Menu +

NLP artikelen zoeken

Soorten ankers

Normaal anker
Enkele stemming, door één (VAKOG) prikkel (stimulus) weer op te roepen.

Veiligheidsanker
Veiligheidsanker wordt gemaakt voordat er een techniek wordt gebruikt waarin gewerkt wordt met een negatieve ervaring. Het veiligheidsanker wordt gebruikt, wanneer het contact met een negatieve ervaring te intens wordt. Zo intens dat je direct het contact met die negatieve ervaring wilt verbreken. Onder het veiligheidsanker moet een heel krachtige stemming zitten. Eén waarvan je zeker bent dat het alle veiligheid biedt. Daarom heet het ook wel een ontsnappingsanker (een bail-out)

Kies of creëer een stemming/ervaring waarbij/waarin jij je absoluut veilig voelt of kies een hele sterke positieve stemming/ervaring. Het anker plaatsen gebeurt zoals een normaal anker; alleen vanwege de specifieke toepassing wordt dit onderscheid gemaakt.

Stapelen, versterken met sliding, refractioning en submodaliteiten: zorg voor een krachtig veiligheidsanker!

Bij een veiligheidsanker wil je soms de zogenoemde “Seperator state” gebruiken. In deze staat dissocieer je van de ongewenste situatie. Geassocieerd is het soms lastiger om te achterhalen welke krachtige hulpbron(nen) nodig zijn om de ongewenste ervaring te veranderen.

Stapelanker
Meerdere stemmingen, ervaringen, staten, emoties in dezelfde stimulans levert een cumulatief effect. Je stapelt het op elkaar op dezelfde plek, door de individuele, al dan niet verschillende) stemmingen/ervaringen/staten/emoties uit te vragen, en deze na elkaar op gelijke wijze te stapelen.

Doordat stapelen kan, kan je ook in 1 staat meerdere keren ankeren. Bijvoorbeeld, een visueel iemand die gelijk in de ervaring zit: ankeren, en daarna de ervaring versterken met submodaliteiten, en nogmaals ankeren.

Je kan eenvoudig, in het levendig maken, testen of een wijziging op de submodaliteiten helderheid, scherpte, geassocieerd/gedissocieerd en afstand de hulpbron beter maakt. Sterker laten beleven doe je alleen met positieve gevoelens en hulpbronnen!

Je kan ook iemand uitnodigen om de ervaring meerdere keren te laten herbeleven. Dit heet refractioning, en is een manier om de staat te verdiepen, nog intenser te maken. Elke keer ankeren (stapelen) bij refractioning, levert een “goed opgeladen” anker

Plaatsanker
De plaats waar je staat of zit, de locatie waar je bent, kan ook een anker zijn. Verplaatsen (afstand nemen) is niet alleen taalgebruik, het is ook letterlijk te nemen.

Collapsing anker
Dit anker zorgt voor een krachtig wegnemen van ongewenste stemming, ervaring, staat, emotie door deze weg te laten vallen tegen een nog krachtiger positief (stapel-)anker.

Het negatieve versterk je natuurlijk niet, het positieve wel (met de submodaliteiten, en later Milton-patronen).

Voor het beste effect kies je er voor om de tegengestelde ankers links en rechts op het lichaam aan te brengen: linkerhand en rechterhand, linkerschouder en rechterschouder, linkerknie en rechterknie.

Een collapsing anker is ook de manier om een (ongewenst) anker te verwijderen.

Sliding anker
Creëer een anker tijdens het ontstaan van een stemming (korte stimulans voor het hoogtepunt). Behandel dit als een schuif die je open of dicht kan zetten, als een volumeschuif. Versterk de ervaring door woorden als ‘sterker’, ‘meer’ enzovoort.

De richting van de schuif is betekenisvol. 0 is laag of links, 10 (voluit) is hoog of rechts. Wanneer je het tegenover iemand doet: houdt rekening met het omdraaien van links en rechts (voor de kijkers links/rechts).

Enthousiasme en motivatie worden sterker wanneer je de schuif ‘open’ zet. Rust en stilte worden juist beter wanneer je de schuif ‘dicht’ zet.

Doordat je een schuif gebruikt, is het niet nodig om op het hoogtepunt, de piek van de intensiteit, te ankeren. Elke intensiteit is goed, tijdens het ontstaan van de stemming.

