lezen

De uitdaging

Er wordt gesproken dat een schrijver een miljoen woorden zou moeten schrijven voordat deze een schrijfstijl heeft ontwikkeld op basis van ervaring die – eindelijk – kan leiden tot het professionaliseren van het schrijven. Ofwel: geld verdienen. Want professioneel of amateuristisch, het enige verschil is geld. Dat is de uitdaging die je kan aangaan. Je kan dit geloven alsof iemand in een witte jas je iets verteld, of je juf dan wel meester vroeger, ofwel je eigen oordeel aan de kant zetten voor een autoritief figuur, iemand wiens oordeel je waarde aan hecht, ik zie wel.

De uitdaging is dus veel schrijven, veel meters maken. Vocabulaire uitbreiden, veel lezen, veel meters maken. Apps in de Play store zoeken die me daarbij helpen. Elly’s choice, voor 2,99 euro per maand 10 boeken. Meer meters maken, want ik kom er niet door. Sommige boeken vind ik zo saai dat ik me niet kan zetten tot doorlezen. Een boek per maand is millimeters maken met tegenzin…

Verder, sneller, processtappen nemen. Dat is deze site. Een rommeltje, waar Google af en toe naar toe stuurt, dus dan je wel voor het lezen van de oefeningen die ik hier publiceer. Oefeningen, ja, meer is het niet. Sorry. Wel weer een paar advertenties getoond, dus de kosten zijn er uit.

Een miljoen woorden. Dat is veel. Nooit zo’n schrijver geweest, maar dat komt door het toenmalig verplichte karakter er van. Het moeten van een opstel. Het niet begrijpen van wat er van me verlangd en verwacht wordt. Betekenisvol willen zijn. Hoe kan je in godsnaam verwachten dat iemand op afroep creatief kan zijn, tekendocenten, docenten Nederlands, zelfs u, handenarbeidjuf? En waar haalt u het lef vandaan om iemand die blokkeert op het verplichte duwwerk van prestaties af te serveren met de woorden : “Dat wordt nooit wat”, of “Je kan het niet.”. Welke Rembrandt ben jij om in het model van Dunning-Kruger een positie in te nemen om te kunnen oordelen over het werk van een ander? Middelmatigheid geeft ook middelmatige oordelen.

Sorry, docenten, ik nam jullie te serieus. Ik plaatste jullie op een voetstuk en dacht dat jullie daar hoorden te staan. Nu weet ik beter. Een witte jas is geen garantie voor waarheid; het is enkel een garantie voor een oordeel over een situatie binnen de beperkte mogelijkheden van de mens die de jas draagt,  een incompleet oordeel voorzien de eenzijdigheid voortkomend uit beroepsdeformatie en jargon. En er zijn ook witte jassen die met een zesje zijn geslaagd. Dat zie je niet aan de buitenkant.

Nog 805.758 woorden te gaan. Ik ben een N00B.

Posted by Rutger in Archief

Schrijfoefening: Sofie

Soms loopt het anders dan dat blije schrijvers je doen lezen. Ze leefden nog lang en gelukkig. Dat is vaak omdat de clou, het moraal van het verhaal op papier staat, en meer woorden zouden er toe leiden dat het verhaal zoals verteld, nuances bevat en details mist, die de moraal dan weer om zeep helpen. Alles en iedereen die beweert wat en hoe goed en kwaad is, mist nuance en details. Geloof ze niet deze schrijvers die duiden te weten hoe het in elkaar zit. Schrijvers die verhalen verhalen over de schapen die conform de heersende moraal uiteindelijk overwinnen en lang en gelukkig leven. The good guy wins, ja, in de film en in het boek. En de good guy, het personage dat jouw sympathie heeft, die je leuk vindt, die moet dan wel de morele superioriteit van de schrijver ondersteunen. Als dank voor zijn schaapachtige handelen binnen de moraal van de schrijver (M/V) mag die dan einde-looooos gelukkig zijn. Leven. Geen trieste gebeurtenissen meer, geen enge ziektes, geen uit de dierentuin ontsnapte tijger die je even laat weten dat hij (M/V) ontsnapt is.

Jacob, haar ouders hadden liever een zoon gehad, voelde de spanning opbouwen. Kim, wiens ouders een hartstochtelijke liefde hadden ontwikkeld voor de Koreaanse cultuur, hield de hand van zijn Jacob vast. Raar hoe dat kan lopen; dat je heel je puberteit wordt gepest met je naam en dat die gedeelde bijzonderheid dan uiteindelijk de basis blijkt te zijn voor een gesprek, een gedeelde ervaring, een gevoel van rust en vertrouwen, een huwelijk, en dan nu dit kind. Althans, die moet nog komen maar de spanning die bij Jacob opbouwt duidt er op dat het niet lag meer gaat duren of deze twee ouders mogen zelf bij de burgerlijke stand, alhoewel Jacob waarschijnlijk Kim zal sturen, een naam voor een nieuwe wereldburger opgeven.

Jacob, die het kind had voelen groeien, bewegen, schoppen, parasiteren had inmiddels een aardig Helsinki syndroom ontwikkeld jegens het kind. Ze had het gevoel dat er al een band was ontstaan. Daarom wilde zij een naam voor de baby die eer deed aan de persoonlijkheid van het kind, zoals zij dat nu ervaarde in de band die zij nu al had. Meer op intuïtie en gevoel proefde ze de namen die haar te binnen schoten, las of op andere manier tegenkwam.

Kim kwam niet verder dan af en toe wat beweging voelen en zien bij zijn vrouw, en had niet de ervaring om meer dan alleen een concept in zijn hoofd te koesteren. Er was nogal wat afstand tussen vader en kind; het leefde allemaal nog niet voor de papa to be. Kim zocht dus meer houvast in mooie klanken die namen kunnen hebben, bewonderingswaardige personen, of als het een meisje wordt dan net zoals dat fotomodel, ach, kom, hoe heette ze nu ook al weer?

Niemand had verwacht dat Kim en Jacob hiervan een halszaak zouden maken. Nou lagen de alternatieven (Eleonoor Aristina of Emma) volgens verschillende beoordelingen wel en volgens andere oordelen niet mijlenver uit elkaar, toch blijft het raar dat zo iets futiels leidt tot een kleine gepikeerde beweging, een struikelpartij, een ongelukkige landing, en een kind dat als wees haar roepnaam Sofie niet van haar ouders heeft gekregen.

Posted by Rutger in Archief

Lezen is saai en niet leuk

“Lezen is stom. Het is saai en niet leuk.” zei ze, nadat de RT weer een hele tijd bezig was geweest om allerlei woordjes en zinnetjes te spellen. Formele dyslexieverklaring op zak. Letter voor letter in de hoop dat dit proces geautomatiseerd wordt, en steeds sneller kan worden uitgevoerd.

Sukkels. De beste manier om een kind te demotiveren is om dwingend te blijven herhalen wat niet leuk is. Niet zien dat lezen iets anders is dan spellen.

Wat maakt lezen saai, oerstom of niet leuk? Waarom zijn er mensen die het heerlijk vinden om met een boek in de hand de avond door te komen, en dan nog zeggen dat ze het leuk vinden om te doen?

Dat gaat niet over dat ze spellen zo leuk vinden. Of dat het aangenaam is om je ogen van links naar rechts te bewegen, van boven naar onder, om letters te vertalen naar woorden naar regels naar zinnen naar alinea’s naar bladzijden. Het gaat om het verhaal.

Dus kreeg onze gecertificeerde dyslect het veel te moeilijke boek Mathilda, geschreven door Roald Dahl, van mij. Binnen een week had ze het boek uit. Ineens zocht ze zelf een stil plekje op om met het boek in de hand te gaan zitten lezen.

En ze ging verder. Ze ging op zoek naar leuke verhalen. Ze las alles wat los en vast zat. En in twee jaar haalde ze anderhalf jaar achterstand in, en daar voorbij. Haar technisch lezen ging van een Onvoldoende naar een Goed.

False-positive in de dyslexietest blijkt enkel gedemotiveerd te zijn omdat lezen niet gaat om wat je technisch gezien doet bij lezen; het gaat bij lezen om het verhaal.

Posted by Rutger in Archief

Klanken

Bij lezen en bij spreken worden de volgende klanken onderscheiden in het Nederlands:

o a i e u aa ee oo uu ij/ei ou/au ie oe eu ui aai ooi oei eeuw ieuw uw

b d f g h j k l m n p r s t v w z ng nk ch sch schr

Posted by Rutger in Archief

Tjeee, wat raar dat mensen stemmen zoals ze doen…

Jaren van politieke keuzes hebben geleid tot waar we nu zijn. Geld voorop gesteld, kwaliteit achtergesteld, door de mensen zelf in het stemhokje. Na jaren van focus op zo min mogelijk betalen aan de overheid, zo laag mogelijke belastingen, komt het effect keihard terug.

