overtuigingen

Roald Dahl

Een goede manier om je te verdiepen in het schrijven van andere schrijvers is niet zo zeer precies het gedrag en de schrijfstijl analyseren, als wel je te verdiepen in de achtergrond van de betreffende schrijver, en dan vooral op de betekenis die deze achtergrond heeft gekregen voor de schrijver. Zijn echte gedachten, waarden en normen, overtuigingen, hoe hij zichzelf ziet, en zo voort. Biografieën die sappige verhalen vertellen zijn daarbij minder interessant als echte interviews, omdat de eerste vaak meer het overtuigingsfilter van de biograferende auteur weergeeft, terwijl de tweede zo dicht als mogelijk komt bij de wereldbeleving van de auteur.

In dit artikel, vindt je een aantal achtergronden, inzichten en gedachten die ik heb gevonden in de verschillende interviews die eenvoudig te vinden zijn op Youtube, voor Roald Dahl.

– “Zelden krijg je een goed idee. Een idee dat vervolgens de tijd mag krijgen om te groeien.”.
– “Het begint met een piepklein miniatuur zaadje van een idee; een microbe, een kiem. Schrijf het snel op omdat het anders, net als een droom, weer verdwijnt. En dan die kiem heel voorzichtig bekijken, laten ronddwalen, er aan snuffelen.”.
– Roald zat in zijn jeugd op een kostschool, waar hij veel inspiratie vandaan haalde voor Mathilda. Naast die school zat een snoepfabriek, die de kinderen van de school soms trakteerde om feedback te krijgen op nieuwe producten (inspiratie voor Sjakie en de chocoladefabriek). Zijn moeder vertelde hem Noorse mythen als bedverhalen waaruit hij karakterbeschrijvingen haalde.
– Roald vertelde bedverhalen aan zijn kinderen. “Als ze vragen om meer, dan heb je iets geraakt.”.
– Zijn meest genoemde belangrijke tip van een ander aan hem: “Voeg veel detail toe.”.
– Hij begon met korte verhalen, eerst autobiografisch en later fictie. Vervolgens ook kinderboeken.
– Gebruikt veel fantasie, met bedachte woorden. Creëert een intieme ‘wij’-sfeer met inside-jokes. Strijd tussen goed en kwaad, waarin kinderen voor zichzelf opkomen. Volwassenen zijn boeven. Veel snelle afwisseling, de ene pagina donker en zwaar, de volgende vol van (donkere) humor. “Wees grappig, grollig, scherts en gebruik kwinkslagen. Giechel.”.
– “Geniet en hou van de grappen die kinderen grappen.”.
– “Het moet opwindend zijn, snel, een goede plot, maar boven alles moet het grappig zijn.”.
– Hij werkte vierenhalf uur per dag. Dat deed hij in een afgeschermde ruimte, een kleine schuur in zijn tuin. Foto’s zijn te vinden op Google. “Volledig ondergedompeld in een fantasiewereld.”. In flow en intuïtief.
– “De karakters moeten interessant zijn. Ik maak ze interessant door karaktereigenschappen te overdrijven. Slecht is heel slecht, lelijk is superlelijk, aardig is superaardig. Geef de eigenschap een impact mee.”.

Posted by Rutger in Archief

Schrijfoefening: Vrijheid van meningsuiting; wat wil je nou eigenlijk bereiken?

Vrijheid van meningsuiting, soms gebruikt als het excuus om maar een beetje ongefundeerde meningen en oordelen over anderen te spuien. Spuien, zonder luisteren. Zonder respect voor de ander is het toegestaan om met gestrekt been de discussie in te gaan, want jij hebt de vrijheid van meningsuiting. Nou, vraag ik mij dan af, wat wil je eigenlijk bereiken met je geroep? Je bereikt er namelijk niets mee, behalve dat er mensen tegenover elkaar staan en overtuigingen en verwensingen naar elkaar gaan slingeren. Een discussie zit er niet meer in want er wordt alleen maar geroepen en niet geluisterd. Een dialoog al helemaal niet.

 

Het is een opgave. Het is een teken van zwakte om met een roeptoeter je mening te moeten verkondigen. Kennelijk ben je niet in staat om je mening op een acceptabele manier over te brengen, en jij moet gehoord worden. Als een verwend klein kind, dat in de supermarkt op de grond ligt te schreeuwen omdat hij geen koekje mag. Verwende kleine kinderen zijn we. Waarbij sociale vaardigheden die je zou kunnen hanteren overboord slaan.

Posted by Rutger in Archief

Schrijfoefening: Het verhaal van de oude boom

Ze denken dat ik een boom ben. Een oude boom. Een grote statige boom die enkel passief regen, wind en storm weerstaat. Maar ik ben veel meer dan dat. Slechts enkele mensen, en eekhoorns, kennen mijn geheim. Of eigenlijk is het geen geheim, maar een ongezien talent, mocht je het woord talent mogen gebruiken voor een vaardigheid die eigenlijk heel normaal is maar niet erkend doordat ze niet gezien wordt. Enkel als je het wilt zien zie je het. De meeste dieren en mensen willen of kunnen het niet zien omdat ze enkel naar het oppervlakkige kijken. Ze zien mij daar staan, takken die dansen met de wind, die meetreuren met de regen, soms breken in het ruwe spel dat ik met de storm speel. Mensen die de ogen gesloten houden voor wat zo overduidelijk is, en wel-zieners ridiculiseren door ze aan te duiden met termen als boomknuffelaars. Liefst uitgesproken op meewarige toon, zodat de boodschap van het belachelijke goed overkomt. En de meerderheid heeft gelijk, aldus de zwakken van geest die zich conformeren naar het sociaal gewenste gedrag zoals hun verwachting voorschrijft. Behalve de enkele vrije geest, die het contact weet te maken. En natuurlijk de eekhoorntjes.

 

De bomenknuffelaars, met alle respect uitgesproken, zien wel zoals het is. Ik zal u vertellen wat wij eigenlijk zijn, door een anekdote. Het is mijn tijd om mijn laatste herfst te beleven, terwijl de lente pas is begonnen. Ik geef u inzicht, de waarheid, het zijn zoals het is, ik geef u de werkelijkheid. Het grootste geschenk dat ik kan geven. Aan u om te luisteren en uw dissonantie te reduceren, hetzij richting wat is, hetzij richting uw gekoesterde illusies.

 

Ik sta hier nu drie eeuwen, en slechts een enkeling geeft mij de credits die ik verdien. Slechts een enkeling ziet mijn werkelijke bijdrage aan het zijn in het grote geheel. Slechts een enkeling heeft door hoe de blaadjes aan mijn ledematen elk geluid, elk licht en elke emotie in de omgeving opvangen. Hoe ik de kosmische energie kan richten en richt door mijn bladeren te keren opdat de energie die het heelal naar dit subjectieve centrum van het universum stuurt daar te richten waar ik wens. Slechts enkelen zien hoe wij koolstofdioxide uit de atmosfeer halen en zuurstof toevoegen om de energie zoals wij die ontvangen te maximaliseren, niet als een toeval maar wel in de betekenis die het werkelijk heeft: onze kracht en macht vergroten doordat we nog meer directe ruimtelijk kracht tot onze beschikking krijgen.  Mijn anecdote zal echter kleiner zijn, over meer directe invloed op de loop der dingen. Om uw vermeende denkkracht niet te veel op de proef te stellen, en u de reële kans te bieden om uw ongeloof uit te stellen, net lang genoeg om een sprankje licht tussen uw overtuigingen te laten schijnen. Zodat ik u een eerlijke kans biedt om tot inzicht te komen.

 

153 jaar geleden, zaten Adrianus en Jacobe samen op een picknickkleed onder mij te praten over wat ze samen hadden, en hoe ze dat verder wilden uitbouwen. Adrianus die heel romantisch het hof maakte aan Jacobe, en Jacobe die haar geluk niet op kon dat zij haar ware had gevonden.

Maar ik voelde het water in mijn bladnerven koken door de stemnuances in de stem van Adrianus. Hij was onoprecht. Hij veinsde. Hij huichelde. Ik werd er kromnervig van. Ik greep in. Ik stekte een sterke twijg in zijn hersenpan door deze, precies op het moment dat een kleine bries langs mijn bladeren gleed, hoog boven hem los te laten waarbij de bladeren de jonge tak qua functionaliteit tot een pijl promoveerden. Meer was niet nodig. Even was ik bang dat het te duidelijk zou zijn omdat de bries maar klein was, maar de betrokken mensen bleven het duiden als speling van het lot, in hun ware blindheid mijn speling niet ziende. Speling van het lot, nee, ik speelde met mijn loten. Haha! Jacobe haar oprechte reactie trok de kromheid weer uit mijn nerven. Het was goed. Zij mocht onwetend blijven over de ware intenties van de perfide Andrianus. Zij zou de rest van haar leven de meest dierbare herinneringen koesteren aan hem, in plaats van te ervaren dat haar droombeeldprins slechts als een glazen kerstbal uiteen zou spatten zodra hij zijn door de natuurkrachten gestelde doel, de zwaartekracht en de harde grond, zou bereiken. Het was perfect. Zelden zo een tevreden gevoel overgehouden aan een interventie. Zelden had het geheel zo een schoonheid. Vandaar dat ik deze anekdote aanhaal, nu na 153 jaar, als voorbeeld.

Posted by Rutger in Archief

Schrijfoefening: Eerlijk delen

Een deel wil het wel, een ander deel is nog aan het wennen. Delen, delen is maar een rekenkundige bewerking, net als aftrekken of vermenigvuldigen. De som der delen is soms meer dan het geheel. Soms is een deel een plaats waar gedorst wordt, soms is het iets waar dorst door ontstaat. Soms is het een gedeelte dat het gedeelde wil zijn. Een metameer van het geheel van het leven. Onschuldig zonder ervaring heb je part noch deel. Ten dele deelgenoot. Zal het jou ten deel vallen? Delen is ook eerlijk splitsen zodat iedereen zijn deel krijgt; iedereen blij. Delen zodat iedereen zijn deel krijgt. Wat wil jij in het leven mededelen? Wil jij meedelen? Zou de ander zijn of haar deel willen delen? Verwachtingen dat jij ook deelt? Delen van mensen kan niet, alhoewel vierendelen wel, delen van ervaringen wel. Zie je delen als de som of zie je delen als iedereen krijgt zijn deel? Wat is jouw aandeel? Wat wil jouw onderdeel? Een gedeelte wil ervaringen delen als gedeelde. Een part in het leven ter ontleding. Denken is een deel, net als voelen. Schuld, schaamte, spijt zijn gedachtengestuurde gevoelens. Schuld is een gevoel dat hoort bij een ik als deel, en niet als geheel. Schuld kan alleen zijn als je jezelf als deel ziet. Schuld is een gevoel dat ontstaat na een oordeel; een gevoel dat een waardeoordeel van een gedachte volgt van het ego. Vaak in een verbond een gedachte aan verraad waarbij je het samen als losse ikken ziet. Dat is geen verbond, niet het geheel, enkel alleen, een deel. Leven kan betekenen dat je anders doet dan anderen, eigen keuzes maakt, voor jezelf of samen. Nieuwe ervaringen jezelf ontzeggen om de schijnveiligheid van het verwachte te ontmoeten als grenzen stellen beperkt de vrijheid. Vrijheid. Verstoppen van delen, verstoppen van kracht, verstoppen van jezelf, doen alsof is werkelijk verraad aan jezelf en het verbond. Vertrouwen ontstaat door openheid, tonen van kracht, tonen van jezelf in alle weerloze naaktheid. Denken, elke en alle gedachten, beïnvloedt het voelen, voel de illusie van de illusie. Verstoppen van jezelf, verstoppen van delen van jezelf voor het verbond levert wantrouwen in het verbond. Wanneer jij je verstopt verwacht je hetzelfde van de ander. Wanneer jij je werkelijke zelf toont kan er enkel vertrouwen worden gevoeld. Nieuw maakt het oude niet minder waard. Kracht opgeven om het oude in balans te houden is vastklampen aan de illusie dat het is, jouw eigen ik als ding. Jouw eigen ik als ding zou je kunnen delen, opdelen, maar jij bent geen ding, je bent veel meer dan dat. Je bent. Je doet. Je bent niet wat je doet. Je bent vrij om te doen wat je wilt. Wat je doet verandert jou niet, hooguit wat illusies die je over jezelf hebt. Illusies zoals ‘ik kan het niet’. Illusies over wat je denkt te zijn. De ontdekking van vrijheid van deze illusies. Alle illusies beperken wat je kan zijn. Alles wat je denkt en gelooft over jezelf is een fantasie, net als de fantasieën die je wel als fantasie herkent. Welke fantasie kies je? Een droom is net zo echt als jouw perceptie van jezelf als je fantasieën. Het bestaat enkel in gedachten, en gedachten komen en gaan. Gedachten zijn illusies van kennis, de handeling en de interactie met de werkelijkheid is de realiteit, dat is waar het werkelijk om gaat. Dat is echt. Welke interactie kies jij? Denken of waarnemen. Praten in jezelf en oordelen, of zintuiglijke waarneming. Leven, of op een toneel je deel van het stuk opvoeren. Kracht is niet intentie. Kracht is geen reden nodig hebben anders dan willen voelen voor de ervaring, willen doen uit nieuwsgierigheid, je gedachten de ruimt te geven om te bevrijden. Kracht is ontdekken, aannemen is verstoppen. Kracht is het geheel, denken is een deel. Kracht is deelnemen, beperken is missen. Ontdekken is spiritualiteit, het onstoffelijke ervaren. Beperken is het fysieke, het aardse, het oordelen, het toneelstuk. Een verbond in het fysieke is een schijnvertoning, het geheim van echt verbinden is spiritueel, de onstoffelijke verbintenis. Benadrukking van het spirituele, het onstoffelijke door het taboe stoffelijk te doorbreken geeft spirituele groei. Het stoffelijke vernietigen geeft vertrouwen, geeft zekerheid, geeft vrijheid in het onstoffelijke door de schijnveiligheid van het stoffelijke te doorbreken. Wantrouwen, onzekerheid en beperkingen in vrijheid bestaan enkel in het stoffelijke. Schaamte wordt schuld door geloof in het stoffelijke. Schuld alsof de intentie van de kracht die jij in je hebt slecht is. Alsof het een zonde is om te leven met kracht, alsof je krachteloos en zwak zou moeten volgen wat anderen vinden. Wanneer jij je kracht niet toont, kan ook niemand je kracht waarnemen. Je krijgt dan een verbond van schijn-zelven in onmacht. In het onstoffelijke verbond, op spiritueel niveau een verbond aangaan betekent kiezen voor een open en schuldvrij verbond, op een hoger niveau relateren. Van geheel mens tot geheel mens in plaats van enkele rol tot enkele rol, van deel tot deel, van illusie tot illusie. Wil jij je beperken tot een deel van het leven of wil jij het leven geheel leven? Wil jij stoffelijk en beperkt, of wil jij spiritueel en vrij? Verwarring is natuurlijk wanneer je kiest voor je kracht. Het is nieuw, je doorbreekt het verwachte, het spirituele is de weg van ontdekking en dus onbekend. Onbekend is verwarrend want je houvast is niet meer vastklampen aan de oude illusies, en vertrouwen op de kracht die jij in jezelf hebt. In vertrouwen op de kracht doen leidt tot liberatie, bevrijding, van de oude illusies, en een nieuwe houvast in de zekerheid van je eigen kracht. Oude houvast aan je oude rol en aan de identificatie met je lichaam als jezelf, kracht uit het spirituele. Jezelf zien als lichaam in een verbond maakt delen in een verbond, jezelf zien als onstoffelijk geheel van het verbond maakt het verbond sterker. Een verbond met een lichaam, of een verbond met ideeën, gedachten, kracht, zienswijzen, ervaringen, ontdekkingen. Een stoffelijk verbond heeft orde nodig, en dus gehoorzaamheid en verantwoording, een onstoffelijk verbond is vrij, waardevol, vernieuwend, echt, vol van vertrouwen, respectvol en gelijkwaardig. Zonder de kracht geparalyseerd in het lichaam, in de illusie, in het stoffelijke. Met de kracht ontdekken door ervaren, wat wel bij je past. Misschien wat ongemakkelijk en nieuw, spannend, maar goed. Waar fouten na ervaring in plaats van schuld, schaamte of spijt leiden tot inzicht. Waar je je spirituele zelf erkent, het onstoffelijke zoekt, en je situaties in eigen hand neemt. Laat de ware aard toe in het verbond. Een echt verbond kan je niet verliezen. Een echt verbond verliezen doordat je de echtheid beperkt, het stoffelijke boven het onstoffelijke stelt, een schijnverbond leven, betekent dat je jezelf niet geeft wat er in zit. Onconditioneel in verbond, of de eigen agenda’s langs elkaar zonder connectie. Schuld, verlegenheid, schaamte en spijt zijn donkere gevoelens; gevoelens die niet van jou zijn. Spijt signaleert simpelweg dat we in een eerdere staat van ontkenning onwetend zijn geweest, wat goed is… toch? Spijt is interne schaamte, schaamte is gericht op anderen. Immaterieel of materieel. Sociale emoties die het ego ervaart veelal door culturele overtuigingen.

Posted by Rutger in Archief

Wat is het verschil tussen veronderstellingen en vooronderstellingen?

In NLP heb je de basisveronderstellingen, en in het Metamodel en het Miltonmodel is sprake van vooronderstellingen. Wat is het verschil?

Wat is het verschil tussen veronderstellingen en vooronderstellingen?

Onderstellen betekent vooraf aannemen. Er is dus sprake van een bepaalde aanname bij veronderstellingen, en ook bij vooronderstellingen. Kort gezegd is het verschil dat veronderstellingen aannames vooraf zijn die mogelijk waar kunnen zijn (er is ruimte voor discussie over de waarheid), en vooronderstellingen zijn aannames vooraf die impliciet waar moeten zijn.

Alle blaadjes zijn groen: als gehele zin is dit een veronderstelling. Het is een stelling waarover gediscussieerd kan worden.

Maar er zitten ook vooronderstellingen in dezelfde zin, want wat moet waar zijn? Er moeten blaadjes zijn, er moet een bepaald kenmerk zijn dat groen heet. Wat is groen eigenlijk? En wat zijn blaadjes? Impliciet worden er dus waarheden meegegeven.

Voel je het verschil?

Veronderstellingen

Een veronderstelling is een aanname vooraf die wellicht nog ter discussie staat.  De NLP basisveronderstellingen zijn dus overtuigingen, die je kan (en mag) gebruiken, zodat ze je meer vrijheid en ruimte geven in het denken, zonder dat er gezegd wordt dat het waar is, of niet.

Vooronderstellingen

Een vooronderstelling is een aanname vooraf, die niet meer ter discussie staat. Om deze boven tafel te krijgen, moet jij jezelf afvragen “Wat moet waar zijn om hetgeen wat gezegd wordt waar te laten zijn?”.

Door aannames te verpakken in een vooronderstelling, breng je deze aannames met minder weerstand over op de toehoorder (Miltonmodel). Door bij overtuigingen de juiste vooronderstellingen ter discussie te stellen, kan je de overtuiging ontkrachten (Metamodel).

Buiten NLP

Onderstellen, zonder de ver- of -voor, betekent vooraf aannemen.

Een veronderstelling is een aanname vooraf die nog ter discussie staat. De aanname wordt expliciet genoemd en eventueel besproken.

Een vooronderstelling is een aanname vooraf, die niet meer ter discussie staat. De aanname is verborgen, impliciet en niet besproken.

Posted by Rutger in NLP handleiding

NLP als methode: modelleren

NLP modelleren

NLP modelleren

NLP is ontstaan vanuit het modelleren van excellentie, vaardigheden die tot het gewenste resultaat leiden. In de Practitioner ligt de focus op het leren kunnen toepassen van de technieken.

“NLP is een houding en een methode met in haar kielzog een serie aan technieken” – Richard Bandler.

Houding

  • Nieuwsgierigheid
  • Flexibiliteit: de bereidheid te experimenteren, iets nieuws en anders te proberen
  • Constructief bijdragend aan het doel

Methode: Modelleren

NLP gaat er van uit dat wat de ene mens aan gedrag of vaardigheden laat zien, door een ander mens (in minstens de helft van de tijd) ook kan worden eigen gemaakt. Verder vooronderstelt NLP dat de mensen op fysiek en mentaal niveau op dezelfde manier functioneren omdat ons neurologisch netwerk eenzelfde opbouw heeft.

Om een ander gedrag of vaardigheid aan te leren van een expert, dienen we te zoeken naar de VERSCHILLEN tussen de expert en mijzelf. Wat doet de expert anders? Wat is het verschil dat het verschil maakt? Dit proces heet modelleren.

Modelleer vaardigheden

  • Kalibreren: het vermogen om minimale non-verbale veranderingen waar te nemen.
  • Elicitatie: uitvragen volgens het META model
  • Chunking: Hiërarchie van ideeën. Het kiezen van abstractieniveau.
  • Sequencing: strategieën, herkennen van de volgorde waarin iemand stappen zet.

Wat modelleer je?

  • Fysiologie: de sleutel om snel de stemming te achterhalen d.m.v. de ademhaling en de lichaamshouding, mimiek etc. Rapport en matching.
  • Filters: metaprogramma’s, waarden en overtuigingen, de neurologische niveau’s. We letten op deze filters wanneer we willen weten WAAROM (interne motivatie) iemand doet wat hij doet (gedrag).
  • Strategie: een opeenvolging van interne representaties die leiden tot het bereiken van een resultaat. Oogpatronen, predikaten etc.

Binnen NLP is de benadering dus: Wat doen succesvolle mensen eigenlijk? We kunnen leren van de excellentie van anderen door ze na te apen, door de gedachten te hebben die zij hebben, de motivatie te hebben die zij hebben, te geloven wat zij geloven, te (leren) kunnen wat zij kunnen, te doen wat zij doen, de wereld zien zoals zij het zien. Het in kaart brengen van deze aspecten, dat is wat modelleren is. En wanneer je dat vastlegt in een overdraagbaar model dan heb je een NLP techniek, ofwel het antwoord op de vraag “HOE kan ik de excellentie die een ander heeft ook bereiken met de mogelijkheden die ik tot mijn beschikking heb?”.

Dus wanneer iets niet goed gaat, of je wilt iets anders doen dan je tot nu toe hebt gedaan, dan legt NLP de focus niet op wat er mis is en hoe dat verbeterd kan worden, maar NLP legt de focus op iets ergens waar het wel goed gaat, en kopieert dat. Je gaat leren van iemand (rolmodel) die goed is in wat jij wilt kunnen, door zijn interne proces te modelleren en dat na te doen.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Wat is een NLP Practitioner opleiding? En de NLP Master?

NLP Practitioner opleidingen

NLP Practitioner opleiding en de NLP Master Practitioner opleiding

NLP Practitioner opleiding en de NLP Master Practitioner opleiding

In de beginjaren van NLP is er een opleidingsstructuur neergezet, met redelijk duidelijke scope. Wanneer je interesse en nieuwsgierigheid is gewekt, en je wilt een meer formele opleiding doen, dan is dit de oorspronkelijke scope van de verschillende opleidingen (let op dat de opleiding waar jij je voor inschrijft hieraan voldoet!):

NLP Practitioner opleiding

In de NLP Practitioner opleiding wordt de deelnemer opgeleid tot een NLP Practitioner, oftewel een beoefenaar. De basisvaardigheden worden geoefend, de basisideeën gedeeld (zoals de NLP basisveronderstellingen NLP) en er wordt veel aandacht besteed aan het uitvoeren van technieken. Het einddoel is dat een NLP Practitioner in staat is om technieken uit te voeren, en leert toe te passen in de eigen omgeving, persoonlijk en professioneel. De deelnemer leert invloed te hebben op omgeving, gedrag, vaardigheden en overtuigingen. Welke technieken hiervoor worden gebruikt kan verschillen, en daarmee kan de insteek per NLP Practitioner opleiding verschillen. Er zijn opleidingen die zich richten op persoonlijke ontwikkeling, spirituele ontwikkeling, algemene ontwikkeling, communicatieve ontwikkeling, professionele ontwikkeling, zelfs sportieve ontwikkeling. Een volledige opleiding NLP Practitioner omvat zowel het toepassen van de technieken bij jezelf, als het toepassen van technieken bij een ander. Een aanvullende coach opleiding duidt op een onvolledige NLP Practitioner opleiding.

NLP Master worden:

NLP Master Practitioner opleiding

In de NLP Master Practitioner opleiding wordt de NLP Practitioner verder meegenomen om ook invloed te hebben op de eigen waarden, identiteit en missie; een verdieping. Bovendien leert de NLP Master Practitioner zelf technieken te ontwikkelen op basis van zelfgekozen rolmodellen, oftewel de deelnemer leert succesvol gedrag in een recept samen te vatten en over te dragen opdat anderen hetzelfde succesvolle gedrag kunnen reproduceren (verbreding). Ten slotte leert de deelnemer als extra verdieping om technieken te combineren tot een samenhangend geheel. Feitelijk is de NLP Master Practitioner volleerd, omdat deze zelf in staat is om technieken te ontwikkelen en toe te passen.