Het gebruiken van een sliding anchor is een moment van Leading. Ondersteun de beweging van de schuif, met woorden, toonhoogte, volume, een betekenisvolle blik, geluiden… “En dat gevoel {FIRE ANKER and HOLD}… {SLIDE} sterker… {SLIDE} sterker… {SLIDE} zelfs nog sterker NU. Hoe meer je focust, hoe intenser het gevoel…”

Opmerkingen:
– Wanneer je het gevoel verder wilt versterken dan ‘10’, verplaats het anker naar een nieuwe slide:

Vuur het anker af
Kalibreer op het ontstaan van de stemming, en intensiveer/maximaliseer
“Pak” het anker op, en verplaats het naar een nieuwe plek (anker het ergens anders).

– Normaal gesproken is een schuif lineair georganiseerd: 1 naar 2 is een net zo grote stap als 5 naar 6. Je zou ook een kwadratische ophoging kunnen suggereren, door woorden als “verdubbeling” of “2 keer zo sterk” te gebruiken in plaats van het globalere “meer” of “sterker”, tijdens het ophogen van een eenheid.

Chaining anker
Dit anker wordt gebruikt, wanneer de sprong tussen een ongewenste stemming en gewenste stemming te groot is; waar een collapsing anker geen oplossing biedt.

Stel je voor, op elke vingerknokkel wordt een anker aangelegd. Er zit een logische volgorde in van 1 t/m 5. Bij vingerknokkel 1 wordt het eerste anker aangelegd (huidige of ongewenste situatie). Onder vingerknokkel 2 t/m 4 worden de logisch volgende stappen geankerd om te komen tot de gewenste situatie. Bij de 5de vingerknokkel wordt de gewenste situatie geankerd.

Het afvuren van de ankers doe je door op het eerste anker te drukken. Deze houd je vast, terwijl je het tweede anker afvuurt. Heel geleidelijk laat je het eerste anker los, net zoals bij collapsing (alleen heet het hier chaining). Doe dit tot en met het laatste anker. Herhaal deze stappen totdat bij vingerknokkel 1 direct de gewenste situatie/staat ontstaat.

Dit effect kan ook worden bereikt met plaats ankers.

Oefeningen met speciale NLP ankers

Oefening Stapelanker

Groepjes van 2.

B kiest een hulpbron.

A bepaalt een unieke stimulans bij B (schouder-, hand- of knieaanraking) voor het anker.

A vraag de hulpbron uit, maakt een levendige ervaring. Start visueel, door naar auditief, door naar kinestetisch. Versterk deze staat, deze beleving, met behulp van submodaliteiten. Kalibreer op BMIR’s, en A kiest het juiste moment om het anker te zetten bij B (let goed op: dat kan bij sommige mensen al direct zijn, bij visueel).

A break-state.

A test het anker door het af te vuren. Kalibreer op BMIR’s of de stemming er onder zit.

B kiest een 2e hulpbron.

A vraag de 2e hulpbron uit, maakt een levendige ervaring. Start visueel, door naar auditief, door naar kinestetisch. Versterk deze staat, deze beleving, met behulp van submodaliteiten. Kalibreer op BMIR’s, en A kiest het juiste moment om het anker te zetten bij B (let goed op: dat kan bij sommige mensen al direct zijn, bij visueel).

A break-state.

A test het stapelanker door het af te vuren. Kalibreer op BMIR’s of de stemming er onder zit.

Wissel van rol.

Oefening Collapsing Anchor

Groepjes van 2.

B kiest een negatief gevoel, dat B in de weg zit.

A bepaalt twee unieke stimuli bij B (schouder-, hand- of knieaanraking) voor de ankers, aan weerszijden van het lichaam (links/rechts). Bereid je break-states voor; kies of je eerst een veiligheidsanker gaat zetten.

A eliciteert en ankert het negatieve gevoel LINKS. Break-state.

A test het anker door het (kort) af te vuren, met de vraag:

Dit gevoel, [ANKER AFVUREN] wat zou jou daarbij helpen?

Wanneer het anker goed gezet is, dan noemt B vanzelf (een) hulpbron(nen). Vraag eventueel door naar meer hulpbronnen: “En wat nog meer zou jou helpen?”. Wel BMIR’s, geen hulpbron: gebruik de seperator state (dissocieer B).