De zorg. De zorg is veel te duur. Ja, knikten we, en we stemden voor privatisering van de zorg. Nu zie je jouw oma die maar eens per week doucht, luiers draagt, omdat de goedkoopste goedkoop kon zijn door minder personeel in te zetten. En maar klagen, terwijl we zelf de keuze hebben gemaakt om zo min mogelijk te betalen. Zonder geld geen kwaliteit.

En privatisering van PostNL. Waar je vroeger een goede baan had als postbode, heb je nu vier mensen die ver onder het minimum zich het vuur uit de sloffen lopen om iets te verdienen. 25.000 mensen die een goede baan hadden komen nu niet meer rond van hetzelfde werk.

De thuiszorg, de een na de ander gaat failliet omdat het personeel niet meer betaald kan worden met het budget dat wordt geboden. En de managementfocus, 32 billen per uur, maar een praatje, dat kan niet meer. Wat is zorg eigenlijk?

Jeugdzorg, ook daar lekker uitbesteden, en goedkoper werken. Goedkoper, goedkoper, goedkoper.

En maar denken dat het dan beter wordt.

Beter, meer kopen, het lijkt wel synoniem. Stunters die goedkope artikelen van wegwerpkwaliteit aanbieden, door kinderhandjes gemaakt, tja, lastig maar niet te veel aan denken. Dat we met deze goedkope rommel onszelf in de vingers snijden doordat vakmensen geen werk meer hebben, daar hebben we nu geen boodschap aan.

Auteurs die tot bloedens toe hun vingers over toetsenborden laten razen, in de hoop dat er een boek uitkomt, waar ze copyright op hebben zodat ze wat kunnen verdienen, komen in de zoekresultaten plotseling hun eigen werk tegen, zodat iedereen het vrij kan lezen zonder dat er een cent voor betaald wordt. Denk maar niet dat de politiek daar wat aan doet. Zelfde voor fotografen. Publiceren van je werk betekent dat allerlei grote internetbedrijven ineens rechten claimen als je de foto via hun website toont.

Programmeurs, kleine lettertjes goed gelezen? Elk idee dat je krijgt tijdens het werken met software kan maar zo geclaimd worden zonder dat je het weet.

En als dan jan-met-de-pet een film download, dan is de politiek er wel. Want, de grote industrie loopt een tientje mis. Een downloadverbod, alleen voor het individu, want de groten eigenen zich gewoon toegang tot je computer, je smartphone, je leven. Hoezo, privacy?

Goedkoop is duurkoop. De politiek doet haar werk slechts voor de grote industrie, en dank zij democratie krijgen we nu een periode van matige keuzemakers die op opportunistische partijen gaan stemmen, in de ijdele hoop dat het dan beter gaat worden.

Ik zie een vicieuze cirkel waar we voorlopig nog niet vanaf zijn. Tenzij naburige agressievelingen hun kans pakken. Machteloos en willoos zijn we.

Posted by Rutger in Archief

Woordbeeld of het verschil tussen spellen en lezen

Laten we beginnen met een vraag om woordbeeld duidelijk te maken: kan je de volgende alinea lezen?

“Als je sleplen leret, dan leer je nog neit leezn. Leezn is ites aernds dan sleplen. Als je een worod vaak geoneg hebt geizen, dan lees je neit ltteer voor lteter, maar wrdooen als geehel.”

Continue reading →

Posted by Rutger in NLP handleiding

Dyslexie: andere manieren, ander resultaat?

Soms zijn er mensen die false positive scoren op een dyslexietest. Ze krijgen de uitslag dat ze dyslectisch zijn, terwijl er enkel een leesachterstand is. Dat hoeft dan niet per definitie aan de mens te liggen; het kan ook aan de wijze van leesinstructie liggen.

Als de RT (remedial teaching) op een school zich vervolgens beperkt tot herhalen, herhalen, herhalen, van dezelfde stof op dezelfde wijze, dan kan je een ander resultaat verwachten, maar wellicht dat een andere aanpak meer resultaat heeft. Dit is puur op basis van ervaringen die ik heb opgedaan met false positives, en omvat slechts mogelijkheden waarop je kan experimenteren met het op een andere manier aanbieden van leesinstructie!

Allereerst kan een andere methode bestaan uit het aanbieden van een boek dat gewoon een leuk en goed verhaal omvat. De lezer iets aanbieden dat dusdanig veel motivatie geeft om het verhaal te begrijpen, dat er veel woordbeeld wordt opgebouwd. Sowieso belangrijk om de lezer gemotiveerd te houden met lezen tijdens de leesinstructie, en soms is het gebrek aan voortgang simpelweg een gevolg van demotivatie in het lezen.

Een van de andere manieren is de methode van Willen J. de Haan. In deze methode wordt lezen benadert als meer een soort rekenmethode. De leesinstructie lijkt op plussommen en aftreksommen met letters.

Een laatste manier die ik hier noem (en er zijn er nog vele andere) is de training “Ik leer anders”, waarbij het idee is dat je leesinstructie op een meer visuele manier aanbiedt, en daarbij vier specifieke leesproblemen aanpakt: ‘lege woorden’ lezen, leesletters sneller benoemen, letters husselen en radend lezen.

Dan nog even een paar opmerkingen over dyslexie-diagnose en het effect daarvan:
– Dyslexie gaat over technisch lezen. Over snelheid van het vertalen van letters naar woorden naar zinnen. Tekstbegrip valt daar buiten. Er zijn mensen die het label van dyslexie hebben, omdat de technische leessnelheid gemiddeld gezien achterloopt, maar met de langzamere leessnelheid een heel hoog tekstbegrip blijken te hebben. Ze hoeven een tekst maar één keer te lezen om tot begrip te komen. En tekstbegrip is na de basisschool waar het om gaat. Dus staar je niet blind op technische leessnelheid; neem de snelheid van tekstbegrip ook mee. Enkel een lage leessnelheid hebben hoeft an sich niet een probleem te zijn.
– Lezen is niet spellen. Spellen is niet lezen. Spellen is een strategie die je kan hanteren om er achter te komen wat een ONBEKEND woord is, die fonetisch schrijven in de hand werkt door de methode van verklanken. Bekende woorden hoef je niet te spellen; die weet je gewoon. Er is geen mogelijkheid om aan de hand van spellen er achter te komen hoe je przewalskipaard moet schrijven; dat is gewoon weten.
– De in het leesonderwijs gehanteerde methode bestaat uit drie delen: 1) verklanken, 2) regels en uitzonderingen, 3) woordbeeld. Van groep 3 tot groep 8 is er een impliciete verschuiving van fase naar fase. Soms kan het vastlopen in een eerdere fase, of het blijven hangen in een eerdere fase een oorzaak zijn van vertraging. Meer expliciet maken van de verwachtingen kan dan helpen. Ook het handelen naar een andere fase kan beter passen bij de persoonlijke leerstijl van de lezer.

Bottom-line: we zijn geneigd om de lezer een etiket op te plakken terwijl de instructeur buiten schot blijft. Heb het reflectieve vermogen om het etiket niet enkel te zien als een bevestiging van het onvermogen van de lezer; het kan ook een duiding zijn van het onvermogen van de instructeur.

Posted by Rutger in Archief

Heb jij een manier om focus te houden?

Ken jij het verschil tussen lezen en leren? Lezen, oppervlakkig, rondstruinen in de letters die je tegenkomt of leren, de diepte in, betekenis  ontdekken en ervaren vanuit een focus. Hoe vaak kom je een interessant artikel tegen op internet, neem jij je voor om daar wat mee te doen, om het toe te passen, om dan lange tijd later hetzelfde onderwerp tijdens het browsen te herontdekken. Dat moment van “Oh, ja, dat had ik willen doen.”.

Heb jij bijvoorbeeld een app waarin je met een simpele klik artikelen opslaat tijdens het browsen, artikelen die je interessant genoeg vindt om meer aandacht aan te besteden? Heb je een simpele manier om ideeën die opborrelen vast te leggen voordat ze als een gedachte weer vervagen? Heb je een proces, een manier van werken, om interessante, nieuwe kennis te vergaren, te oefenen, te herinneren, toe te passen, te herhalen? En die cursus die je volgde, waar je enthousiast aan het einde de mogelijkheden zag van de dingen die je hebt geleerd, hoe staat het daarmee?

Wat zou jou helpen om de dingen die je interessant vindt, de dingen die je zouden kunnen helpen, in beeld te houden? Hoe gebruik jij je agenda, je telefoon, je apps, hoe regel jij dat je ook daadwerkelijk aandacht besteedt aan de dingen waar je aandacht aan wilt besteden? Gebruik je Post-its, reserveer je wekelijks tijd om hier tijd aan te besteden, verzamel en archiveer je het zodat je later makkelijk weer kan reviewen en en je aandacht er aan kan besteden?

Mag ik je uitnodigen om daar eens bij stil te staan? Hoe kan jij er voor zorgen dat jij ook daadwerkelijk aandacht besteedt aan de dingen waar je aandacht aan wilt besteden? Hoe je er voor zorgt dat de dingen die jij belangrijk en interessant vindt ook in beeld blijven? Hoe doe je dat nu, wat is het resultaat, en ben je daar tevreden over? Wat zou je willen als resultaat, wanneer ben je meer dan tevreden, en hoe zou je dat kunnen doen?

Een paar ideeën die je zouden kunnen helpen:

  •  Zorg voor een (electronische) schoenendoos waarin je ideeën, artikelen enzovoort verzameld. Voorbeelden van electronische schoenendozen: Onenote, Pocket, Pinterest, een Word bestand, een voicerecorder, als het maar allerlei verschillende soorten informatie makkelijk kan vasthouden.
  • Plan een wekelijks moment waarin je jouw schoenendoos verwerkt. Zoek uit wat je verzameld hebt, maak categorieën, plan momenten (door tijdreservering in agenda of als taak op een takenlijst) om daadwerkelijk aandacht te besteden aan wat jij belangrijk vindt.
  • Herinner jezelf aan je focus op symbolische wijze: misschien kan je een symbool bedenken wat voor jouw focus staat, en dat symbool fysiek in je blikveld plaatsen. Een beeldje, of een plaatje als achtergrond op je telefoon of beeldscherm.

Wees er een periode bewust mee bezig, en zie wat je resultaten zijn. Kijk waar en hoe je jouw resultaten wil en kan verbeteren. Bij jezelf, maar vraag ook eens aan anderen hoe zij met hun informatie, kennis en vaardigheden omgaan; en dan niet zomaar iedereen, maar iemand waarvan jij denkt dat die zijn zaakjes op dit vlak op orde heeft.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Gestructureerd leren en Kolb

Weet je nog? Toen je een klein kind was, en geen idee had dat autorijden iets was wat je moest leren? Je was je niet bewust dat je dat niet kon. En later je eerste rijles, waar je hortend en stotend op gang moest komen? Je werd je heel bewust dat je het niet kon. En later, na een aantal rijlessen, kon je aardig rijden, al moest je heel goed bezig zijn met de dingen die je moest doen, bijvoorbeeld bij het naderen van een rotonde: kijken, terugschakelen, richting aangeven, besluiten stoppen of doorgaan, koppeling, gaspedaal, rem, je had het heel druk. Je was heel bewust aan het oefenen en het lukte al heel aardig. En nu? Je hebt niet eens meer in de gaten wat je allemaal doet als je een rotonde neemt, het gaat als vanzelf. Je bent je niet bewust terwijl je de handelingen uitvoert.

Volgens leerpsycholoog David A. Kolb zijn dit de vier denkstappen die we doorgaan als we iets leren in een efficiënt leerproces dat leidt tot duurzame gedragsverandering:

Leercyclus van Kolb

Leercyclus van Kolb: van onbewust onbekwaam naar onbewust bekwaam

  1. Onbewust Onbekwaam
  2. Bewust Onbekwaam
  3. Bewust Bekwaam
  4. Onbewust Bekwaam

Waarschijnlijk herken je de fasen wel in het voorbeeld hierboven, bij het leren autorijden, maar herken je ze ook in ons schoolsysteem, bijvoorbeeld? Wiskundelessen? Natuurkunde? Maar ook later in trainingen en cursussen, of wanneer je voor het eerst in een echte baan begon?

Op basis van dit model is er een volgend stappenplan gemaakt, ook weer een model, om via dit “Efficiënt leerproces” nieuw gedrag te oefenen en te leren, in vier opeenvolgende stappen:

  1. DOE HET. Ervaar wat het gedrag doet (3 tot 5 keer), welke andere resultaten je krijgt, en hoe het voelt om te doen.
  2. EVALUEER. Ga na wat er anders is ten opzichte van hoe je het normaal gesproken zou doen.
  3. GENERALISEER. Haal er algemene richtlijnen en principes uit. Denk situationeel (wanneer en waar zou dit nieuwe gedrag wel alternatief zijn, wanneer en waar zou dit gedrag niet alternatief zijn).
  4. PAS TOE. Maak situationele keuzes in gedrag: bekijk per situatie of het oude of het nieuwe gedrag beter past.

In een plaatje:

Blijven ontwikkelen

Blijven ontwikkelen

Nog even over 4): Met leertransfer wordt bedoeld dat je het nieuwe gedrag ook meeneemt naar andere contexten; bijvoorbeeld iets wat je in je werk leert pas je ook toe in privé-situaties, en andersom.

Heel verhaal, wat heb je er nu aan? Nou, nu je dit artikel leest, net als zoveel andere artikelen, misschien wil je dan de wijze waarop je leest eens tegen dit model aanleggen. Stel je voor dat je tijdens het lezen van een artikel niet alleen de letters naar zinnen maakt en oppervlakkig leest vanuit verwondering, maar dat je tijdens het lezen jezelf de vraag stelt: wat betekent dit qua anders handelen? Om met het antwoord op die vraag vervolgens deze cirkel door te gaan: 3 tot 5 keer doen, op basis van je eigen ervaring bepalen hoe en wat er anders is, kijken wanneer en waar je welke keuzes maakt, en vervolgens het toverwoord: DOEN.

Dus, nu toepassend, hoe ga jij, nu je dit artikel hebt gelezen, drie tot vijf keer ervaren hoe het is om met wat er in dit artikel staat, ook daadwerkelijk te doen?

Posted by Rutger in NLP handleiding

Visie persoonlijke realisatie

Een (vind ik) leuke kreet die ik graag gebruik is “Persoonlijke realisatie”, maar wat bedoel ik daar mee?

Ik bedoel dat de stap van persoonlijke groei maar een stap is in een proces, het proces van leven. Een continu proces van waarnemen, ontdekken, toelaten, en nieuwe mogelijkheden ontdekken. En dat stopt niet wanneer je ergens over leest, een bepaald onderwerp kent; een (deel-)proces stopt pas wanneer je de kennis hebt vergaard (KENT), de kennis kan toepassen in de praktijk (KUNT), en weet wat de voordelen en nadelen van handelen op een bepaalde manier zijn, zodat je in een specifieke situatie een goede keuze kan maken (KIEST). Als vanzelf, omdat je kennis, kunnen en voordelen/nadelen hebt geïntegreerd.

Persoonlijke groei is ontdekken dat er nieuwe manieren van handelen en denken er zijn, om nieuwe wegen/mogelijkheden te krijgen naar meer flexibel gedrag, lezen/leren over deze manieren, ongestructureerd, ongericht. NLP kan daar structuur aan geven.

Persoonlijke realisatie is persoonlijke groei, maar dan gestructureerd, gericht. Gebaseerd op jouw specifieke wensen en eisen, doelen, voorkeuren, prioriteiten, op waar je wel of niet iets mee hebt. Uitbreiding van je kennen, kunnen en keuzes opdat je arsenaal aan mogelijkheden niet alleen groeit, maar ook daadwerkelijk gebruikt wordt. Realisatie is pas klaar als het staat; als je het ook daadwerkelijk doet (of niet doet).

De basis voor groei daarbij is jouw huidige startpunt. Jij. Wat bij jou past. Dus geen dogmatische aanpak, zo moet je het doen, maar alternatieven: je zou het ook zo kunnen doen. Meer wegen in plaats van omleidingen. Waarbij je ofwel met een backpack op ontdekkingsreis gaat en verwondert blijft staan genieten, ofwel gericht een reisdoel stelt en je reis plant en uitvoert.

Je bent bezig met persoonlijke groei als je de dingen juist doet.

Je hebt persoonlijke realisatie bereikt als je de juiste dingen doet, vanuit jezelf.

Posted by Rutger in Archief

Hypnose voorbeeld regressie

Intro

Ok, kom even staan (leading), ik laat je iets ervaren, komt helemaal goed, ik wil je vragen om even je ogen te sluiten, ja, en terwijl je je ogen hebt gesloten wil ik je vragen om terug te gaan in de tijd, een tijd dat je ongeveer 5, 6 jaar oud was. Kan jij je dat nog herinneren? (BMIR) 

Anker installeren

Als je 5, 6 jaar oud bent, dan kan je, dan begrijp je letters, die heb je al geleerd, maar om daar woorden van te maken, dat is best pittig, *handcontact anker* gewoon suggestie, *einde anker* goed, hou je ogen nog even gesloten, en probeer dat voor te stellen, ja? *anker* Dus probeer terug te gaan *onderbreek anker even om volgende te stapelen*, 5, 6 jaar, *einde anker* je ziet letters, a, b, c, prima, maar een woord, best wel pittig. Kan jij je dat voorstellen? (BMIR)

Anker testen

Ok, *anker* ik wil je vragen om je ogen even open te doen, en voor te lezen wat hier staat (*blijf anker afvuren tot voorlezen klaar is*)

Anker opruimen

Doe je ogen weer even dicht, je hebt het heel goed gedaan. We gaan nu weer terug naar het heden. Doe je ogen even dicht. *Anker* Alles *onderbreek anker om te stapelen* wat je hebt geleerd, *onderbreek anker om te stapelen* toen je 5, *onderbreek anker om te stapelen* 6 jaar was, *einde anker*, 10, alles, a, b, c, je kan gewoon weer spellen, alles gaat goed, je hebt alle gaven weer, *lead diepe ademteug* *anker* en je bent weer terug in het nu *einde anker*, en je bent zelfs slimmer dan voorheen.

Posted by Rutger in NLP handleiding

NLP leren is NLP doen

Is het jou wel eens opgevallen hoe een kind helemaal kan opgaan in een speelgoedauto; dat er geen besef is bij een kind dat autorijden iets is wat je moet leren? En hoe je, misschien wel net 18 jaar, voor het eerst plaatsnam in een auto om nogal bruut te ontdekken dat je echt nog wel iets te leren had om zonder horten en stoten weg te komen? Herinner jij je nog hoe je vervolgens veel leerde, maar in situaties waarin veel te doen was (rotonde: gas loslaten, afremmen of terugschakelen, kijken, inschatten, plan maken, oh richting aangeven, etc.) het nog niet allemaal vanzelf ging? Vergelijk dat eens met nu, hoe je bijna zonder bewust na te denken de dingen doet zoals je ze geleerd hebt; soms achteraf niet eens doorhebt dat je er al bent.

Volgens psycholoog David A. Kolb zijn er vier fasen te onderscheiden wanneer we iets leren in een efficiënt leerproces dat leidt tot duurzame gedragsverandering:

Model van Kolb

Leren volgens Kolb

  1. Onbewust Onbekwaam: je weet nog niet dat je iets niet kan, dat je nog iets te leren hebt.
  2. Bewust Onbekwaam: je ontdekt dat je iets te leren hebt, dat je iets nog niet kan.
  3. Bewust Bekwaam: je kijkt, je leert, je doet met volle aandacht, en je haalt je eerst resultaten.
  4. Onbewust Bekwaam: je heb het inmiddels zo vaak gedaan dat je het zonder veel aandacht als vanzelf kan doen.

Natuurlijk is dit maar een model, en ja, er zijn andere manieren om nog veel efficiënter te leren. Een fobie ontwikkelen bijvoorbeeld, kan ook als een leerproces gezien worden, en daar lijkt een lijntje rechtstreeks van Onbewust Onbekwaam naar Onbewust Bekwaam te zijn. Niet zo veel mensen herkennen de periode van Bewust Onbekwaam en Bewust Bekwaam in het ontwikkelen van een fobie, in de zin van: ha, dat ken ik nog niet, laat ik eens gaan oefenen. Dit voorbeeld is slechts bedoeld ter illustratie; weet dat er een verschil is tussen gestructureerd leren (in de schoolbanken gaan zitten om iets te leren) en incidenteel leren (toevallige lessen oppikken in je omgeving en ervaring).

Waar leidt dit allemaal toe? Wel, dit model is verder uitgewerkt naar een 4 stappenplan waarmee je doe-dingetjes, zoals het leren van NLP technieken, meer gestructureerd ontdekt. De vier stappen zijn als volgt:

  1. Doe! Gewoon oefenen en uitvoeren, drie tot vijf keer, zodat je de bewegingen maakt, de woorden uitspreekt, het effect ondergaat, meer diepte krijgt, het gaat er om dat je de stap maakt van lezen naar ervaren.
  2. Evalueer. Nu je de ervaring hebt opgedaan, kan je het pas goed vergelijken met wat je normaal gesproken gedaan zou hebben of normaal gesproken zou doen. Maak die vergelijking: wat is er gelijk, en wat is er anders? Qua gevoel, qua reactie, qua effect?
  3. Generaliseer. Onderzoek vanuit een helikopterview welke algemene ideeën kan je herkennen in de verschillen. Wat zijn voordelen en nadelen van het nieuwe gedrag? Wat zijn voordelen en nadelen van het oude gedrag? Ga situaties na, in het verleden, waar dit nieuwe gedrag misschien een beter resultaat had gehad. Sta ook stil bij situaties waar juist het oude gedrag een beter resultaat zou blijven houden.
  4. Pas toe. Maak keuzes tussen oud en nieuw gedrag op basis van je ervaring en verwachting. Pas het naar verwachting meest geschikte gedrag toe in de juiste situatie. Dit zal eerst heel bewust zijn, en ja, je zal inschattingsfouten maken: inschattingsfouten die zorgen dat je ervaring opdoet en steeds makkelijker als automatisch je keuze kan maken. Transfer: meestal begin je in een specifieke context met uitvoeren (bijvoorbeeld op kantoor, in zakelijke mailtjes, tijdens het eten, bij het sporten, met een oefenmaatje, in de kroeg), en de uitnodiging is er om het gedrag ook in andere contexten in geschikte situaties mee te nemen.

Deze vier stappen in een plaatje:

Blijf vaardigheden ontwikkelen

Blijf vaardigheden ontwikkelen

 

Mijn uitnodiging, nu je hier bent aangeland: hoe kan je wat je nu hebt gelezen toepassen op dit artikel zelf? Hoe kan je het lezen vertalen naar doen en ervaren?

Posted by Rutger in NLP handleiding

Simpele manieren om focus te houden

Er is een verschil tussen lezen en leren. Lezen is oppervlakkig, gewoon rondstruinen in de woorden die je ziet ten opzicht van leren, meer de diepte in, ervaren van betekenis en voelen vanuit een focus. Herken je dat je een interessant artikel tegenkomt op internet, en dat jij je voorneemt om daar wat mee te doen? Om het artikel toe te passen? En dat je dan na lange tijd hetzelfde onderwerp tijdens het surfen herontdekt? Een moment van “Oh ja, dat wilde ik doen.”.

Meer structuur
Je kan dit meer structuur geven met bijvoorbeeld een app waarin je met een simpele muisklik artikelen opslaat tijdens het browsen. Of waarmee je artikelen die je interessant genoeg vindt om meer aandacht aan te besteden bewaart. Door een simpele manier te hebben om ideeën die opborrelen vast te leggen voordat ze als een gedachte weer vervagen. Heb je zo’n proces, heb je een manier van werken, om interessante, nieuwe dingen te vergaren, en te oefenen, en te herinneren, en toe te passen, en te herhalen? Zoals die cursus die je volgde, waar je enthousiast aan het einde de mogelijkheden zag van de dingen die je daar hebt geleerd, dat je daar ook werkelijk iets mee doet?

Wat zou jou helpen om de dingen die je interessant vindt, de dingen die je zouden kunnen helpen, in beeld te houden? Hoe gebruik jij je agenda, je telefoon, je apps, hoe regel jij dat je ook daadwerkelijk aandacht besteedt aan de dingen waar je aandacht aan wilt besteden? Gebruik je Post-its, reserveer je wekelijks tijd om hier tijd aan te besteden, verzamel en archiveer je het zodat je later makkelijk weer kan reviewen en en je aandacht er aan kan besteden?

Mag ik je uitnodigen om daar eens bij stil te staan? Hoe kan jij er voor zorgen dat jij ook daadwerkelijk aandacht besteedt aan de dingen waar je aandacht aan wilt besteden? Hoe je er voor zorgt dat de dingen die jij belangrijk en interessant vindt ook in beeld blijven? Hoe doe je dat nu, wat is het resultaat, en ben je daar tevreden over? Wat zou je willen als resultaat, wanneer ben je meer dan tevreden, en hoe zou je dat kunnen doen?

Een paar ideeën die je zouden kunnen helpen:

  •  Zorg voor een (electronische) schoenendoos waarin je ideeën, artikelen enzovoort verzameld. Voorbeelden van electronische schoenendozen: Onenote, Pocket, Pinterest, een Word bestand, een voicerecorder, als het maar allerlei verschillende soorten informatie makkelijk kan vasthouden.
  • Plan een wekelijks moment waarin je jouw schoenendoos verwerkt. Zoek uit wat je verzameld hebt, maak categorieën, plan momenten (door tijdreservering in agenda of als taak op een takenlijst) om daadwerkelijk aandacht te besteden aan wat jij belangrijk vindt.
  • Herinner jezelf aan je focus op symbolische wijze: misschien kan je een symbool bedenken wat voor jouw focus staat, en dat symbool fysiek in je blikveld plaatsen. Een beeldje, of een plaatje als achtergrond op je telefoon of beeldscherm.

Wees er een periode bewust mee bezig, en zie wat je resultaten zijn. Kijk waar en hoe je jouw resultaten wil en kan verbeteren. Bij jezelf, maar vraag ook eens aan anderen hoe zij met hun informatie, kennis en vaardigheden omgaan; en dan niet zomaar iedereen, maar iemand waarvan jij denkt dat die zijn zaakjes op dit vlak op orde heeft.

Posted by Rutger in NLP handleiding

Oefening: een inspirerende situatie om je passie te vinden

In deze oefening gaat A bij B een voorbeeldsituatie uitvragen, waarin door B passie werd ervaren. Wanneer B dan goed contact heeft met deze herinnering, stelt A de vragen over deze herinnering die de passie duidelijker maken.

Instructie

A Act:

  • Je mag de vragen exact voorlezen zoals ze er staan, of de zandbak ingaan. Lees met een rustige stem. Luister goed naar de LETTERLIJKE woorden die B tegen je zegt wanneer dat nodig is, herhaal ze ter controle door B en schrijf ze EXACT zo op (BACK TRACKEN). Maak rapport en verbinding, geef rust en ruimte.
  • Geef na het stellen van de vraag tijd en ruimte aan B om tot een antwoord te komen. Lees de BMIR’s. Spreek eventueel vooraf een teken af met B waarmee B kan aangeven dat het antwoord klaar is. Bij puntjes (…) kan je even rustig 1001, 1002, 1003 tellen, voordat je verder gaat.
  • Je schrijft in de manual van B, zodat B later zijn eigen antwoorden kan teruglezen.

B Be:

  • Geef je manual aan A zodat je jouw antwoorden later terug kan lezen.
  • Wees gewoon jezelf, luister naar de vragen, keer naar binnen en vind jouw beste antwoord, voor jezelf. Het is niet nodig om antwoord te geven op de vragen die A stelt, het mag wel: NLP is procesgericht. Wel is het handig dat je knikt (of ander teken) wanneer je voor jezelf het antwoord hebt, zodat A weet dat de volgende vraag gesteld kan worden.
  • Tijdens de oefening zal A bij vragen aangeven dat het antwoord wordt opgeschreven. Dat zijn de enige keren dat er wel antwoord verwacht wordt. Geef het woord dat goed voelt voor jou.

C See:

  • Leert van het kijken en horen.
  • Let op de exacte woorden van B.
  • Let op de BMIR’s van B die een indicatie geven dat B voldoende tijd en ruimte krijgt.

De uitvraag

A: Iedereen heeft wel eens een moment van passie… Een moment van inspiratie… Waarin je elk gevoel voor tijd kwijt was… waarin jij je heel erg prettig voelde… in werk… in hobby… in een relatie… waar dan ook… En uit al die mogelijke momenten… kan 1 herinnering te binnen schieten… die nu… bovenkomt… en die geschikt is voor… nu… Geef maar aan wanneer jij je moment hebt gekozen… [wacht op teken].

A: Wanneer je dat moment een specifieke naam zou geven, een beschrijving of een codewoord dat alleen jij begrijpt, wat zou die naam dan zijn? Wat kan ik voor jou opschrijven? [wacht op naam, herhaal deze naam ter controle, en schrijf deze letterlijk op]

Naam: …………………….

A: Wanneer je terug gaat naar dat moment [NAAM]… en voorstelt wat je toen zag… Waar was je…? Was daar nog iemand…? Hoe ziet het er daar uit…? Wat voor kleuren zie je…? Wat voor vormen zie je…? Ruik je iets…? Proef je iets…? Hoor je iets…? Welke gedachten heb je daar in dat specifieke moment [NAAM]…? Wat zeg je tegen jezelf…? Wat denk je over jezelf…? Wat denk je over de situatie…? Hoe zat of stond je toen…? Misschien wil je eens staan of zitten zoals je toen zat of stond…? [geef ruimte tot B eventueel zit of staat zoals B toen zat of stond, wacht op teken]

A: Wat voel je nu, fysiek…? Waar zit dat gevoel als je het kon vastpakken…? En welke vorm heeft dat gevoel…? Is dat gevoel warm of koud…? Is dat gevoel ritmisch of constant…? Is dat gevoel scherp of zacht…? [wacht op teken].

A: Wat doe je daar in dat moment [NAAM]? Wat is het dat je zo goed doet…? Hoe zou je dat noemen in een werkwoord…? Wat kan ik voor jou opschrijven…?

[wacht op werkwoord, herhaal dit werkwoord ter controle, en schrijf dit letterlijk op]

Werkwoord 1: …………………….

A: Is er meer wat je specifiek doet in dat moment [NAAM]? Kan ik nog iets voor jou opschrijven…?

[wacht op reactie, herhaal ter controle, en schrijf letterlijk op]

Werkwoord 2: …………………….

A: Ga eens voor jezelf na wat er zo belangrijk is aan dit moment [NAAM]…?

[wacht op teken. De volgende vraag gaat verder op dit laatste antwoord].

A: Waarom vind je dat belangrijk…?

[wacht op teken. De volgende vraag gaat verder op dit laatste antwoord]

A: Wat levert jou dat op…?

[wacht op teken. De volgende vraag gaat verder op dit laatste antwoord]

A: Waarom vind je dat belangrijk…?

[wacht op teken. De volgende vraag gaat verder op dit laatste antwoord]

A: Hoe zou je dat belang noemen in een zelfstandig naamwoord, wat voor naam zou je dat belang willen geven…? Wat kan ik voor je opschrijven?

[wacht op naam, herhaal deze naam ter controle, en schrijf dit letterlijk op]

Naam belang: …………………….

A: Is er iets belangrijker voor je dan [naam belang] …? Wat kan ik voor je opschrijven?

[wacht op reactie, herhaal deze reactie ter controle, en schrijf dit letterlijk op]

Reactie: …………………….

A: Dank je wel…

[Einde uitvraag; geef de manual terug, en wissel van rol]

Uitwerking van de uitvraag (individueel)

Neem je antwoorden hieronder over:

Werkwoord 1: …………………………………………

Eventueel werkwoord 2: …………………………………………

Naam belang: …………………………………………

Eventuele reactie: …………………………………………

Formuleer nu zinnen in de volgende structuren, lees ze hardop aan jezelf voor, luister goed naar jezelf, en doorvoel welke structuur jou het beste past:

  • [BELANG] [WERKWOORD 1] door [WERKWOORD 2]

  • [REACTIE] [WERKWOORD 1] door [WERKWOORD 2]

  • [BELANG] [WERKWOORD 2] door [WERKWOORD 1]

  • [REACTIE] [WERKWOORD 2] door [WERKWOORD 1]

  • [BELANG] [WERKWOORD 1]

  • [REACTIE] [WERKWOORD 1]

  • [BELANG] [WERKWOORD 2].

  • [REACTIE] [WERKWOORD 2].

Schrijf de beste structuur hieronder uit:

De kern is ……………………………………………………………………………………………

Voel je vrij om nog betere formuleringen buiten de aangegeven structuur te ontdekken,

en te gebruiken… Je kan ook naar de ontdekte woorden kijken, nu of later, en een symbool of teken laten ontstaan dat staat voor of past bij het gevoel, de houding, de woorden… En misschien kan je dat teken of symbool wel in een beeldje, sieraad, tekening of iets dergelijks vangen, en er dan voor zorgen dat je dat symbolische symbool vaak tegenkomt…

Doorleven hoe het dan kan zijn

In deze oefening gaat A begeleiden bij het door B doorleven van hoe het anders zou kunnen zijn bij het volgen van het verkregen antwoord.

Instructie

A Act:

  • Lees de tekst exact voor zoals deze er staat, met een rustige stem.
  • Gebruik de manual van B.
  • Geef na het voorlezen van de tekst tijd en ruimte aan B om te doorvoelen. Spreek vooraf een teken af waarmee B kan aangeven dat B klaar is.
  • Bij puntjes (…) kan je even rustig 1001, 1002, 1003 tellen, voordat je verder gaat.

B Be:

  • Geef je manual aan A zodat je jouw antwoord kan doorvoelen.
  • Wees gewoon jezelf, luister naar de tekst, keer naar binnen en voel wat je voelt en ervaar wat je ervaart, voor jezelf. Het is niet nodig om antwoorden te geven. Wel is het handig dat je knikt wanneer je voor jezelf klaar bent, zodat A weet dat de volgende stap genomen kan worden.

C See:

  • Vindt de BMIR’s waaraan je ziet dat B voldoende tijd en ruimte krijgt.
  • Zie wat er nog meer gebeurt.

De Niveau’s van Robert Dilts

A: neem de gekozen kern van B hieronder (letterlijk) over:

…………………………………………………………………………………………………………

A: Stel je voor… dat jouw belangrijkste doel in het leven…, de reden van jouw bestaan… (het/de) [kern] is…, en dat je daar gesteund in wordt door alles…, en het grote geheel…, Wie of wat ben je dan…? [wacht op teken].

A: Wat is er, gesteund door (het/de) [kern], dan belangrijk voor jou…? [wacht op teken. Je kan de wachttijd opvullen met: ”… voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…]

A: Gesteund door (het/de) [kern] en wat er dan belangrijk is, wat geloof je dan…? [wacht op teken. Eventueel ”… voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…]

A: Gesteund door (het/de) [kern] wat er dan belangrijk is, wat je dan gelooft, wat kan je dan…? [wacht op teken. Eventueel ”… voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…]

A: Gesteund door (het/de) [kern], wat belangrijk is, wat je gelooft, wat je kan, wat doe je dan…? [wacht op teken. Eventueel ”… voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…]

A: Hoe ziet het er dan uit…? [geef ruimte en rust. Eventueel “… voel wat je voelt…, ervaar wat je ervaart…, merk wat er verandert is…”]

A: Dank je wel…

[Einde oefening; geef de manual terug, en wissel van rol]

Posted by Rutger in NLP handleiding

Waarnemen en kalibreren

Hoe vaak komt de letter ‘F’ voor in de volgende tekst:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Wat staat hier:

Vlgones een sduite aan een elgnese unvirestiet mkaat het neit uit in wlke vlgrodoe de lttrees in een wrood satan, het eigne dat blagnrijek is, is dat de ersete en de ltaatse ltteer op de gdoee palats satan. De rset kann ttaaol oiznn zjin maar tcoh kun je het geod leezn. Dit kmot dradoot we neit ltteer voor ltteer arpat lzeen maar wodoren in zjin gheeel.

Kan je dit lezen:

D323 M3D3D3L1NG L44T J3 213N T0T W3LK3 GR0T3 PR35T4T135 0N23 H3R53N5N 1N 5T44T 21JN. 1N H3T 83G1N W45 H3T 23K3R N0G M031L1JK D323 T3K5T T3 L323N, M44R NU K4N J3 H3T W44R5CH1JNL1JK 4L W4T 5N3LL3R L323N 20ND3R J3 3CHT 1N T3 5P4NN3N. D4T K0MT D00R H3T 3N0RM3 L33RV3RM0G3N V4N 0N23 H3R53N5. KN4P H3? D323 M3D3D3L1NG M4G J3 K0P13R3N 3N V3RD3R V3R5PR31D3N.

Onze waarneming

Hoeveel vaak komt de ‘f’ voor volgens jouw telling? De meeste mensen tellen er 16 of 17. Maar het zijn er meer:

FINISHED FILES ARE THE EFFECTIVE RESULTS OF YEARS OF SCIENTIFIC STUDY COMBINED WITH EXPERIENCE OF YEARS OF TRUTHFUL WORK AND OF INTENSIVE REFLECTION FROM AN AWFUL LOT OF FRIENDS AND FAMOUS SCIENTISTS, WHO FAILED TO FOCUS ON FAILURES, BUT CONCENTRATED ON FAITHFUL FACTS.

Het zijn er 23! Vooral het woordje ‘OF’ wordt vaak gemist. Er zit dus iets raars in ons waarnemen. Zelfs wanneer we ons concentreren, zien we niet alles…

En wanneer je het 2e stukje las als ‘Volgens een studie aan een Engelse universiteit…’, dan was je niet aan het waarnemen, maar dan was je de letters die er staan aan het vervormen tot woorden zoals je ze kent. Je leest dan iets wat er feitelijk niet staat. Wanneer dat stukje in een taal was geschreven die je niet kende, dan had je wel letterlijk de letters uitgesproken zoals ze er stonden. We verbinden onze waarneming aan wat we in het verleden hebben geleerd. We zien iets en proberen het onbewust te duiden. We zien niet wat er staat, we zien wat we kennen.

Het derde stukje laat je zien hoe snel dit proces gaat, hoe flexibel je hersenen zijn om snel te leren en uit het feitelijke waarnemen naar betekenis gaan.

Belangrijk NLP uitgangspunt: Ons sterkste instinct is niet de ‘will to survive’ maar onze drang om dingen vertrouwd te maken (‘will to make things familiar’).

Het zintuigensysteem

Wij nemen de wereld feitelijk waar door gebruik te maken van onze 5 zintuigen:

  • Ogen kijken (Visueel)

    Zintuigensysteem en waarnemen

    Zintuigensysteem en waarnemen

  • Oren luisteren (Auditief)
  • Lichaam voelt (Kinestetisch)
  • Neus ruikt (Olfactoir)
  • Mond proeft (Gustatoir)

Voor het gemak worden deze zintuiglijke systemen in NLP veelal afgekort tot: V A K O/G.

Omdat we naast waarnemen ook denken (tegen ons zelf praten) wordt er verschil gemaakt tussen Auditief tonaal (At: luisteren met je oren) en Auditief digitaal (Ad: tegen je zelf praten).

Ook wordt er onderscheid gemaakt tussen de verschillende manieren waarop je kan voelen (Kinestetisch):

  • Tactiel: voelen aan de buitenkant; waarnemen buiten jezelf
  • Proprioceptief: voelen aan de binnenkant; waarnemen binnen jezelf
  • META: waarde bepalende gevoelens en emoties

NLP stelt dat ieder mens een bepaalde voorkeur heeft bij de inzet van de zintuigen (V-A-K-O-G-Ad). Sommige zintuigen zijn beter ontwikkeld dan de andere. Dat is per mens verschillend, en aangezien zintuigen te trainen zijn, is het geen vastgesteld gegeven, en kan het per situatie verschillen.

Het primaire voorkeurssysteem van waarnemen (V A K O/G Ad) herkennen bij een ander is handig om beter contact te maken. Je kan het primaire voorkeursysteem bij een ander herkennen door:

  • Te luisteren naar de woorden die de ander gebruikt (predicaten)
  • Te kijken naar de lichaamshouding (fysiologie)
  • Te kijken naar de oogpatronen

Dit worden ook wel de accessing cues (toegangsignalen en –aanwijzingen) genoemd.

VAKOGAd overzicht

V – Visueel, zien

A – Auditief, horen

At – Auditief tonaal, luisteren

Ad – Auditief digitaal, praten tegen jezelf, ‘denken’

K – Kinestetisch, voelen

Kt – Kinestetisch tactiel, voelen aan de buitenkant

Kp – Kinestetisch proprioceptief, voelen aan de binnenkant

Km – Kinestetisch meta, waarde bepalend of emotie

O – Olfactior, ruiken

G – Gustatoir, proeven

Lead system (zoeksysteem)

NLP stelt dat iedereen een zintuiglijk weergavesysteem heeft waarmee iemand zich richt op een innerlijke ervaring, of een herinnerde ervaring opzoekt.

Als voorbeeld:

Zoek naar een ervaring waarin je zeker was van jezelf. Qua volgordelijke stappen kan je eerst een beeld ZIEN (visuele “lead”) van die ervaring, om je vervolgens te herinneren welke gevoelens horen bij dat moment van zekerheid (kinestetische weergave).

Dit lead system is met de oogpatronen goed te herkennen.

Synesthesie

Synesthesie is een proces waarbij de weergave in het ene zintuigensysteem direct een ervaring oproept in een ander zintuigensysteem. Beide systemen overlappen elkaar. Bijvoorbeeld wanneer je het geluid hoort van een krijtje over een schoolbord en direct de rillingen over je rug voelt lopen.

BMIR’s – Behavioral Manifestations of Internal Representation

BMIR’s zijn (minimale) non-verbale en verbale toegangssignalen die in verbinding staan met onze zintuigen, de VAKOGAd. Door te letten op BMIR’s kan je beter afleiden wat er bij de ander gebeurt. Het is daarbij belangrijk in de gaten te houden dat ieder mens uniek is; niemand heeft gelijke BMIR’s. Voordat je dus betekenis mag en kan geven aan de BMIR’s die je waarneemt moet je onderzoeken wat een BMIR specifiek bij iemand betekent (dat proces van afstemmen heet kalibreren).

In een gesprek letten op veranderingen in fysiologie en stem (kijken en luisteren) geeft je inzicht in het interne proces bij de ander. Je wellicht niet zien WAT er gebeurt, maar wel DAT er wat gebeurt.