NLP Trainer opleiding

De NLP Trainer opleiding is een opleiding waarin de deelnemer de technieken leert toepassen in een didactische omgeving. De focus ligt daarbij op het leren van de technieken die zijn gemodelleerd van succesvolle trainers. Qua niveau is deze training vergelijkbaar met de NLP Practitioner opleiding, zij het dat de opleiding gericht is op pedagogisch didactische ontwikkeling.

Overige NLP opleidingen, trainingen en cursussen

Opleidingen die anders zijn benoemd, zijn opleidingen met een eigen doel, en omvatten ten dele de stof zoals die beschikbaar is voor de NLP (Master) Practitioner en NLP Trainer opleidingen. Het kan een goed alternatief zijn om eerst een korte introductiecursus te doen alvorens je besluit de volledige NLP Practitioner opleiding te doen.

Wanneer je een NLP Practitioner opleiding treft die apart opleidt tot coach, dan heb je eigenlijk te maken met een NLP Practitioner opleiding die in twee delen is gesplitst, en die dus niet volledig is.

Posted by Rutger in NLP handleiding

NLP Basisveronderstellingen

De NLP basisveronderstellingen zijn een aantal overtuigingen, die wanneer je ze eigen maakt en er naar handelt, meer ruimte geven in verantwoordelijkheid, invloed en begrip. Je neemt hierdoor meer verantwoordelijkheid in je handelen en communicatie. Een NLP Practitioner zal handelen vanuit deze 10 NLP Basisveronderstellingen, en alsof deze NLP basisveronderstellingen waar zijn.

Tien NLP Basisveronderstellingen

1. De kaart is niet het gebied.

De woorden die wij gebruiken, zijn NIET de gebeurtenissen of de zaak die zij weergeven. Hoeveel woorden je ook gebruikt, de werkelijkheid is altijd meer dan dat. Realiteit is een constructie. Energie gaat naar waar onze aandacht ligt. Perceptie is geleerd.

2. De betekenis van je communicatie is (of wordt bepaald door) de respons die je krijgt.

Wees flexibel en verander je communicatie, wanneer de respons niet voldoet aan je verwachting. Er zijn geen onwillige gesprekspartners, alleen inflexibele communicatoren. Realiteit en betekenis worden geconstrueerd in relatie.

3. Ieder mens heeft alle hulpbronnen tot zijn beschikking om ieder gewenst resultaat te kunnen bereiken.

Er zijn geen mensen zonder hulpbronnen, alleen mensen die minder makkelijk contact maken met hun hulpbronnen. Om iets te herkennen of te willen, moet je het kennen of ervaren hebben. Het maakt niet uit wat je denkt dat jij bent, je bent altijd meer dan dat.

4. Elk gedrag heeft in de basis een positieve intentie.

Ieder mens maakt de beste keuzes met de beschikbare hulpbronnen. Elk gedrag is zinvol en waardevol binnen een bepaalde context, tijd en ecologie. Niemand heeft ooit bewust zijn (hoogste) eigen doel gesaboteerd. Gedrag is context, tijd en ecologie gebonden. Je kan niet niet-leren. Leven is leren.

5. Weerstand bij een ander mens is een teken van gebrek aan rapport.

Weerstand is een excuus. Er zijn geen onwillige mensen, alleen inflexibele communicatoren. Weerstand betekent dat de communicator geen zin heeft om er meer energie in te steken.

6. Er is geen mislukking, enkel feedback.

Elk resultaat en elk gedrag is een prestatie, of het nu wel of niet je doel was. Wanneer je hiervan uitgaat creëren “fouten” juist de mogelijkheid tot leren. Je maakt geen fouten, je ontdekt manieren die niet tot je doel leiden.

7. De persoon met het meest flexibele (energie) gedrag is de katalysator van het systeem.

Law of Requisite Variety. Diegene die opgeeft, haalt zijn doel niet. Wanneer iets niet werkt, doe iets anders.

8. Respecteer ieders model van de wereld.

Ieders wereldmodel is uniek; een eigen subjectief model van de werkelijkheid. Neem dat als gegeven, met respect, ook al ben je het niet eens met elkaar.

9. Be at cause.

Er is altijd een andere keuze. Besef je keuzes. Wees pro-actief. Je hebt altijd een keuze; wees de oorzaak. Geen keuze hebben betekent wellicht dat de keuze heel makkelijk en duidelijk is.

10. Mensen zijn niet hun gedrag.
Je ziet het gedrag van iemand, maar kent daardoor de persoon nog niet. Accepteer de persoon. Verander het gedrag. Het gedrag is de meest waardevolle informatie over een persoon.

Oefenen en integreren van de NLP basisveronderstellingen

De basisveronderstellingen zijn bedoeld om je mogelijkheden en ruimte te geven. Niet als een lijstje met leuke wijze woorden, maar om echt te gebruiken. Om daarmee te oefenen, kan je bijvoorbeeld het volgende doen:

  • Kies 3 veronderstellingen. Gewoon omdat deze je het meeste aanspreken, of kies er 3 willekeurig.
  • Kies een uitdaging in je leven, in je werk of persoonlijke sfeer, iets wat je tegenhoudt of iets wat je wilt bereiken, of iets dat je wilt leren. Mocht je geen uitdagingen kunnen vinden, misschien dat je dan je verwachtingen wat hoger zou kunnen zetten, als uitdaging.
  • Neem de 1e van de drie gekozen veronderstellingen, en gebruik deze als een bril om naar je uitdaging te kijken. Wat is er anders wanneer je door deze bril naar je uitdaging kijkt? Welke mogelijkheden openen zich? Wat wordt ineens logisch om te doen, gezien in dit licht?
  • Doe dit ook met de andere 2 gekozen veronderstellingen. Sta stil bij de nieuwe inzichten die je krijgt. Sommige inzichten zullen nuttiger zijn dan andere… Welke inzichten zijn het meest waardevol voor jou? En wat ga je anders doen, met de inzichten die je nu hebt?

De NLP basisveronderstellingen in een plaatje kan je helpen om de NLP basisveronderstellingen eigen te maken:

NLP basisveronderstellingen spiekbriefje

NLP basisveronderstellingen spiekbriefje

Posted by Rutger in NLP handleiding

Neurologische niveau’s van Robert Dilts

Neurologische niveau's Robert Dilts

Neurologische niveau’s Robert Dilts

 

 

Omgeving: Waar ben je, met wie ben je, wat zie je?

Gedrag: Wat doe je?

Vaardigheden: Wat kan je dan (niet)?

Overtuigingen: Wat geloof je dan (niet)? (Let op: soms werkt “Wat denk je dan wat waar is?” beter, omdat GELOVEN een diepere betekenis kan hebben).

Waarden: Wat is dan (niet) belangrijk?

Identiteit: Wie of wat ben je dan (niet)?

Missie: Waartoe ben je dan, waartoe ben je wie je bent, hoe past wie je bent in het  grotere geheel?

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Niveau’s van leiderschap

Van visie naar actie

Van visie naar actie

Meta – Cultuur (Waarden)

  • Vertaal de visie in een missie.
  • Creëer een gemeenschap.

Macro – Strategie (Doelen)

  • Definieer ondersteunende waarden.
  • Definieer ondersteunende overtuigingen.
  • Bouw een ondersteunende cultuur.
  • Bepaal het pad naar de missie.

Micro – Handelingen (Implementatie)

  • Bepaal specifieke taken.
  • Bouw aan specifieke relaties.

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Antwoorden krijgen met neurologische niveaus van Dilts

Als er iets is waar je antwoord op wil, kan je deze oefening doen, gebaseerd op de neurologische niveau’s van Robert Dilts.