A eliciteert, maximaliseert, ankert en test de hulpbron(nen) in een stapelanker RECHTS.

Collapsing:

  • A vuurt negatief anker LINKS af (blijven afvuren),

  • A kalibreert het ontstaan van de negatieve stemming,

  • A vuurt, na het ontstaan van de negatieve stemming, het hulpbronanker RECHTS af (blijven afvuren),

  • A kalibreert een stemmingsverandering,

  • A laat negatief anker LINKS los,

  • A kalibreert een stemmingsverandering,

  • A laat hulpbronanker RECHTS los.

Herhaal eventueel het collapsing totdat er nauwelijks BMIR’s meer zijn.

Test en Future pace

Wissel rol.

Oefening Sliding anker

Groepjes van 2.

B kiest een fijne herinnering.

A bepaalt een unieke stimulans bij B (schouder-, hand- of knieaanraking) voor het sliding anker.

A vraag de herinnering uit, maakt een levendige ervaring. Start visueel, door naar auditief, door naar kinestetisch. Kalibreer op BMIR’s, en A kiest een juist moment om het anker te zetten bij B.

A houdt contact met het anker en suggereert toename of afname, begeleid door de beweging van een ‘schuif’. Kalibreer op BMIR’s. Speel er mee!

Wissel van rol.

Oefening Sliding anchor 2

Uitvragen naar een specifieke emotie, met mindreads, om een stateshift te bewerkstelligen, of met een specifiek gevoel aan de slag te gaan: “Ik weet dat jij herinneringen hebt aan situaties waarin jij je X voelde… [Kalibreer] Kies er maar één… Nee, niet die, een andere…”.

A bepaalt een unieke stimulans bij B (schouder-, hand- of knieaanraking) voor het sliding anker.

A “Ik weet dat jij herinneringen hebt aan situaties waarin jij je vrolijk voelde… [Kalibreer] Kies er maar één… Nee, niet die, een andere…”. Kalibreer op BMIR’s, en A kiest een juist moment om het anker te zetten bij B.

A houdt contact met het anker en suggereert toename of afname, begeleid door de beweging van een ‘schuif’. Kalibreer op BMIR’s. Speel er mee!

Chaining Anker

Chaining anker – Ontwerp

1. Eliciteer de huidige staat en de gewenste staat.

2. Beslis in hoeveel stappen je de overstap van de huidige staat naar de gewenste staat wilt maken.

Huidige staat – tussenstap – tussenstap – tussenstap – resultaat

Om de mate van toepasbaarheid van de tussenstappen te bepalen denk aan:

De richting van de motivatie van elk te nemen stap. Is deze benaderend of vermijdend?

3. Eliciteer elke tussenstap met de elicitatie vraag:

Welke staat ligt halverwege tussen……(staat) en ……(staat). Welke ervoor zorgt dat je je richting (de gewenste staat) beweegt?”

Identificeer en eliciteer staat 3.

Welke staat ligt halverwege tussen de huidige staat en de gewenste staat en zal ervoor zorgen dat je in de richting van de gewenste staat beweegt?”

Identificeer en eliciteer staat 4.

Welke staat ligt halverwege tussen staat 3 en de gewenste staat en zal ervoor zorgen dat je je richting de gewenste staat beweegt?”

Identificeer en eliciteer staat 2.

Welke staat ligt halverwege tussen de huidige staat en staat 3 en zal ervoor zorgen dat je je richting de gewenste staat beweegt?”

4. Schrijf de ketting op en controleer de ecologie.

Chaining Anker – Installatie

Ga er van uit dat je klaar bent met het ontwerp van de ankerketting.

1. Anker staat 2

Break state

2 Anker staat 3

Break state

3 Anker staat 4

Break state

4 Anker de gewenste staat.

Break state

5. Anker de ongewenste staat

Break state

6. Vuur het anker van de ongewenste staat af gevolgd door anker 2, 3, 4 eindigend op de gewenste staat. Indien noodzakelijk herhaal dan deze stappen (duidelijke BMIR’s stemmingswisselingen).

7. Break state aan het einde van de ketting.

Vuur het anker van de ongewenste staat af (zodra de persoon zich associeert met de staat,

laat dan het anker los) en zeg “en doorloop de rest van de ketting”.

8. Test

9. Future pace: “Wanneer je morgen …, hoe voelt dat dan?”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *