Menu +

NLP artikelen zoeken

Plan je dag voor maximaal effect

Valeriaan
Valeriaan

In de 18e eeuw was de Valeriaan onderwerp van gesprek. Deze bloem opent in de ochtend, en sluit zich wanneer de zon weer onder gaat. De discussie ging er over of de bloem reageerde op de zon, of dat de bloem een soort interne klok heeft, die de bloem opent en sluit. Een simpel experiment, de bloem werd in een lichtdichte omgeving gezet en in de middag werd gekeken of de bloemen open waren (en ja, de bloem was open), toonde aan dat de bloem over een interne klok beschikt. En zo een interne klok, dat hebben wij ook. Een dagelijkse klok die natuurlijke en biologische responses geeft, afhankelijk van de tijd van de dag: een slaap-wakker ritme, maar ook ademhaling, lichaamstemperatuur, bloeddruk, er zijn inmiddels ruim 100 van deze dagelijkse ritmes in ons lijf ontdekt.

Wanneer je er een goede gewoonte van maakt om je dag te plannen (of wanneer je een dagprogramma ontwerpt voor een training, presentatie, heisessie, whatever), misschien doordat je time-management goeroe je vertelt dat dit handig is (Stephen Covey bijvoorbeeld, maar ook een David Allen) dan zijn er een paar zaken waar je rekening mee wilt houden. Je hebt een soort dagelijks ritme dat er voor zorgt dat je op bepaalde delen van een dag beter presteert op bepaalde vlakken en op andere delen van een dag weer op andere vlakken. Door hier rekening mee te houden in je planning kan je meer bereiken met minder moeite.

Effect 1: Lezen of leren?

Gedurende de dag is er geen verschil in je vaardigheid om informatie op te halen, te herinneren. Je hebt dus de hele dag dezelfde vaardigheid en mogelijkheid om informatie op te halen. ’s Ochtends of ’s avonds: je kan alle informatie even gemakkelijk ophalen.

Wel is er een groot verschil in het opslaan van informatie (het leereffect):

  • Wat je ’s ochtends leest (en opslaat), is sneller beschikbaar (minder herhaling nodig) en slechts kortdurend. Wat je leest kan je dus vrijwel direct inzetten, maar je leert het niet: een week later weet je het niet meer. Je zogenoemde korte-termijn geheugen werkt het best in de ochtend, en neemt gaandeweg de dag af. Er zijn nog twee oplevingen in je korte termijn geheugen: tijdens de lunch-dip (het uur nadat je gelunched hebt) en een uur na het avondeten. Taken die leeswerk omvatten, waar je gelijk mee aan de slag kan en die je niet hoeft te leren (enkel korte termijn onthouden), kan je dus het beste zo vroeg mogelijk plannen: je email verwerken, inlezen voor vergaderingen, het vergaderen zelf, het uitwerken van vergaderingen, standaardwerk, routine, makkelijke taken etc.
  • Wat je ’s avonds leest (en opslaat), is minder snel (direct) beschikbaar (meer herhaling nodig) en die extra moeite wordt beloond met een langdurig retentie-effect (langdurig onthouden). Je lange termijn geheugen heeft een beetje een ochtendhumeur en opstartproblemen, en verbetert zich gaandeweg de dag. Taken die echt lange termijn leren inhouden kan je dus het beste naar achteren schuiven: studeren, maar ook het oefenen van vaardigheden en persoonlijke ontwikkeling, alles waar je niet een kortdurend maar een langdurig effect wilt zien.
  • Uit wetenschappelijke experimenten met mensen die in ploegendiensten werken blijkt dat echt het daglichtritme is dat dit effect bepaald, en niet je slaapritme. Het zou dus gaan dus echt om ochtend/middag/avond en niet om je beleving van net-wakker/bijna-slapen. Er is onderzoek dat suggereert dat dit effect wordt veroorzaakt door (of correleert met) je lichaamstemperatuur die rond 05:00 uur op zijn laagst is, vervolgens langzaam stijgt naar een maximum (individueel bepaald, en voor de meeste mensen rond 16:00 uur) wat een patroon is dat niet wordt beïnvloed door korte termijn wijzigingen zoals ploegendiensten.