1 Leg de kaarten uit (omgeving, gedrag, vaardigheid, overtuigingen, waarden, identiteit, missie).

2 Stap in Omgeving, en maak contact met de situatie waar de vraag bestaat.

3 Stap naar Gedrag: wat doe je dan?

4 Stap naar Capaciteiten: wat kan je dan?

5 Stap naar Overtuigingen: wat geloof je dan?

6 Stap naar Waarden: wat is dan belangrijk?

7 Stap uit naar meta-positie NAAST Identiteit.

8 Vul de hulpbron

a Plaats een drie-punts plaatsanker uit drie overlappende cirkels

1 Vrijheid

2 Mededogen

3 Meest liefdevolle ervaring (niet-romantisch) + met ademhalingtechniek (groen licht in bij borstbeen, geel licht uit tussen navel en middenrif)

b Drie maal linksom (met de klok mee) contact maken, telkens sterker maken

c Contact maken met de doorsnede van de drie emoties, en laat een woord/uitspraak koppelen aan het gevoel (auditief anker installatie)

9 Onder het uitspreken van het woord van stap 8c (afvuren auditief anker) instappen in Identiteit. “Voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, met de steun in je rug van je missie en het grote geheel” Geef ruimte, let op BMIR’s

01 Stap naar Waarden, Overtuigingen, Vermogens, Gedrag onder “Voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, met de steun in je rug van je missie en het grote geheel” Geef ruimte, let op BMIR’s

11 Stap naar Omgeving. “Voel wat je voelt, ervaar wat je ervaart, met de steun in je rug van je missie en het grote geheel. En hoe ziet jouw toekomst er dan uit?” Geef ruimte, let op BMIR’s

12 Stap uit, terug naar meta-positie naast Identiteit.

13 Onder het uitspreken van het woord van stap 8c (afvuren auditief anker) instappen in Identiteit. “Hoe ziet jouw toekomst er vanuit hier uit, met de steun in je rug van je missie en het grote geheel.”. Geef ruimte, let op BMIR’s.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Veranderen van Metaprogramma’s

Neem uitgebreid de tijd om een dergelijke wijziging door te voeren!

Denk in dagen en weken, niet in uren…

Metaprogramma’s zitten tussen Identiteit en Waarden. Dat betekent dat wijziging aan de metaprogramma’s een sterk en breed effect heeft naar waarden, overtuigingen, vaardigheden, gedrag en omgeving. Het is een persoonlijkheidswijziging. Heb dus een goede reden om op dit niveau wijzigingen door te voeren, en zorg voor uitgebreide ecologische check.

Mapping across

Indien een Metaprogramma bekend is bij de coachee, doordat deze in een bepaalde context een ander metaprogramma gebruikt, dan kan je over de contexten heen het nieuwe metaprogramma installeren met Mapping Across.

Verander Metaprogramma techniek

Wanneer het metaprogramma niet bekend is bij de coachee, dan kan je deze techniek gebruiken.

 

1) Identificeer het huidige metaprogramma dat je wilt wijzigen

a) Creëer een plaatsanker (1) voor de huidige situatie

b) Eliciteer de volledige context wanneer, waar, met wie het huidige metaprogramma beperkt.

c) Eliciteer hoe deze beperking beperkt.

 

2) Beschrijf het gewenste metaprogramma volledig

a) Eliciteer wanneer, waar en met wie je dit nieuwe metaprogramma actief zou willen hebben, om je perceptie, bewustzijn en aandacht te sturen.

b) Eliciteer hoe dit effectiever is, en hoe dit beter ondersteund.

 

3) Probeer het programma uit

a) Creëer een nieuw plaatsanker (2) voor het nieuwe programma

b) Stap in het plaatsanker, en associeer volledig met het nieuwe programma

c) Probeer het uit in het sorteren, in je perceptie, met je aandacht, met je denken, met je gevoel, etc.

d) Wees bewust van hoe het voelt, hoe dingen er uit zien, welke gedachten ontstaan. Voel je vrij om rond te lopen om te ervaren hoe je dit nieuwe programma ervaart. Verwacht enig ongemak omdat het een nieuwe manier is. Bemerk of er andere gevoelens, naast dit ongemak, opkomen.

e) Doorloop in gedachten enkele contexten en situaties waarin dit programma je beter zou kunnen ondersteunen.

 

4) 1e ecologie controle

a) Stap uit de uitprobeerervaring, en ga naar een nieuwe plek (plaatsanker 3), de ervaring achter latend.

b) Stap in de 3e waarnemerspositie, en evalueer van een afstandje de uitprobeerervaring.

c) Controleer wat er goed gaat

d) Ga, vanuit deze 3e positie, na wat deze wijziging betekent op het niveau van Omgeving, Gedrag, Vaardigheden, Overtuigingen en Waarden

e) Ga, vanuit deze 3e positie, na wat dit betekent op Identiteitsniveau.

f) Ga na welk effect dit heeft over de contexten heen, op andere contexten en op andere mensen

g) Ga na wat dit voor effect heeft op je Missie

 

5) 2e ecologie controle

a) Stap terug in plaatsanker 1, en associeer met de huidige situatie

b) Identificeer welke goede lessen in het oude metaprogramma zitten, welke goede intenties vervuld dienen te worden, wat het oude metaprogramma opleverde.

c) Zet een communicatiekanaal op met je onbewuste, en vraag je onbewuste of er bezwaren zijn om deze verandering te maken, dan wel of er bezwaren zijn om deze verandering op deze manier te maken.

d) Geef jezelf de tijd die je nodig hebt om eventuele nieuwe gedachten of bezwaren te bekend te laten worden.

e) Bevestig de nieuwe gedachten of bezwaren, en bedank je onbewuste voor het kenbaar maken.

 

6) Zorg voor de ecologie met bekende NLP technieken

a) Stel ALLE goede lessen veilig

b) Vervul ALLE goede intenties

c) Stel ALLE oude winsten veilig

d) Los ALLE eventuele conflicten op

e) Los ALLE eventuele bezwaren op

f) Maak het een congruent geheel

g) Na het maken van ALLE aanpassingen in deze 6e stap:

– Wanneer het effect heeft op het huidige Metaprogramma, ga verder met stap 1

– Wanneer het effect heeft op het gewenste Metaprogramma, ga verder met stap 2

– Anders: ga verder met stap 4

h) Enkel wanneer je beide ecologiechecks hebt gedaan, en er zijn geen aanpassingen nodig, ga verder met stap 7.

 

Stop hier indien sommige ecologiepunten niet worden opgelost.

 

7) Toestemming

a) Geef jezelf toestemming om het nieuwe metaprogramma gedurende een aantal uur of een aantal dagen (maximaal 1 week) te gebruiken.

b) Maak de interne overeenkomst dat je aan het einde van deze periode bepaalt of je deze periode verlengt, terugschakelt naar het oude programma of definitief kiest voor dit nieuwe programma.

c) Installeer het nieuwe metaprogramma door simpelweg jezelf de toestemming te geven om het te gebruiken.

d) Versterk de installatie

– ga naar plaatsanker 2, associeer volledig, en vindt een symbool of woorden die de volledige ervaring representeren.
– Neem het symbool of de woorden mee naar plaatsanker 1, en accepteer de volledige bewuste integratie van het symbool of de woorden. Sta het onbewuste toe om dit volledig te organiseren, en sta jezelf toe het nieuwe programma te ervaren.

 

8) 3e ecologie controle

a) Stel zeker dat alles goed is, en dat je gemotiveerd bent en uitkijkt naar het gebruik van dit nieuwe metaprogramma, gedurende de afgesproken tijd.

b) Wanneer er nog last-minute ecologische kwesties opkomen, bevries de toestemming, breng het symbool of de woorden terug naar plaatsanker 2, en associeer met plaatsanker 1 (de originele staat). Vervolgens ga je verder met stap 6.

 

9) Future pace

a) Doorloop zoveel diverse toekomstige contexten en situaties als je wilt.

b) Keer terug naar het heden en geniet van je nieuwe metaprogramma

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

NLP Metaprogramma’s

Metaprogramma’s geven informatie over hoe we onze aandacht richten, hoe we met onze wereld omgaan, hoe we waarnemen en hoe we met informatie filteren. Metaprogramma’s behoren tot de onbewuste filters (zie NLP communicatiemodel), en bevinden zich in de neurologische niveau’s van Dilts tussen IDENTITEIT en WAARDEN, en zijn dus rol- en context-gebonden. Metaprogramma’s liggen niet vast, en kunnen veranderen.