Visuele BMIR’s – wat je kan zien veranderen

  • Spierspanning in het gezicht
  • Vochtigheid van de huid
  • Kleur(verandering) van het gelaat
  • Onderlip (grootte en kleur)
  • Oogbewegingen
  • Grootte van de pupil
  • Schuine stand van het hoofd
  • Ademhaling: plaats, snelheid, diepte
  • Houding
  • Hoek van de ruggengraat (hoofd, nek, schouders)
  • Arm -, hand- en vingergebaren
  • Verdeling van gewicht
  • Gezichtsuitdrukking, wenkbrauwen, kaken, mond

Auditieve BMIR’s – wat je kan horen veranderen

  • Toon
  • Tempo
  • Plaats
  • Hoogte
  • Volume
  • Ritme
  • Pauzes
  • Predicaten
  • Warmte
  • Intonatie en intonatiepatronen

Kalibreren

Wanneer je iets ziet of hoort bij iemand, en je wilt ontdekken wat dat betekent, dan noemt NLP dat proces van onderzoeken en afstemmen ‘kalibreren’. Wanneer je niet kalibreert, en BMIR’s een betekenis geeft ‘omdat dat meestal zo is’, dan ben je aan het gedachtelezen, of mindreaden. Omdat iedereen unieke BMIR’s heeft, is het proces van kalibreren erg belangrijk om feitelijk te blijven bij wat er gebeurt bij de ander in plaats van niet verder te komen dan wat jij denkt dat er gebeurt bij de ander.

Kalibreren is het ontdekken van toegangsignalen. In de basis is het een vermogen (vaardigheid) om verschillen te kunnen zien en/of horen. Om onderscheid te kunnen maken is het noodzakelijk tenminste 2 zijnstoestanden waar te nemen.

  • Een enkel signaal is een voorval zonder betekenis
  • 2 dezelfde signalen is toeval
  • 3 dezelfde signalen is een patroon (kalibratie)

Oefening waarnemen of gedachtelezen

Ga bij de volgende uitspraken voor jezelf na of het iets is wat je feitelijk ziet, of dat een een mening/waardeoordeel is:

  • Je ziet hem opgelucht adem halen.
  • Je kon zien dat ze niet tevreden was.
  • Ze stond ontspannen te presenteren.
  • Als hij praat beweegt hij met zijn handen.
  • Hij fronste terwijl hij naar beneden keek.
  • Hij fronste zijn wenkbrauwen om te laten zien dat hij twijfelde aan haar woorden.
  • Ze keek schichtig om zich heen.
  • Zijn stem trilde en klonk nerveus.
  • Terwijl hij praatte bewoog zijn hoofd.
  • Hij bloosde van schaamte.
  • Hij vind mij niet aardig want hij kijkt telkens weg als ik hem aankijk.
  • Hij schudde zijn hoofd dus was het er niet mee eens.
  • Zij knikte want ze is het er mee eens.
  • De Italiaan was erg tevreden; hij maakte een rondje met duim en wijsvinger: perfect!
  • De ene Griek vond het goed, hij zei “Ohkee.”. De andere niet, hij zei “Nee.”.
  • Zij gaat het doen, ze zei “Ja, ik doe het wel.”.
  • De Pakistaan schudde zijn hoofd, dus bedoelde nee.
  • De Arabier gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De Japanner gaf geen hand aan de mevrouw, hij had geen respect.
  • De flipover heeft witte bladen van papier.

Klik hier voor een antwoordindicatie.

Dus:

WAARNEMING -> Betekenis geven -> MINDREAD

Feitelijk en objectief -> Betekenis geven -> Jouw werkelijkheid en subjectief

Werkelijkheid -> Betekenis geven -> Waardeoordeel en overtuiging

Accessing cues – toegangsignalen en -aanwijzingen

Overzicht BMIR’s (generaliserende mindreads)

Visueel Auditief (At en Ad) Kinestetisch (K en O/G)
Ademhaling Hoog, snel, onregelmatig Middenrif Diepe buikademhaling, langzamer
Gezichtsuitdrukking Ogen dichtknijpen Gefronste wenkbrauwen Ontspannen spieren
Stem Hoge neusklanken Stiltes, afgemeten, nadrukkelijk Laag, vanuit de adem
Tempo Snel, opgewonden Ritmisch Langzamer
Houding Rechte rug, kin omhoog Hoofd naar rechts beneden gebogen Hoofd naar links beneden, rug iets in elkaar gezakt
Gebaren Naar boven wijzen, in de ogen wrijven Kin in hand, rond oren wijzen Handen op de buik leggen, denkbeeldige handelingen uitvoeren

Eye accessing cues (oogpatronen)

In het diagram hieronder kan je de oogpatronen van iemand afleiden. Het is zo getekend alsof dit het gezicht is van iemand die jou aankijkt. De oogpatronen hieronder gelden voor de meeste rechtshandige mensen (standaard georganiseerd mens).

LET OP: KALIBREREN IS BELANGRIJK!

Eye accessing cues (oogpatronen)

Eye accessing cues (oogpatronen)

De ogen kunnen ook recht vooruit staan, uit focus (down-time; intern gericht), al dan niet met vergrote pupillen. Dat duidt op snelle toegang naar (directe) zintuiglijke informatie, voornamelijk visueel.

  • VC: visueel geconstrueerde beelden (ogen op recht); vaag, flitsend, duidelijk verbeelden, heldere toekomst
  • VR: visueel herinnerde beelden (omhoog verlaten ogen); fotografisch geheugen, totale herinnering, toekomstvisie, schitterend perspectief, opnieuw bekijken, kleurrijk geheugen.
  • ACt: Auditief geconstrueerde geluiden of woorden, tonaal (ogen horizontaal en aan het recht); repeteren, woorden zeggen.
  • ARt: Auditieve herinnerde geluiden of woorden (ogen horizontaal en aan de linkerzijde); woorden herhalen die gehoord zijn.
  • K: Kinestetische sensaties en gevoel (intern en extern, ook reuk en smaak, ogen onderaan recht); voelen, aanraken, warm, soepele tred, kietelen.
  • AD: Auditieve geluiden of woorden (ogen onderaan de linkerzijde); interne dialoog, praten tegen jezelf, “aha”

Vragen stellen om oogpatronen te kalibreren

VR

  • Welke kleur heeft je favoriete boek?
  • Welke kleur heeft het huis van de buren?
  • Is er een ronde tafel in je huis?

VC

  • Hoe ziet een zebra eruit met paars/oranje haar?
  • Hoe ziet een mier eruit met roze sokjes aan?
  • Wat ga je morgen doen?

AR

  • Hoe klinkt je favoriete instrument?
  • Hoe klinkt volledige rust en stilte?
  • Wat klinkt harder: jouw deurbel of een claxon?

AC

  • Hoe klinkt een piepende muis in een windtunnel?
  • Hoe zou een dweilorkest klinken op Mars?
  • Hoe klinkt mijn stem, als ik zou praten zoals Mickey Mouse?

AD

  • Hoe doe jij de dingen ‘s ochtends?
  • Wat zeg je tegen jezelf als je thuiskomt?
  • Hoe poets jij je tanden?

K

  • Hoe voelt het als je in de zon ligt?
  • Hoe voelt je rechtervoet aan als die slaapt?
  • Welke sok zit beter, die van je rechter- of van je linkervoet?

Bij onduidelijke oogpatronen kan je meer gedetailleerde vragen stellen. Vooral vragen met een vergelijking of contrast: Welke … is (vergelijking), … of …? Bijvoorbeeld Welke kleur is donkerder, bastogne- of ontbijtkoek?

Oefening Vragen om oogpatronen te kalibreren

Geef aan of de onderstaande vragen Vc, Vr, Ac, Ar, K (O,G) of Ad zijn

  • Hoe zou je huis er uit zien met roze verf?
  • Welke kleur had het haar van je moeder, toen je haar voor het laatst zag?
  • Ben jij je bewust van deze vraag?
  • Hoe gaat de melodie van je favoriete lied?
  • En hoe zou je favoriete lied klinken met kerstklokken op de achtergrond?
  • Hoe voelen smeltende sneeuwballen in je hand?
  • Wat zeg je nu tegen jezelf?
  • Hoeveel ramen heeft je huis?
  • Hoe klinkt een muntje dat op straat valt?
  • Hoe klinkt een grote sneeuwbui die in zee valt?
  • Hoe zou jij er uit zien met haar van goud?
  • Heb je voor meer ramen dan achter?
  • Wat zou beter zijn: je huis paars met witte stippen, of met rode strepen?
  • Welke kleur heeft je voordeur?
  • Wat zeg jij tegen jezelf net voordat je de fiets neemt?
  • Heb je een ronde spiegel in huis?
  • Hoe klinkt de zee?
  • Hoe zag vorig jaar de leukste kerstkaart er uit?
  • Hoe klinkt Donald Duck nadat hij een ballon met helium heeft ingeademd?
  • Hoe zal het voelen om op de maan te dansen?
  • Hoe smaakt je favoriete eten?
  • Hoe ziet de kaft van je favoritete boek er uit?
  • Hoe klinkt een krijtje op een schoolbord?
  • Hoe smaakt een grote hap watten?
  • Wat zeg jij tegen jezelf wanneer je een complimentje krijgt?
  • Wat zeg je tegen jezelf wanneer je voor de koelkast staat?
  • Wat vindt je van deze vragen?
  • Realiseer jij je wat hier nu gebeurd?
  • Hoe zie jij er uit als een teletubbie?
  • Hoe zou je kamer er uit zien wanneer deze blauw was?
  • Welke kleur had de kamer waar je bent opgegroeid?
  • Wat was het laatste wat ik gezegd heb?
  • Hoe voelt het wanneer je in een plas stampt?