Kortom, wanneer je een dag plant dan plan je uitvoerende taken waar je informatie snel wilt bewerken en dan weer vergeten vroeg op de dag, en tactische en strategische taken waar je informatie wilt opdoen die langere tijd van belang is later op de dag.

Nog korter? Voer je taken uit in volgorde van LEZEN naar LEREN (voel het verschil).

 

Effect 2: Jouw optimale prestatie tijdstip

Er is veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar prestaties in een dagritme. Bijvoorbeeld door Klein, die in 2001 en 2004 uitgebreide onderzoeken heeft gepubliceerd over verschillen in prestatie gedurende de dag. Hieronder enkele van de conclusies van hem en anderen, groepsgewijs:

  • Het blijkt dat rechtshandigen het best presteren (overall) in de ochtend, en linkshandigen juist het best presteren in de middag. Wanneer je rechtshandig bent plan je jouw belangrijkste taken dus in de ochtend, en ben je linkshandig dan plan je jouw belangrijkste taken het beste in de middag.
  • Jonge kinderen (op de basisschool) zijn het snelst afgeleid in de ochtend, terwijl oudere kinderen (voortgezet onderwijs) zich juist ’s ochtends beter kunnen concentreren.
  • Hoogbegaafden presteren in het algemeen het beste in de middag.
  • Kinderen met leesproblemen presteren beter (met lezen) in de middag.
  • Leesonderwijs in de middag leidt tot betere resultaten dan leesonderwijs in de ochtend. De crux hierbij is dat lezen een vaardigheid is die je over een langere periode leert, dus een vaardigheid is die het meeste baat heeft bij het lange-termijn geheugen.
  • Wiskunde onderwijs blijkt minder (maar toch enigszins) dagritme gerelateerd. De gedachte is dat een vaardigheid die meer gebaseerd is op inzicht het beste in de ochtend kan worden geoefend in detail (echt sommen maken), om in de middag de inzichten, ideeën en concepten te behandelen.

Maar ook de persoonlijke voorkeur speelt een grote rol: er is een grote deviatie binnen de groep. Iedereen heeft een individueel optimaal prestatietijdstip op een dag, en voor het beste resultaat volg je jouw eigen voorkeur.

  • Het individuele optimale prestatie tijdstip is bekend bij de proefpersoon, als onbewuste voorkeur. “Ben je een ochtendmens, middagmens of avondmens? Wanneer doe je deze taak het liefste?” zijn vragen die zijn gebruikt in sommige onderzoeken om het optimum te bepalen. In enkele onderzoeken is dit weer afgezet tegen een fysiek bewijsbaar bioritme, en beiden bleken te correleren. Het lijkt er dus op dat simpelweg het volgen van je persoonlijke voorkeur (de dingen doen wanneer jij er het meest zin in hebt) leidt tot betere resultaten.
  • Uit onderzoek is gebleken dat een goede voorspeller van het optimale prestatie tijdstip je lichaamstemperatuur is. Deze is het laagst rond 05:00 uur, en stijgt dan naar een maximum (dat wel 2 graden hoger kan liggen), om vervolgens weer te dalen. Bij sommige mensen ligt het tijdstip van de maximumtemperatuur om 11:00 uur, bij anderen pas om 20:00 uur. Gemiddeld is ligt het rond 16:00 uur.
  • In een situatie waar sprake is van een leider en volgers (een leersituatie met een docent en studenten, of een werkoverleg met manager en deelnemers, elke groepsgewijze aanpak) dan wordt de beste (groeps-)prestatie gehaald indien het ritme van de leider wordt gevolgd. Dus wanneer de studenten of deelnemers het ritme van de docent of de manager volgen.
  • Aansluiten bij het individuele voorkeurdagritme is niet gerommel in de marge, het heeft een groot effect: proefpersonen scoorden 6 IQ punten hoger op een IQ test indien deze werd afgenomen tijdens het individuele optimale tijdstip. Ook heeft iedereen er belang bij: 98% van de leerlingen in een onderzoek van Virostko haalden betere resultaten nadat de te leren stof werd aangeboden op hun individuele optimale tijdstip.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.