  • Vaste patronen in waarnemen, denken en voelen die we laten zien in ons (non-) verbaal gedrag.
  • Vaste patronen die ons in vergelijkbare situaties steeds hetzelfde laten reageren.
  • Onbewust, stress- en contextgebonden.
  • Metaprogramma’s zijn niet zwart-wit, maar grijstinten (verdeling en indeling op een schaal)
  • Aansluiten bij metaprogramma verfijnt rapport.
  • Diversiteit van metaprogramma’s binnen een team verhoogt teamprestatie.
  • Kennen van de metaprogramma’s (met name de originele Jung-typologie) levert een schat aan informatie op bij het begrijpen van jezelf en anderen, het in kaart brengen van problemen en doelen bij coaching.
  • Bij het modelleren zijn de metaprogramma’s een bron van informatie over de wijze van filteren.
  • Verschil in metaprogramma’s kan leiden tot verschil in resultaat bij dezelfde strategie.

Misschien dat je denkt dat iets nieuws is, maar de voorkeur van zintuigsysteem is een metaprogramma dat je (wellicht) al kent.

Basis metaprogramma’s (Jung typologieën)

Extern gedrag (energie voorkeur)

Houding in de richting van de buitenwereld. Hoe mensen energie krijgen en gebruiken.

Wanneer het tijd is om je mentale batterij op te laden, geef je er dan de voorkeur aan om alleen te zijn (Introvert), of met mensen (Extravert)?

 

Introvert          25% (ervaring spiegelend aan MOW, rustig, concentratie, schriftelijk)

  • Houdt van een rustige omgeving om zich te concentreren
  • Interesse in achtergronden, theorieën en concepten.
  • Handelt doordacht, soms afwachtend, houdt van onafgebroken werken
  • Houdt niet van interrupties
  • Nieuwe ideeën door rustig na te denken
  • Denkt na voor een antwoord of reactie, rustig en ingetogen
  • Houdt van tweegesprekken met doordachte standpunten en conclusies
  • Liever schriftelijk dan mondeling

Extravert         75% (ervaring spiegelend aan omgeving, initiatief, expressief, mondeling)

  • Houdt van afwisseling en actie
  • Interesse in praktische uitvoering en hoe anderen iets doen
  • Handelt snel en soms impulsief, houdt van opschieten
  • Houdt van onderbrekingen
  • Nieuwe ideeën door gesprekken
  • Reageert snel, zonder lang nadenken, enthousiast en luidruchtig
  • Houdt van groepsgesprekken en brainstormen
  • Liever mondeling dan schriftelijk

Intern proces (aandachtsvoorkeur)

Hoe nemen we informatie tot ons? Verzamelen en opnemen.

Als je een bepaald onderwerp gaat bestuderen, zou je dan meer geïnteresseerd zijn in de feiten en toepassingen daarvan (Sensor), of zou je meer geïnteresseerd zijn in de ideeën en de relatie tussen de feiten en de toepassingen daarvan in de toekomst (iNtuitor)?

 

Sensor            75% (zintuigen, realist, praktisch, details, feiten)

  • Werkt het liefst op basis van opgedane ervaring en een vast, bekend patroon
  • Plezier in toepassen van goed ontwikkelde kennis en vaardigheden
  • Mate van wantrouwen naar eigen ingevingen en inspiratie
  • Zeer accuraat
  • Houdt van praktisch bezig zijn
  • Goed oog voor detail, en onderbouwt met feiten
  • Houdt van stabiliteit en geleidelijk veranderen
  • Vraagt vooral om feitelijke onderbouwing
  • Vraagt om praktische en realistische toepassingen
  • Geeft voorbeelden uit eigen ervaring
  • Waardeert kritiek en suggesties mits eerlijk en bruikbaar
  • Ordelijke stap-voor-stap benadering
  • Werkt volgens agenda; wijkt liever niet af
  • Verwijst naar specifieke voorbeelden

iNtuitor            25% (intuïtie, dromer, creatief, betekenis, verbanden, ideeën)

  • Houdt van aanpakken/oplossen van nieuwe ingewikkelde zaken en problemen
  • Plezier in het aanleren van nieuwe kennis en vaardigheden
  • Laat zich makkelijk leiden door eigen ingevingen en inspiratie
  • Houdt niet van nauwkeurig en zorgvuldig controleren van feitelijke informatie
  • Houdt van vernieuwend bezig zijn
  • Goed oog voor de grote lijn, en benadert vanuit globaal overzicht
  • Houdt van regelmatige en radicale verandering
  • Vraagt vooral om een algemeen kader, de grote lijn
  • Stelt toekomstmogelijkheden aan de orde
  • Geeft graag eigen inzicht en visie
  • Waardeert kritiek en suggesties die origineel zijn, of een nieuw perspectief bieden
  • Laat ruimte voor veel invalshoeken
  • Geen probleem met afwijken van agenda
  • Verwijst naar algemene concepten

Interne staat (beslissingsvoorkeur)

Hoe krijgen we toegang tot states (stemmingen) en hoe nemen we beslissingen.

Denk aan een werksituatie waarin je problemen had. Denk aan een werksituatie waarin je gelukkig was. Wanneer je een beslissing neemt in een werksituatie, is deze dan meer gebaseerd op argumenten en logica (Thinker) of op persoonlijke waarden (Feeler)?

 

Thinker           45% V, 55% M (denken, vastberaden, analytisch, redelijk)

  • Komt via een logische, analytische weg tot besluiten / conclusies
  • Kan ook presteren in minder harmonieuze omgeving
  • Kan ongewild gevoelens kwetsen, zonder dit zich bewust te zijn
  • Neemt beslissingen op basis van zakelijke overwegingen
  • Standvastig in denken en kritische instelling
  • Normatief, en handelt vanuit algemene (erkende) principes
  • Kort en bondig
  • Ziet graag concrete voor- en nadelen op een rijtje
  • Reageert intellectueel, objectief en kritisch
  • Laat zich overtuigen door ratio in argumentatie
  • Presenteert doel en te bereiken resultaten eerst
  • Gevoelens en emoties van anderen zijn feiten om rekening mee te houden
  • Gericht op inhoud

Feeler             55% V, 45% M (voelen, sympathiek, normen en waarden, zachtmoedig)

  • Besluit op basis van waardeoordelen
  • Werkt best in harmonieuze omgeving
  • Doet graag een plezier, is graag ter wille, ook met kleine dingen
  • Laat zich makkelijk beïnvloeden door persoonlijke wensen en voorkeuren
  • Wil graag sympathiek overkomen, houdt niet van corrigerend of kritisch optreden
  • Evalueert en handelt vanuit normen en waarden
  • Houdt van dialoog in ontspannen sfeer
  • Hoort graag de waarde en menselijke impact van verschillende alternatieven
  • Reageert gevoelsmatig, subjectief, waarderend, vanuit een interpersoonlijke focus
  • Laat zich overtuigen door persoonlijke betrokkenheid en enthousiasme
  • Presenteert gemeenschappelijke punten en belangen eerst
  • Rationele objectiviteit is iets dat nog op waarde moet worden getoetst
  • Gericht op relaties

Adaptie operator (levensvoorkeur)

Hoe we ons aanpassen aan de omgeving en hoe we ons leven inrichten

Als wij samen een project zouden doen, zou je er dan de voorkeur aan geven dat het project gepland en keurig uitgewerkt was (Judger), of zou je er de voorkeur aan geven dat we in de gelegenheid waren om heel flexibel te zijn in het project (Perceiver)?

 

Judger            50% (beoordelen, plannen, systematisch, past leven aan zichzelf aan)

  • Voorkeur voor plannen en volgens plan uitvoeren
  • Ziet nieuwe dingen en nodige wijzigingen makkelijk over het hoofd
  • Zorg voor goed regelen en afronding
  • Tevreden wanneer beslissing is genomen of conclusie is bereikt
  • Snelle beslisser
  • Zoekt structuur en systematiek
  • Ordelijke planning, tijdplanning, harde deadlines
  • Probeert verrassingen te vermijden
  • Verwacht doorzettingsvermogen
  • Geen onduidelijkheid over standpunten en beslissingen
  • Praat in termen van resultaat, vorderingen, zinvolheid, koers
  • Sterk gericht op taken

Perceiver       50% (waarnemer, op je af laten komen, flexibel, past zich aan het leven aan)

  • Flexibel in werk en past zich aan omstandigheden aan
  • Stelt onplezierige taken uit
  • Houdt ruimte voor aanpassingen
  • Nieuwsgierig van aard, blij met nieuwe invalshoeken
  • Stelt beslissingen makkelijk uit op zoek naar alternatieven en opties
  • Past zich makkelijk aan, heeft verandering nodig
  • Geen moeite met plannen en tijdsplanning; wel met harde deadlines
  • Houdt van verrassingen en improviseert veel
  • Verwacht aanpassingsvermogen
  • Ziet beslissingen en standpunten als voorlopig
  • Praat in termen van mogelijkheden, kansen, onafhankelijkheid en flexibiliteit
  • Sterk gericht op samenwerking, met name op afstemming