Speciale oogwaarnemingen

  • Je kan aan de ogen zien of iemand ‘naar binnen gekeerd is’. Dat is het moment om ruimte voor nadenken te geven, of suggesties te geven (korte trance-staat).
  • Je kan aan de ogen zien waar iemand naartoe kijkt (richting) wanneer deze zich iets voorstelt: ver weg, dichtbij, hoog, laag etc.
  • TransDerivational Search (TDS): verwilderde oogpatronen, geeft aan dat iemand informatie zoekt, in verwarring is, en/of probeert betekenis te geven. Checken of na de TDS de informatie is gevonden, dan wel betekenis is gegeven kan handig zijn. Wederom een goed moment voor suggesties (korte trance-staat). Merk wat er gebeurt:
    • Je doet het weer, of niet soms…?
    • Misschien denk je aan de gedachten die je gisteren had…?
    • De vele kleuren die fruit kan hebben…
    • Er zijn leuke momenten geweest, nietwaar…?
    • Je bent nog iets vergeten, nietwaar…?
    • Wat is het dat je nu niet kan herinneren…?
    • Jij kan je beseffen dat je nu met een glimlach is altijd leuk…
    • Rijk zijn is een staat zijn zegt het woordenboek…
Posted by Rutger in NLP handleiding

Van zwart wit denken naar nuance en terug

Wanneer iemand in zwart wit denkt, in 0 en 1, ja of nee, goed of fout, en je wilt naar neer nuance, kan je de vraag stellen als: “En op een schaal van 0 tot 100?” of een tegenvoorbeeld geven wat naar een meer ondersteunende beleving leidt. Dit brengt direct schakeringen aan in het denken. Vanuit de nuance kan je vervolgens geleid komen tot een nieuwe (meer ondersteunende) conclusie. En wanneer je deze grijstinten vervolgens tot een voorbereide en gewenste conclusie brengt, haal je de schakeringen er weer uit, en laat je het zwart wit denken weer bestaan, waarmee je een beperkende overtuiging kan vervangen door een ondersteunende overtuiging.

Let op: zwart wit of nuance denken zie je ook terug in de submodaliteiten van het betreffende onderwerp: twee aparte plekken of een lijn met een geleidende schaal. Eigenlijk doet de vraag zoals die hiervoor is beschreven niets anders dan tussenplekken (0 tot 100) creëren tussen de twee uitersten. Ondersteuning met gebaren, wijzen, tussenruimte om meer ‘smaken’ te laten ontstaan, of wanneer je vanuit de keuze wilt beperken weer teruggaan naar twee handen waarop je de keuze presenteert.

Voorbeeld van zwart wit denken naar nuance naar zwart wit denken:

Kind: “Ik kan nog niet lezen.”
NLP Master: “Maar je kan de letters van je naam toch herkennen?”
Kind: “Ja.”
NLP Master: “Dus je kan al wel een beetje lezen.”
Kind: “Ja.”
NLP Master: “Dus je kan al lezen.”

Posted by Rutger in NLP handleiding

Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP): Realiseer resultaten

Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP) gaat over het realiseren van resultaten.

NLP gaat over het proces van resultaten bereiken.

NLP gaat over het kiezen van de resultaten die jij wilt bereiken, en vervolgens over hoe je kan zorgen om die resultaten die je gekozen hebt te bereiken.

NLP kijkt daarbij naar anderen die vergelijkbare resultaten hebben bereikt, en modelleert het proces dat die eerder zeer succesvolle persoon (voor wat betreft dit specifieke resultaat) heeft gevolgd om tot dit excellente resultaat te komen.

NLP schrijft niets voor. NLP gaat over het proces van resultaten halen. En het proces staat los van het gewenste resultaat. NLP wil het proces naar het resultaat zo effectief mogelijk en efficiënt mogelijk laten zijn.

NLP laat je eerst op hoog niveau de locus-of-control nemen. Vervolgens een methode toepassen om te leren van anderen hoe je jouw resultaten gemakkelijker kan bereiken. En uit die methode volgen vervolgens specifieke recepten, NLP technieken, om een specifiek resultaat te bereiken.

Wanneer je NLP wilt leren, wanneer je wilt leren om resultaten te realiseren, dan is het goed om je eerst een beeld te vormen van wat NLP is, en inhoudt. Lees over NLP, ga eens in gesprek met iemand die een NLP opleiding heeft gedaan. Koop een boek (ik kan je “Je ongekende vermogens” van Anthony Robbins van harte aanbevelen vanwege de compleetheid, alhoewel de schrijfstijl redelijk ‘Walhalla’ is), lees het door, pik dingen uit het boek en probeer ze uit.

Wanneer je dat hebt gedaan, en je wilt meer, dan kan je kiezen voor een NLP opleiding. Of misschien een introductietraining in NLP waar je snel en eenvoudig vaardigheden leert die je overal kan inzetten. Er zijn veel opleidingsinstituten die een dergelijke introductie aanbieden, goedkoop en soms zelfs gratis, in de hoop dat je daarna verder gaat bij dat opleidingsinstituut.

Er zijn drie formele opleidingen in NLP:

  • een NLP Practitioner, waar je leert om de locus-of-control te nemen en je leert om NLP technieken uit te voeren. Een fijne opleiding waar je direct aan de slag gaat, en waar je ontdekt dat NLP vooral in het doen zit. NLP is niet iets om over te denken, om te beschouwen, maar om te doen. Het is een vaardigheid. Je zal ontdekken dat een begeleide training beter werkt dan het enkel lezen.
  • een NLP Master Practitioner, waar je leert om diepere en bredere veranderingen te bewerkstelligen, veranderingen die je nodig hebt om net zoals het rolmodel succesvol te zijn in de resultaten die jij wilt. Bovendien leer je zelf te modelleren, oftewel zelf NLP technieken uit te ontwikkelen, die op zich staande trainingen kunnen worden in een specifieke vaardigheid om een bepaald doel te bereiken.
  • een NLP Trainer opleiding, waarin je handvatten en tools krijgt (NLP technieken) die gericht zijn op het overbrengen van NLP. Eigenlijk is de NLP Trainer opleiding een opleiding op NLP Practitioner niveau (je leert technieken uit te voeren), en zou je als NLP Master zelf al in staat zijn om een goede NLP trainer te modelleren.

Na de opleiding is het aan jou om verder te gaan, op je eigen benen te gaan staan; de opleidingen zijn enkel een training waarin zaadjes van vaardigheden wordt geplant, vaardigheden die regelmatige oefening en verdieping nodig hebben.

Posted by Rutger in NLP handleiding

PQ4R studiemethode

De PQ4R studiemethode dankt haar naam aan de eerste letters van de 6 (volgens deze methode) te doorlopen stappen. 6 stappen die in het Engels de volgende namen hebben:

  1. Preview: blik vooruit. Bekijk het materiaal vluchtig, lees de inhoudsopgave, de koppen, het voorwoord en dergelijke. Bekijk het globaal zodat je het grote idee, de belangrijkste onderwerpen en thema’s kan identificeren.
  2. Question: stel vragen. Maak een fysieke lijst van de vragen die komen opborrelen tijdens het doorkijken (vorige stap) van het materiaal.
  3. Read: lees. A) Lees het materiaal en beantwoord de vragen die je in de vorige fase hebt opgeschreven. B) Nieuwe vragen zullen opkomen, leg ze vast en beantwoord ze door te lezen.
  4. Reflect: reflecteer. Denk na over wat je hebt gelezen. Bedenk ondersteunende voorbeelden. Bedenk waar je in je eigen ervaring deze kennis had kunnen of kan toepassen.
  5. Recite: opsommen. Leg de kernpunten vast in je eigen woorden.
  6. Review: terugblik. Herhaal de vragen en antwoorden. Herhaal het globale idee, de hoofdonderwerpen en -thema’s.

Door deze stappen aan te houden, te doorlopen, heb je een methode om op een georganiseerde manier te studeren, te leren en te onthouden.

Posted by Rutger in NLP handleiding