaan uit twee helften verbonden door het corpus callosum. De signalen van het lichaam worden in kruisverband verwerkt. De signalen van het rechter gedeelte van het lichaam door de linker hersenhelft verwerkt; die van het linker gedeelte door de rechter hersenhelft.

Links

De linkerhelft heeft kenmerken als logisch denken, informatie in blokjes na elkaar verwerken, ratio, analyse, abstractie, getallen en taal.

Rechts

De rechterhelft heeft kenmerken als parallelverwerking van informatie, het geheel, emotie, vorm, muziek, kunst en beelddenken.

Creatief denken

Bij creatief denken wordt afwisselend gebruik wordt gemaakt van zowel de rechter als de linker hersenhelft. Ofwel een afwisseling van denken in beelden en analytisch denken. Creatief denken gaat om het samenspel, via de corpus callosum, tussen de hersenhelften.

Ja, het is niet echt waar…

maar het is een manier van kijken, een metafoor, die je kan helpen om betekenis te veranderen (te herkaderen), om je coachee meer persoonlijke vrijheid te geven.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Manipuleren

Het is niet zo dat iemand niet kan manipuleren, of niet zou willen. Sommige mensen zouden kunnen stellen dat het niet zo zou kunnen zijn dat alles wat hier niet geschreven staat een vorm van niet-manipulatie is, of zou kunnen worden. Niet gevormd volgens niet bewezen, niet werkende patronen die in onze taal niet voorkomen verworden woorden in de regel tot een zin, waar je tussendoor zou kunnen lezen. En terwijl je dit wel geschrevene leest, en misschien ondertussen merkt dat je ogen van links naar rechts bewegen, en woord voor woord tot je neemt, kan je vergeten te herinneren dat manipulatie, retorica, de mooiste der 7 kunsten kan zijn. Want zoals in alles, het enige wat je hoeft te doen om iets te leren, is te vergeten dat je het weet. En dat weet jij, en jij weet het…

En terwijl je door deze woordenbrij heen gaat, en merkt dat je bijna aan het einde bent, merk je wellicht dat je kan doen wat ik zeg: SMILE!

Posted by Rutger in Archief

Wat is het Metamodel?

Het Metamodel is een systematisch manier om de keuzemogelijkheden in het leven van mensen te verhogen. Elke persoon ervaart de werkelijkheid anders, en codeert die werkelijkheid met behulp van taal.

Taal komt Continue reading →

Posted by Rutger in NLP handleiding

Vooronderstelling van Bestaan

Het aardige van zelfstandige naamwoorden is, dat zodra ze in taal aanwezig zijn, ze bestaan op een niveau waar ze dualiteit veroorzaken en ook het tegengestelde impliceren.

Bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden controleren Continue reading →

Posted by Rutger in NLP handleiding

Vooronderstellingen

Vooronderstellingen zijn aannames vooraf (vooraf aan hetgeen wat gezegd wordt), waarbij de aanname voor waar wordt aangenomen. Er is geen discussie meer over de waarheid van de aanname. Om vooronderstellingen te Continue reading →

Posted by Rutger in NLP handleiding

Wat is de kern van NLP?

NLP is de afkorting van Neuro Linguistisch Programmeren. Linguistisch met puntjes op de i: linguïstisch.

  • Neuro (van het Griekse neuron), staat voor zenuwcel, als symbool voor het brein.
  • Linguistisch (van Latijn: lingua) staat voor taal, als symbool voor communicatie.
  • Programmeren staat voor het werken in doelgerichte patronen.

 

De naam doet dus vermoeden dat het te maken heeft met doelgerichte patronen in de brein-communicatie. Maar dat is slechts de betekenis van de naam die NLP gegeven is. En een naam is alleen een term waarmee iets aangeduid wordt. NLP is zo veel meer.

 

Wat is dat ‘NLP’ dan?

NLP is ontstaan als een methode. Een methode waarmee vaardigheden in een model konden worden gegoten. Zodat iedereen dit gedrag kon leren. Het is dus eerst een goede methode om vaardigheden te leren.

 

Bij deze methode is het belangrijk om te werken vanuit een specifieke houding: nieuwsgierigheid en flexibiliteit.

 

Nieuwsgierigheid naar wat het is dat andere mensen anders laat zijn, nieuwsgierigheid naar weten hoe het werkt. Open staan voor nieuwe ideeën en inzichten, anders bekijken. Benieuwd zijn naar hoe het werkt. En vervolgens wil je de flexibiliteit om zelf te experimenteren, te spelen, om de dingen die je ontdekt toe te passen, om te proberen of en hoe het werkt.

 

Door het gebruik van deze methode zijn in de afgelopen 35 jaar de zogenoemde NLP-technieken en -modellen ontstaan: allerlei vaardigheden als recept, waarbij de besten als rolmodel hebben gediend. Algemene vaardigheden, en specifieke vaardigheden. Vaardigheden op het gebied van communicatie, training, therapie, gedragsverandering, management, coaching, en zo voort… NLP zit er vol mee.

 

Hoewel niet noodzakelijk, is het gebruikelijk in NLP om mensen te modelleren die ergens heel goed in zijn: excellent zijn. Zodat je een model krijgt van excellent gedrag, de zogenoemde excellentie. En doordat het overdraagbaar is, kan iedereen het excellente gedrag, en dus de excellente uitkomsten, leren. Duidelijk anders dan wat we gewend zijn. Bijvoorbeeld in ons onderwijs, waar we er van uit gaan dat we iets leren door naar een gemiddelde beheersing te streven, streven we in NLP naar het beste.

 

Kort samengevat: NLP is Leren van Perfectie!

Posted by Rutger in NLP handleiding

Het effect van taal

Het effect van taal, de keuze van woorden.

Stel je voor, morgen ga je werken, en je wilt op tijd zijn om rustig een kop koffie te drinken.  Dit kan je op verschillende manieren tegen jezelf zeggen, door het anders te formuleren.

 

Ga bij de volgende voorbeelden eens na, wat het effect van deze specifieke formulering op jou is, en wat het doet met jouw motivatie.

  • Ik moet morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik mag morgen niet te laat zijn voor de koffie
  • Ik kan morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Ik zal morgen op tijd zijn voor de koffie
  • Als ik morgen niet op tijd ben, dan is er geen tijd voor rustig een kop koffie
  • Morgen ben ik op tijd voor de koffie
  • Misschien ben ik wel op tijd voor de koffie
  • Als ik morgen maar op tijd ben voor de koffie
  • Lekker, een kop koffie voor we starten morgen

 

Welk verschil merk je, in motivatie? Welke heeft het beste effect, voor jou? Wat betekent dat voor wat jij tegen jezelf zegt? Wat zeg jij eigenlijk allemaal tegen jezelf? En hoe zeg je dat? Is dat wat je wilt?

Posted by Rutger in NLP handleiding