Temperament

Met de basismetaprogramma’s kunnen 4 zogenoemde temperamenten worden onderscheiden. Een kort overzicht van deze temperamenten hieronder:

Believer – SP Traditionalist – SJ Rationalist – NT Idealist – NF
Doen Erbij horen Begrijpen Van betekenis zijn
Direct Verantwoordelijk Visie Charisma
Pragmatisch Georganiseerd Intelligent Creatief
Impulsief Dienstbaar Onafhankelijk Gevoelig
Spontaan Nauwgezet Analytisch Inspiratie
Avontuurlijk Grondig Helder Bevlogen
Tactische kracht Logistieke kracht Strategische kracht Diplomatieke kracht
Kernbehoefte SP Kernbehoefte SJ Kernbehoefte NT Kernbehoefte NF
Vrijheid van handelen Lidmaatschap of er bij horen Meesterschap of zelfbeheersing Betekenis en gewicht
Vermogen om invloed te hebben Verantwoordelijkheid of plicht Kennis en bekwaamheid Unieke identiteit

 

Andere metaprogramma’s

Richting filter

Benaderen: bepaald makkelijk het doel, en ziet soms risico’s over het hoofd. Denkt vooruit, is doelgericht, positieve energie, wil bereiken. Soms te veel initiatieven tegelijk, soms dingen niet afmaken.

Vermijden: Bewust van risico’s, veiligheid is belangrijk. Kan risico’s goed herkennen en inschatten. Soms overdreven voorzichtig. Soms moeite met nieuwe ervaringen; is sneller verward.

Redenfilter

Mogelijkheid: Ziet mogelijkheden. Kan, mag en wil. Heeft ruimte. Heeft keuzes. Mist soms begrenzing. Soms gebrek aan motivatie. Goed in ontwikkelen procedures. Gelooft dat er betere manieren zijn.

Noodzakelijkheid: Moet, het hoort zo, noodzaak. Er zijn regels, er is houvast. Beperkend als je geen keuze hebt. Goed in volgen procedures. Doet dingen graag “op de juiste manier”.

Referentiekader filter

Intern: Baseert beslissingen op eigen oordeel, gevoelens en mening. Blijft gemotiveerd, ook met weinig feedback en schouderklopjes. Soms te weinig luisteren naar goede raad en adviezen. Beslist makkelijk.

Extern: Hecht veel waarde aan mening van anderen. Neemt beslissingen op concrete feiten, bewijzen en gevoel van anderen. Kan stress ervaren bij weinig feedback. Kan besluiteloos zijn. Vraagt voortdurend om advies en gebruikt dat naar eigen inzicht.

Overtuigingsfilter: zintuigen

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen.

Zien overtuigt binnen V

Horen overtuigt binnen A

Lezen overtuigt door taal Ad

Doen overtuigt door K

Overtuigingsfilter

Geeft weer hoe je deze persoon bij coachen (of verkopen 😀 ) het beste kan benaderen, en hoe vaak herhaling nodig is.

Relatiefilter

Hetzelfde: leert door GOEDE voorbeelden na te doen. Wil dat de wereld gelijk blijft; conservatief. Houdt niet van verandering.

Verschillend: leert door FOUTEN te verbeteren. Houdt niet van stabiele en statische situaties. Progressief.

Extreem verschillend (mis-matchers) vertel je precies het tegenovergestelde van wat je wilt, om te bereiken wat je wilt.

Managementrichting filter

Iemand die de 1e vraag met nee beantwoord zal meer inhoudelijk advies en sturing nodig hebben bij coaching, dan iemand die daar ja antwoord. Door aan te sluiten bij deze overtuigingen bouw je beter rapport op. (“En ik weet dat jij weet wat zij nodig hebben om nog beter hun werk te doen, blablabla”)

Actiefilter

Proactief: Neemt vaak initiatief en handelt snel. Soms eerst doen, dan pas nadenken. Initieert. Kan impulsief zijn. Zorgt dat dingen gebeuren.

Reactief: Nadenkend en reflecterend. Neemt tijd om voor te bereiden, te analyseren en te begrijpen. Wacht soms te veel af, kan vervallen in denken zonder doen.

Affiliatiefilter (aansluiting)

Onafhankelijk speler (IK): Spreekt in termen van IK en wat het MIJ oplevert. Gaat er van uit dat mensen voor zichzelf zorgen. Werkt graag alleen. Zorgt goed voor zichzelf en raakt niet verstrikt in de problemen van anderen. Werkt niet gemakkelijk in teamverband. Kan soms onverschillig overkomen.

Teamspeler (WIJ): Zorgt dat iedereen zich goed voelt. Houdt veel rekening met anderen. Wil graag en goed samenwerken. Heeft de neiging anderen voor te laten gaan. Heeft soms moeite met zelfstandig beslissen.

Managementspeler (IK en ZIJ): Werkt graag met anderen, met een eigen duidelijke verantwoordelijkheid. Kan zowel samen als alleen werken. Heeft soms moeite met delen en delegeren van verantwoordelijkheid. Heeft soms moeite met erkenning van (het belang van) de rol van anderen.

Werkpreferentiefilter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Primair interesse filter

Patronen in de inhoud geven aan waar de aandacht ligt. Rapport: richt je aandacht op hetzelfde.

Chunk size filter

Rapport: richt je aandacht op hetzelfde. Sterke overeenkomst met Sensing/iNtuition.

Dualisme filter

Zwart-wit: denkt in ja/nee. Duidelijk. Mist soms relativering en nuance.

Grijstinten: denkt in glijdende schalen. Kan ruimte laten voor interpretatie.

Tijdopslagfilter

In-time (in de tijdlijn): Perceiver. Leeft in het hier en nu, verdiept in het moment. Goede concentratie op taken, en emotioneel en mentaal betrokken. Kan de tijd uit het oog verliezen, en daardoor te laat zijn op afspraken.

Through-time (overzicht op verleden/heden/toekomst): Judger. Meestal op tijd voor afspraken. Goede planner. Geeft soms de indruk niet betrokken te zijn. Plannen maken en op tijd zijn kan belangrijker ervaren worden dan de ervaring zelf.

Informatieverwerkingsfilter

Belangrijk voor de aanpak tijdens een gesprek. Geef je mee en laat je bezinken, of is het dit gesprek waar het gebeurt.

Luisterstijl filter

Rapport: laat je spreken aansluiten bij de luisterstijl.

Spreekstijl filter

Rapport: laat je luisteren aansluiten bij de spreekstijl.

Modale operatoren van volgorde filter

De modale operatoren van volgorde geven de meest motiverende sequentie weer. Door deze structuur te gebruiken kan je motivatie installeren.

Planningsfilter

Opties: heeft graag keuzes en neemt alle opties mee. Overweegt alle opties, en geeft ook vaak keuzes aan anderen. Kan soms aarzelen, en beslissingen uitstellen tot het niet meer kan.

Procedures: Werkt vaak met schema’s en lijstjes om zaken ordelijk af te werken. Houdt niet van veel keuzes. Heel efficiënt en houdt zich aan de regels. Vindt soms de procedure belangrijker dan het werk, soms bureaucratisch en vertragend.

Tijdsoriëntatie filter

Ligt de focus op de voltooide tijd (verleden), de tegenwoordige tijd (heden) of op de toekomstige tijd (toekomst).

Verleden: wat was, kijkt naar het heden door de bril van het verleden, geen contact met de toekomst, geniet na.

Heden: wat is, kijkt naar wat zich hier en nu aandient, weinig contact met verleden en en toekomst, geniet van.

Toekomst: wat zal zijn, de toekomst bepaald het heden, moeite met zicht op heden en weinig/geen contact met het verleden, verheugd zich op.

Emotionele stress respons filter

Denken/gedissocieerd: weinig emotioneel betrokken, stress-bestendig, overzicht.

Voelen/geassocieerd: emotioneel betrokken, stress, hier en nu.

Aandachtsfilter

Sorted by self – IK: evalueert de communicatie op basis van eigen gevoelens, het eigen MOW staat centraal, aandacht is op zichzelf gericht, duidelijk in het stellen van eigen grenzen, weinig oogcontact, half luisteren, veel gebruik van “IK”, kan naar achteren leunen.

Sorted by others – DE ANDER: stemt af op anderen en hun criteria, het MOW van de ander staat centraal, betrekt reacties van anderen in de evaluatie van de communicatie, kan makkelijk over eigen grenzen heen gaan, veel oogcontact, aandachtig luisteren, veel gebruik “JIJ/U”, kan naar voren leunen.

Sorted by us – WIJ: Betrekt het handelen op het hele systeem, gaat uit van wat goed is voor het systeem. Ziet zichzelf als onderdeel van een groter geheel en werkt grensvervagend, veel gebruik “WIJ”.

 

 Tips voor metaprogramma’s

  • Het dualisme metaprogramma is een interessante. Zwart-wit denkers zullen submodaliteiten op verschillende plaatsen opslaan, terwijl grijsdenkers vaker een lijn of continuüm zullen ervaren.
  • Judgers gebruiken het T/F metaprogramma om te beoordelen. Perceivers gebruiken het S/N metaprogramma om waar te nemen.
  • Introverte personen die Voelen, voelen op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Denkers aan de buitenkant. Introverte personen die Denken, denken op basis van hun MOW, intern, en zijn (lijken) Voelers aan de buitenkant. Hierdoor krijgen Introverte personen veelal onjuiste feedback over hun denken/voelen uit hun omgeving.
  • Een letterlijke luisteraar zou complimenten van een afgeleide spreker kunnen missen.
  • Een afgeleide luisteraar zou kunnen ervaren dat welke vraag dan ook een verzoek tot actie is.
  • Scherpe vragen, metamodel vragen etc. kan je het beste zachter stellen (intonatie). Zachter verhoogt de aandacht enerzijds, vermindert weerstand anderzijds.

 

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

Innerlijke mentor

Gebruik de innerlijke mentor om zekerheid op te bouwen en om (ondersteunende) overtuigingen te versterken.

 

  • Wat zou je nog meer moeten weten, wat zou je nog meer moeten toevoegen aan je doel, of wat zou je nog meer moeten geloven om nog meer congruent en zeker te zijn?
  • Van alle mensen die je kent, wie zou jouw mentor zijn voor die kennis of die overtuiging? Stel je voor dat die mentor echt fysiek om je heen zou zijn om jou zo goed mogelijk te ondersteunen.
  • Kruip in de huid van de mentor, en kijk naar jezelf door de ogen van de mentor. Welke boodschap of advies zou de mentor voor je hebben, die jou nu het meeste zou opleveren?
  • En stap weer in je eigen perspectief en ontvang die boodschap. Hoe heeft dat invloed op jouw mate van zekerheid en congruentie?
Posted by Rutger in NLP handleiding

Het hoefijzer

NLP techniek: het hoefijzer

NLP techniek: het hoefijzer

Intake

  • Achterhaal de beperkende overtuiging
  • Preframe de overtuiging-lifecycle, en gebruik de plaatsankers..
  • Achterhaal welke nieuwe ondersteunende overtuiging men wel wil (1).
  • Installeer een plaatsanker van “volledig vertrouwen” en “absolute zekerheid” (Engels: Trust).

Inventariseer

  • Achterhaal, en onthoud of noteer, voor de 5 posities (doorloop in volgorde van WILLEN GELOVEN via ZEKER WETEN naar OOIT GELOOFD)
    • Een overtuiging die niets met de beperkende te maken heeft, maar wel in de betreffende categorie (Willen geloven, Openstaan, Zeker weten, Twijfel, Ooit geloofd) valt.
    • De bijbehorende submodaliteiten van die overtuiging per categorie.
    • De fysiologie bij de verschillende overtuigingen.
    • De interne dialoog (Ad) bij die overtuiging.


Interventie

  • Ga in VOLLEDIG VERTROUWEN staan.
  • Ga naar ZEKER WETEN, laat contact maken met de oude, beperkende overtuiging. “Pak die maar op en neem mee naar hier…” en begeleid naar TWIJFEL (2). Doe hier een cross-over van de submodaliteiten.
  • Ga weer in VOLLEDIG VERTROUWEN staan.
  • Ga naar WILLEN GELOVEN, laat contact maken met de nieuwe overtuiging. “Pak die maar op en neem mee naar hier…” en begeleid naar OPENSTAAN (3). Doe hier een cross-over van de submodaliteiten.
  • Ga weer in VOLLEDIG VERTROUWEN staan.
  • Ga naar TWIJFEL, laat contact maken met de oude overtuiging. “Pak die maar op en neem mee naar hier…” en begeleid naar OOIT GELOOFD (4). Doe hier een cross-over van de submodaliteiten.
  • Ga weer in VOLLEDIG VERTROUWEN staan.
  • Ga naar OPENSTAAN, laat contact maken met de nieuwe overtuiging. “Pak die maar op en neem mee naar hier…” en begeleid naar ZEKER WETEN (5). Doe hier een cross-over van de submodaliteiten.

Integratie

  • Connectivity vragen van Dilts
  • Ga weer in VOLLEDIG VERTROUWEN staan.
  • Stap uit het hoefijzer, terug naar de plek van de intake.
  • Future pace

 

 

Posted by Rutger in NLP handleiding

9 basisveronderstellingen voor de NLP Master practitioner

  1. Lichaam en geest beïnvloeden elkaar en zijn onlosmakelijk.
  2. Al het leren, al het gedrag, alle verandering is onbewust.
  3. Het onbewuste kan geen ontkenning vasthouden.
  4. De belangrijkste informatie over iemand is zijn gedrag in een specifieke omgeving.
  5. Sta aan de kant van de oorzaak.
  6. Verruiming van (keuze)mogelijkheden is altijd goed.
  7. Verruimende (constructieve, ondersteunende, onbeperkende) overtuigingen zijn het beste.
  8. Alles is gericht om één en volledig te zijn met zichzelf.
  9. Het probleem is niet het probleem; het probleem is de manier waarop je omgaat met het probleem.
Posted by Rutger in NLP handleiding

Een uitgebreid NLP coachmodel

  1. Toekomstige situatie
    1. SMARTIE maken
    2. NLP Congruentievragen
  2. Huidige situatie
    1. Intake (wanneer ben je tevreden?)
    2. Stap in de logische niveau’s
      1. Omgeving: waar, wie, wanneer?
      2. Gedrag: wat doe je daar?
      3. Vermogen: hoe doe je dat?
      4. Overtuiging: waar geloof je dan in? (blijf in overtuigingen plaatsanker)
  3. Interventie
    1. NLP Kernspeurder
    2. Stap uit plaatsanker Overtuigingen
    3. Schudden MOW (betekenis, intentie, vooronderstelling, verschijnsel, belang)
    4. Re-imprint
    5. Hoefijzer
    6. Innerlijke mentor
    7. Connectivity vragen
  4. Afronding
    1. Stap in overtuigingen plaatsanker, logische niveau’s terug
      1. Vermogen: wat kan je dan?
      2. Gedrag: wat doe je dan?
      3. Omgeving: hoe ziet het er NU uit?
  5. Future pace
  6. Congruentievragen
Een uitgebreid NLP coachmodel

Een uitgebreid NLP coachmodel

 

“You never know how far a change will go.” – Milton Erickson

Posted by Rutger in NLP handleiding

Impasse vragenlijst

Gebruik deze vragen *alleen* als iemand ergens vast zit, in een impasse zit, en het gevoel heeft van: “Ik heb er alles aan gedaan om dit te veranderen en niets werkt.”.

. Hiermee kan je onbekende en onuitgesproken beperkende overtuigingen en vooronderstellingen naar boven halen.

 

Bepaal de context van de impasse, of een specifieke situatie.

  • Wat zal je verliezen of wat kan er mis gaan als je krijgt wat je wilt?
  • Wat zal het betekenen, negatief, voor of over jou of anderen wanneer je krijgt wat je wilt?
  • Welke problemen zouden kunnen worden veroorzaakt door te krijgen wat je wilt?
  • Welke beperkingen of blokkades houden de dingen zoals ze nu zijn?
  • Wat houdt je tegen van het krijgen wat je wilt?
  • Wat maakt het onmogelijk te krijgen wat je wilt?
  • Welk persoonlijk tekort zorgt er voor dat je niet krijgt wat je wilt?
  • Wat weerhoudt je van krijgen wat je wilt dat nooit verandert kan worden?
  • Wat maakt het verkeerd of ongepast om te willen veranderen?
  • Wat heb je gedaan, of niet gedaan, dat jou onwaardig maakt om te krijgen wat je wilt?
Posted by Rutger in NLP handleiding